donderdag 3 april 2025

Danceparty en Islam in New York


 Hoe kun je nou niet gek zijn op New York? Ik word wakker en zie deze oproep op Insta: kom binnenkort weer dansen in Bryant Park, van Salsa tot Motown, zes keer in twee weken tijd, op de Dance Party. Dat is dus ook op doordeweeksedagen. Het begint om 18.00, er volgt een dansles en swingen maar. Zo heb
ik het ook meegemaakt in de zomermaanden: een evenement begint met de uitnodiging om eerst te picknicken en te chillen en dan ontrolt zich het programma. Rondom 22.00-22.30 is het voorbij. Iedereen naar huis en dan kun je de volgende ochtend weer fris op, naar je werk ofzo.


Op 30 Maart was er een massale Eid Al Fitr gebedsdienst en samenkomst op Washington Square, waar het einde van de Ramadan gevierd wordt. Dit is doorgaans het meest alternatieve hippie-achtige park van New York, van oudsher, het grenst aan Greenwich Village en achter de iconische boog begint 5th Avenue. En het ruikt er naar weed.


 Dát een stad dit faciliteert, dat is in Nederland toch niet denkbaar? Een grote gebedsviering op de Dam of het Malieveld…met ene minister die geen goedkeuring geeft aan lintjes, want dat is het verkeerde signaal in haar niet bestaande asielbeleid. Nee, dan New York, die een voortdurende stroom signalen geeft dat elke cultuur, alle diversiteit van harte hoort in de stad. Elke New Yorker krijgt middels festivals, parades, evenementen, eetculturen enzovoort,  dagelijks met de paplepel binnengegoten dat iedereen een plek onder de zon waardig is. En het is organisch zo gegroeid: NYC-Parks promoot om naar de kersenbloesems te gaan kijken, een Japans cultureel hoogtepunt, maar dat kan alleen omdat ze al lang geleden overal in de stad geplant zijn, een samenwerking van Japan met NY. Dat geldt ook voor Tulips Day: gefaciliteerd in samenwerking met het Nederlandse consulaat. En al die danslessen, gratis en voor niks: alleen maar mogelijk omdat in de stad dit allemaal levende culturen zijn.


Ik kwam een artikel tegen, dat mezelf ook verbaasde. Dat er zóveel moslims wonen in New York; bijna 10% van de gehele populatie. Het meest opvallend waren ze voor mij aanwezig in de metro: vaker zag ik dat deze pakketjes met 1 dollar biljetten bij zich hadden en deze dan geven aan de moeders met baby’s in een draagdoek, Colombiaans denk ik, die er snoepgoed verkopen, in een kartonnen bakje over de hals. Het blijkt dat Moslims 33% meer schenken aan goede doelen dan de gemiddelde Amerikaan. Ook was het me opgevallen dat veel streetfood-karren aangegeven dat ze ‘halal’ zijn. Ook dit is geen toeval: 57% van de verkopers zijn islamitisch, evenals 40% van alle taxichauffeurs. Het zijn twee beroepen die het straatbeeld meekleuren.
Ook op Times Square en Union Square geeft de stad de ruimte.





woensdag 2 april 2025

Europeese en Amerikaanse Graphic Novels


 Ik las en bekeek onlangs twee graphic novels  die duidelijk in de Europese traditie staan. Met name Galopagos, met een echt gebeurd verhaal eraan ten grondslag. Pioniers gaan wonen op één van de eilanden, maar dat krijgt bekendheid, anderen komen en al gauw proberen ze elkaar de tent uit te vechten.


Je ziet de kracht en waarde van een getekend verhaal, bij pagina’s als deze: geen woorden nodig om een hele wereld te laten zien. Maar…het ‘Europeese’ zit erin, dat de mensen erin nauwelijks echt tot leven komen en guitig cartoonachtig, stripachtig dus, blijven. Zoals Suske en Wiske, Kuifje, Asterix en Obelix: het zijn geen mensen van vlees en bloed. Ook bij Aimée de Jongh, die nu furore maakt met The Lord of the Flies, zie je hetzelfde. Alle jongens lijken op elkaar, het worden geen echte persoonlijkheden.In dit boekje van haar REBORN, waar een meisje moet ontdekken dat zij de eerste menselijke kloon is, hetzelfde mankement.


 De tekeningen geven geen extra info, het blijven figuurtje met stripbalonnen naast zich, in een kale omgeving. Dat het ook anders kan, zie je in de Amerikaanse traditie. Een sterke tekst én tekeningen die extra info geven, buiten de woorden om. Zoals in Fun Home. Over een ingewikkelde vader in een uitzonderlijk huis.


In Amerikaanse graphic novels krijg je op het einde ervan vaak nog schetsen van de tekenaar, hoe ze een karakter en wereld opbouwen.


Zo is er deze hoofdfiguur van een van de favorieten die in alle lijstjes voorkwam van 2024; Beneath The Trees Where Nobody Sees.  Je ziet een ‘mannelijk-achtige’ vrouw, de klusser van het dorp, best knuffelachtig, op het eerste gezicht.

Maar ze is de verborgen seriemoordenaar van het dorp! Ze gaat daarvoor naar de stad, (New York, kan ik er vanaf zien), zoekt daar een slachtoffer, vervoert deze in haar bestelbusje, hakt ze in stukjes en stopt elke onderdeel in een afgesloten blik en begraaft ze. Welvoldaan keert ze naar haar dorpje terug en gaat lekker in een bubbelbad vol schuim zitten, met een roze badmuts op. Als je dan nóg eens kijkt, dan zie je die dubbele blik in haar ogen, van vriendelijkheid uitstralen en tegelijk speurend, op je hoede. Ik heb het boekje al drie keer tot mij genomen, ik vind dat zo leuk en prikkelend; dat het tegelijk je laat verkneuteren en verknussen in zo’n gezellig dorpje én je ook kijkt naar de gruwelijkheid op een ander moment. Zoals in het echte leven, dus…

Dit goed uitgetekend en uitgedacht zijn, zie je niet zo in de Europeese traditie. Het Grondrecht, een autobiografisch verhaal waar de auteur door Frankrijk wandelt van een plek waar de oudste grottekeningen zijn, naar de plek waar er een vlakte zal verrijzen waar kernafval onder de grond wordt opgeborgen, geeft wel al een wandelaar met iets meer expressie, maar dat komt ook omdat hij zichzelf tekent. Er is één Belgische uitzondering. Zó kleurig, elke pagina een schilderij op zich.

Zo, dit was wel weer even leuk: in je eigen boekenkast struinen.



dinsdag 1 april 2025

Adolesence: de échte, gespeelde werkelijkheid


 De vierdelige serie op Netflix, elk van nog geen uur, raakt wereldwijd een gevoelige snaar. Ik vind dit een positieve gegevenheid. Het geeft aan dat de politieke wereld van Trump, Netanayu, Poetin, Marine le Penn, enzovoort, waar leugen en bedrog, misdaad en onrecht lijkt te lonen niet de enige is. De aanval is de beste verdediging doet (extreem) rechts: de meerderheidsstem wordt gesmoord, ‘hogere machten’ en dat is  het ‘complot van links’ zou de democratie, de stem van het volk om zeep helpen. Het gewone volk wéét uit ervaring hoe het is om machteloos te zijn, om te moeten gehoorzamen aan hun baas. Dus hoe fijn is het dat er sterke mannen en vrouwen opstaan, die op een Robin Hoodwijze zeggen alles te willen doen om hen groot te maken?…
En wat heeft dit nu met Adolesence te maken? Welnu: hier zie je een gespeelde werkelijkheid, maar wel genomen met één shot: What you see is what you get. Er kan niet met de waarheid gemanipuleerd worden, niks kan uit de context worden gehaald, er is geen hap-snap, je maakt alles in één adem, één blik in real time mee.
Dus je zou willen dat elke aflevering door verschillende leefwerkelijkheden in hun eigen bubble bekeken zou worden. 
Aflevering twee speelt zich geheel op een school af. Ik voelde me als het ware weer even op school: die blikken naar elkaar, de gangen en lokalen, wat er broeit. Dat je ook ineens ervaart hoezeer de wereld van de huidige volwassenen geen aansluiting meer heeft op die van de internet-generatie. De politieman zoekt er ouderwets naar het moordwapen, het mes. Zijn zoon, leerling van dezelfde school, zegt: papa dit is gênant. Weet je wel waar wíj́ zijn?’  Elke emo op Social Media blijkt een eigen betekenis te hebben, er is een manosfeer, waar aan jongens verteld wordt dat zij  voor zichzelf moeten opkomen om geen ‘incel’ te worden ( een Involentary Celebitair) , want 80 % van de jongens heeft geen toegang tot de meisjes, maar 20% is voor elkaar beschikbaar Dus, kun je als kijker concluderen: Het Internet en de Social Media zijn het echte moordwapen.



Aflevering drie speelt zich zeven maanden na de moord af, waar Jamie vastzit voor nader onderzoek. Deze episode zou iedereen die therapeut is of therapie ondergaat moeten bekijken. Al die wisselingen in stemmingen,bedoelingen, perspectieven. Hoe de therapeut professioneel probeert te blijven en de cliënt vermoedt dat er een tweede agenda is en je nooit weet wat er over blijft van de belangstelling van de therapeut voor jou. 
En de laatste aflevering, die het perspectief van de ouders geeft, zou door elke opvoeder bekeken moeten worden. Die tergende vraag of je het wel goed hebt gedaan , een goede ouder was én daarbij het besef dat je alleen maar naar beste weten hebt gehandeld. 
Hoe verraderlijk het dus ook is, als je kind rustig op zijn kamer is. Je denkt: veilig, niks aan de hand, je vermaken op je eigen kamer, kan op zich geen kwaad. Wél dus.
Ik herinner me dat ik in het begin van internet, ik een keer een blik wierp in de volle speelkamer van een huis waar ik Oppaskind ophaalde. Al dat leuke speelgoed werd voor lief genomen. Ik zag drie kopjes intens gebogen en turend naar het computerscherm. Ik dacht: dit zijn andersoortige wezens, ze zouden net zo goed kunnen komen van een andere planeet.

maandag 31 maart 2025

Tijdsbestedingen


 Wanneer ik op de boerderie pas op Joep en de moestuin, neem ik nooit zelf een boek mee. Ik laat me graag verrassen door wat er ligt of kijk in de boekenkast, ik weet al dat er daar nog een aantal zijn die wel op mijn verlanglijstje staan. Omdat er nog niet zoveel te doen was in de moestuin, alleen wat groenten en zaadjes water geven, heb ik aardig wat afgelezen.

Was ik in New York, dan was ik wellicht tot twee keer toe naar Central Park gegaan. De ene keer op de eerste warme dag van het jaar, grappig om te zien: op het moment dat de zon voor het eerst achter de wolken tevoorschijn komt, begint de hele zittende massa spontaan te applaudisseren. Ondertussen zie je in de straten erheen mensen wandelen, beladen met picknickenkleden enzo, en ook fietsers zijn uitbundig in de straten aanwezig. En er was ook een zeventiger-jaren festival, voor het eerst. Zó druk heb ik het daar nog niet gezien. Ook andere parken waren afgeladen vol, en men was alweer aan het strandballen onder de Brooklyn Bridge. Of misschien had ik het mooie weer weerstaan en was ik naar de Transgenderdag gegaan in het Cooperbuilding, vol optredens.


Misschien was ik in de lange, lange rij gaan staan om gratis een bosje tulpen te plukken op Union Square: 170.000 tulpen om de oude band met Nederland te eren; Tulip Day. En ik zou zeker ook naar de bloesembomen gaan kijken, velen zijn er gepland vanuit de connecties met Japan. Misschien had ik mij in  de metro laten verrassen door een spontaan optreden van Ed Sheeran of een koor dat de meute mee probeert te krijgen. Of anders naar Lincoln Center voor een van de sprankelende muzikale optredens in het kader van het thema van de maand over migratie en mix. Of naar een wekelijkse lezing van een gerenommeerde wetenschapper… Allemaal gratis, dus. 


Ach, daar niet zijn, maar wel virtueel meeleven is ook opwekkend. In de zon, met het gefluit van vogeltjes en de wind die door de bomen ruist in het bos en dan bijna de rand van een NY puzzel afhebben is ook heerlijk.

PS
Vogeltjes in NY, Bryant Park


zaterdag 29 maart 2025

De Bruuk o.a.

 






donderdag 27 maart 2025

Back to basics


 Prachtig weer om via Zyflich en Ooij, over de Waalbanddijk naar Figaro te fietsen. Dat was ooit het ‘huiskamercafé’ van mijn ouders, die er pal boven woonden. Nu entourage van een zonnige lunchafspraak. Ik was te vroeg en ging liggen op een van de ligbedden met uitzicht op hun vroegere woonkamerraam. Die sfeer van rivier en mensen: dat is waar zij jarenlang van hebben genoten.
Op de terugweg liggen zonnen bij de Oude Waal. Dit alles is Nijmeegse nostalgie.

Afscheid van De Bron


 Ik kijk met een zekere regelmaat op hun website en zag wel al, dat deze lange tijd stilstond. Uit geruchten vernam ik ook al dat ze wellicht hun klooster De Bron zouden verlaten; de zusters Clarissen aan de Waterstraat in Nijmegen. En nu staat het er dan officieel:de jongere zusters gaan naar de Witsenburgselaan ook in Nijmegen, de oudere zusters wonen al elders. Er zijn meerdere huizen aldaar te koop. Het zou een vrijstaand huis kunnen zijn, maar ook een tussenwoning in een rijtjeshuis…
In ieder geval is het een einde aan het kloosterleven, het contemplatieve leven en een dagritme zullen overblijven. 
Ik word er wel even weemoedig van. Vaker dacht ik als ik in Nijmegen was, zal ik éven mee gaan doen aan een getijdengebed in de kapel? Maar dat schoof ik dan ook weer terzijde: ik kan er niet anoniem heen, ik word meteen opgemerkt. 
Die kapel is mij dierbaar, ik heb er zelf jarenlang meditaties begeleid en er gedanst. Ik zag wel al dat de koorbanken weg waren en vervangen door gemakkelijke stoelen.
Ik heb de gemeenschap, denk ik, in een heel goede tijd meegemaakt. Vol belofte en verwachting. De jongste zuster, zo fris en onschuldig nog, zei toen, in een leesgroep die ik ook begeleidde: ‘Waarschijnlijk ben ik degene die hier het licht uit gaat doen.’ 
Zo is het niet gegaan. Ze werd abdis, ik kreeg met haar een meningsverschil, ik kon er niet meer vrijuit ademen, ik merkte al dan niet subtiel, dat iedere zuster er wel een partij had gekozen. Of tegen me zei: ik wil geen partij kiezen. 
Nog veel later ontstond er een conflict met de hele gemeenschap, ze kon geen abdis meer zijn, zij kreeg een nieuwe ‘roeping’ en woont nu met een andere vrouw in een rijtjeshuis in Brabant en is geestelijk verzorger geworden. Twee andere vitale zusters gingen ook al ergens anders wonen, in het oude Kapucijnenklooster in ‘s-Hertogenbosch, een gemeenschap met Franciscaanse broeders, Clarissen en leken. 
Eentje ervan heb ik als leek binnen zien komen. Die zei tegen mij bij de eerste keer Kerst die ze er vierde, dat ze blij was dat ik er ook was, nu was ze niet de enige niet-zuster. De andere had een visioen over de wijze waarop leken een deel konden worden van de bestaande communiteit aan de Waterstraat, maar ik kreeg een waarschuwing van een ander zuster: ‘Weet Mirjam, dat haar ideeën bijna door niemand gedragen worden, ik wil je niet weer een nieuwe teleurstelling geven, na wat je met de Kapucijnen in Velp hebt meegemaakt.’
En nu is alles op de Waterstraat, in De Bron voorbij. Als ik een foto zie van jonge Franciscaanse  zusters in Suriname, dan schiet er door mij heen, dat ik wellicht op een andere plek in de wereld gaandeweg wel voor dit leven gekozen had kunnen hebben. Iets ervan past als een jasje. Getuige natuurlijk, dat ik mij ook zó lang verbonden heb gevoeld, mijn ‘kloosterperiode’, ben ik het gaan noemen.
En nu? Ik leef in mijn boshuisje en weet dat ik daar kan komen tot die ‘zoete stilte’. Als ik die ervaar ben ik dankbaar en gelukkig. En voor de rest leef ik met huid en haar in de (gewone) wereld.