zaterdag 31 januari 2026

Lingam, het levensprincipe

De boot kwam aan bij een lagune met mangrovebos waar oude vissersboten lagen en je naar het eiland wandelde. Later hoorde ik dat er drie dorpen op het eiland liggen met 12.000 inwoners die nu voor 90% van de bezoekers voor de grotten leefden.

Voor het eerst weer loslopende koeien. Het was een klim de berg op, met aan beide kanten winkeltjes en eetgelegenheden.

Boven bleek dus een apenkolonie te leven. Dat komt vaker voor bij tempels. Onderin de aanlegsteiger voor de boten. De inwoners van het eiland hebben dus verder geen last van de bezoekers, want die kunnen niet bij hun dorpen komen.

Het was Zaterdag, dus veel drukker dan doordeweeks. Ik was verrast door de diepte van de grotten en de eenheid van het verhaal dat er werd verteld.

Alles draait om de lingam, het levensprincipe ook afgebeeld in een groot hoofd in de vorm van de lingam (die dus de vorm van een penis heeft). Dit beeld met meerdere gezichten, zoals het levensprincipe ook een goede en een dubieuze kant heeft, was héél groot aanwezig, met daarbij dus de tempel met de lingam zelf.


Het eerste beeld dat ik deze reis zie: Shiva in het begin van het complex, in diepe meditatie.

Verstrengeling van religie in het dagelijks leven


Het is deze androgyne verschijningsvorm van Shiva waar ik mij het meest mee verwant voel.


En waar ik dus wel een selfie bij wil maken.


Ik ben ze hier in Mumbai nou al een paar keer tegengekomen en gisteren zelfs twee keer: de extravagante vrouwen, zeer kleurig uitgedost met veel make-up op. Hun gedragingen zijn expressief, ze praten hard en flirterig, ze leggen hun hand op je hoofd en vragen om geld. Het zijn travestieten of transseksuelen en ze zijn de reïncarnaties van deze godheid. Geld geven is als een offerande en breng geluk.
Gisteren was er eentje in de vrouwencoupé, ze kreeg van één iemand geld en ging toen in een hoekje op de grond achter mij zitten, terwijl er overal zat plek was. 
Zichtbaar én onzichtbaar tegelijk zijn, hoort bij haar status…Toen ik de trein uitstapte was er een ander en die stapte van het perron af en liep langs het spoor de donkere treintunnel in.


Buiten het station, waar ik de ander helft van mijn avondeten verorberde is een moskee, ik hoorde reciteren uit de open deuren, het was bijna voorbij, er werden grote pannen met voedsel gebracht.
Zo is religie hier dus overal aanwezig. India mag dan wel inzetten om zich te profileren als een Hindoestaat, deze moskee is niet ergens achteraf, maar op het stationsplein.
En bij het Jezusbeeld zie ik, in de korte tijd dat ik er koffie drink op de veranda, al twee keer iemand even, in het voorbijgaan bidden en eer betuigen.



Varia

 Ik zit op Elephanta Island, meer dan een uur varen vanuit Mumbai, haal uit het papieren zakje mijn samosa voor de lunch en in een fractie van een seconde is deze weggegraaid door een aapje die het pal boven mijn hoofd opsmikkelt.

Tempelcomplexen in de grotten op dit eiland, gemaakt tussen de 4e en 6e eeuw na Christus, toen Europa nog helemaal niks voorstelde.


Hierbinnen wordt de lingam vereerd, hét levenssymbool binnen het Hindoeïsme.



Verder maar een paar leuke dagplaatjes, er gebeurd zoveel, waarschijnlijk volgt er veel later nog wel een uitgebreid reisverslag.

Jongens hebben het hier altijd leuk met elkaar.

Héél handig hoe vrouwen hun koopwaar aan een haak hangen in de vrouwencoupé.

De Gateway of India in Zaterdagavond drukte

Mijn avondeten: 2x lassi, een knapperige warme rol vol groenten en smakelijks en een bordje met allerlei hapjes, gescoord op twee stations, tezamen voor 130 rupee, dat is dus één euro twintig.

vrijdag 30 januari 2026

Tower of Silence o.a.


 Je wandelt de heuvel op, hoe hoger je komt gaat er wel een aparte sfeer hangen. Daar is de Tower of Silence, de begraafplaats van de Parsi’s. Zij leggen hun doden daar neer, waar zij opgegeten worden door de gieren. Ik meende vooral grote raven te zien vliegen, een enkele vogel nog groter, zou dat dan een gier zijn?

Je mocht het terrein niet op, daar moet een cirkelvormige plek zijn. Misschien logisch achteraf, dat je de doden hun rust gunt. Langs stenen trappen daalde ik weer af. Onderin was een tempeltje en er woonden mensen met bedden onder de blauwe zeilen. Nu weet ik ook dat overal waar je golfplaten ziet, met zeil en stenen daarop, daaronder mensen hun woningen gemaakt hebben. Het grensde ook aan de Hanging Gardens, een toeristische trekpleister, maar I. mijn gastvrouw vond er niks aan, dus ik besloot om niet naar de ingang te zoeken, de zee lokte.

Hier bleek een echt zandstrand te zijn.

Met op het einde veel mensen die een rieten matje huurden om op te zitten, mannen die andere mannen masseerden, thee en hapjesverkopers en restaurantjes waar je op de grond je eten kon bestellen.


Maar de Parsi’s waren ook aanwezig, getuige twee grote pilaren. En een deel van het strand was afgezet, daar zat de Hindu bootclub. 
Ik wandelde heel Marina Drive af, daar waar geen strand meer is en nam de trein weer terug vanaf Churchgate. Bij hetzelfde tentje weer een snack,Vada voor het vertrek. Was het nou ook rijst, geplet en gemengd met groenten en nootjes? Ik weet het niet precies, de substantie was flexibel.



Dobhi Ghat


Er zijn er meerderen in Mumbai; dit is de oudste en de belangrijkste. De wasserij van Mumbai, er wonen en werken 3000 mensen en dan ook nog eens elke dag 4000 mensen van buiten. Oppervlakte is een ongelijkzijdige driehoek met als langste zijde één kilometer langs het spoor.



Alles gebeurt er door elkaar heen. Iemand is aan het douchen terwijl een ander de was in de week legt, Lakens uit hotels, maar ook net gemaakte kledingstukken die hier eerst gewassen worden, voordat ze verkocht worden. Slapen op de was en er zijn óók huiseigenaren met een eigen voordeur.


De meesten hebben dat niet. Ik vroeg aan de jongen die mij rondleidde waar al die platte tafels voor dienden. Welnu: elke tafel is de woning van twee mensen, de streep middenin geeft je eigen ruimte aan en daaronder is er voor ieder een kast voor eigen spullen. S’middags tot in de avond is hij aan het strijken, het strijkijzer weegt zeven kilo. Hij hoopt in de toekomst te kunnen wassen. 


Vroeger werd alles met de hand gewassen, overal zie je de cementen wasbakken, nu zijn er wasmachines en centrifuges en een grote klopper waar stijfsel gemaakt wordt.


Boven op de weg is een uitkijkpost gemaakt, waar je het geheel kunt overzien.



Op de veranda, sense of wonder


 Een heerlijk plekje op de veranda van I. Daar zou ik rustig de hele dag kunnen zitten.


Vroeger gaf haar buurvrouw door haar raam haar baby aan I. die dan op de veranda stond om haar aan te nemen, om op te passen.Nu schalde daar ineens mijn allerliefste liedje van toen ik zestien was vanuit haar ramen, toepasselijker kon niet, daarboven in een hoekje. Al die liedjes die ik zó goed ken, het was lang geleden dat ik haar hoorde; Karen Carpenter. 


Ik had een rest van het eten van gisteren uit het restaurantje aan I. gegeven en vanochtend zei ze dat ze ook eten voor mij had. Ze had mijn lievelingsmotief van ‘rood-met-witte-stippen’ aan. Ze vertelde dat ze bij de dood van haar vader, die 92 jaar was geworden de eulogie had uitgesproken en daarin gezegd had dat hij A sense of wonder had, en dat dit het enige is, wat je eigenlijk nodig hebt in het leven. Nou, je haalt me de woorden uit de mond, dat vind ik nou précies zo, zei ik.  Dat komt doordat ik jou hoor vertellen hoe je overal rondwandelt,  dan resoneert dat in mij, zei ze. Ach, wat leuk om het zo roerend eens te kunnen zijn met elkaar.


donderdag 29 januari 2026

Gateway of India o.a.


Met de riksja naar station Bandra; het verkeer één grote opstopping, hij nam een zijroute. Als wandelaar erlangs is het nooit één gebrul van motoren om je heen. De trein maakt hetzelfde geluid als de metro in New York. Hier grote ventilatoren, handvaten bungelen naar beneden, open deuren en een apart stuk voor vrouwen. De rit duurt een uur naar Mumbai. Tegenover het station een Indiaas ‘sprookjespaleis.’
 

Ik voelde meteen de invloed van de Engelsen. Zeer grote cricketvelden brengen je richting de zee.

Allemaal art-deco architectuur erlangs. Later zou blijken dat ook het cricketstadion art deco is, en de appartementen langs zee.Alles opgenomen in de World Heritage: nergens zoveel art deco op zo’n klein oppervlakte bij elkaar. Het grootste museum is in die andere stijl: een mengeling van de Indiase Moghul en allerlei westerse stijlelementen.


Een internetwerkplek buiten.


Het geeft dit stukje stad iets van ‘de dagen van ooit’, grootse brede wegen, het deed wat aan London rondom Buckingham Palace denken. 




Twee oudere moderne Indiase dames kijken aan zee naar de architectuur van het gele appartementencompex.


Het was op Marine Drive, de brede boulevard langs de zee. Richting de avond helemaal vol met zittende mensen. Liggen mag je er niet, ondervond ik zelf, ik werd door een politievrouw wakker gemaakt uit mijn middagdutje. De hele baai is ook omringd door hoge flatgebouwen, sommigen wolkenkrabberachtig. Daar moet het brullende chaotische moderne Mumbai zijn. Vol luchtvervuiling, ook aan zee en de zee rook ook niet fris.


In een zijstraatje was het vol met streedfood waar geluncht werd door mensen in zakenkleding. Ik dronk voor het eerst sap dat uit de suikerriet geperst word. Héél lekker, een schuimlaagje bovenin en ik rook de geur van jonge bamboe, zoals ik die in mijn stadstuinje weleens afbreek om niet verder te laten groeien.


Het belangrijkste doel vandaag was The Gateway of India. 



Daartegenover dit ‘paleis’, was dit in de tijd van de Engelsen ook al een hotel? Dit zag de zeevarende natie dus als eerste als ze voet aan wal in India zetten.


Vlak in de buurt ook een standbeeld van Vivenakanda, de tweede keer dat ik hem tegenkom. Ik heb me een poos in hem verdiept. Hij bracht de oosterse wijsheid naar Amerika.



Bij het station een snack gegeten, het waren gefrituurde balletjes van linzen.


Ik zat in de vrouwenwagon; véél rustiger dan bij de mannen. En nu viel mij de grote diversiteit aan soorten vrouw op, licht getint, donkerder, zoveel posturen en kledingstijlen. 


Bij het restaurantje in de buurt nam ik een gerecht met peulvruchten en kaas; héél smakelijk.



woensdag 28 januari 2026

Ontbijtje; Poha

 

Ik kreeg dit van I. Het is geplette rijst met nootjes, mosterdzaad, komijn, peterselie, turmanic, ui en nootjes, blad van de citroenplant. Je bakt het met een beetje water.  Daarbij een schijfje citroen en een beetje suiker. Het wordt gedurende de hele dag gegeten, maar vaak als ontbijt. Het komt typisch uit deze streek, Maharashtra. 

Dharavi: geen sloppenwijk, maar een microcosmos

Ik liep hier mijn wijk uit, Bandra, langs de markt.

Langs de snelweg, het water over en toen de eerste sporen van de architectuur van ‘de sloppenwijk’.

Vroeger woonden hier de eerste vissers.

Het geklater van water in harde stromen vanuit gaten in de wanden van ‘de sloppenwijk’ Ik neem aan dat dit de afvoer is.

Er is een verhoogde voetgangers overgang door de breedste straat van ‘de sloppenwijk’, die leidt naar een treinstation. Van bovenaf een eerste inkijk: Er zijn verschillende breedtes van winkelstraatjes waar je in kan lopen en van daaruit vertakt het zich naar nog smallere steegjes waar de mensen wonen.

Eerst maar even thee (Chai) drinken na de wandeling van meer dan vijf kilometer.

Wat mij het eerste opvalt: Al die steile ladders die elk leidt naar een heel klein woninkje.

Midden in de wijk, centraal gelegen, een park met een speeltuin en voetbal en honkbalvelden, tafeltjes en stoeltjes. Daar even, tegenover vrouwen in burka met kindjes, gezeten op de grond.

Verder dwalen door de wijk: in sommige steegjes zijn de muren kleurig geschilderd.

De hele wijk is opgedeeld in buurtjes, met kronkelsteegjes,
waar ook eigen pleintjes zijn. De levensmiddelen aan de voorkant aangeboden, wanneer je dieper gaat, dan zitten daar bedrijfjes. Het geheel is een rondgang, die uiteindelijk weer op de grote straat uitkomt.

Overal waar het maar kan, zijn woninkjes gebouwd. Bij oude bomen vaak ook iets van een tempeltje.

In de ene ooghoek is er een stukje met stenen geplaveid, in de andere ooghoek, aan de andere kant van het huisje, grote rotzooi. Ik had bij een winkeltje een gefrituurde groentenbal en een samoza gekocht, (je betaald naar het gewicht, dit was 24 rupee). Het werd in kranten gewikkeld, dus meteen opeten maar, dacht ik, gezien de hygiëne. Het was bij een tempeltje.
Alleng werd ik moe en liep naar de hoofdweg, de grote verkeerstraat, en ging zitten op de bank van de bushalte. Naast mij wachtte vrouwen met burka’s. Ik zag dat een leerwinkel ergens aan de overkant zou moeten liggen midden in een andere straat, die parallel leek te liggen aan de hoofdstraat. Dus ik dook opnieuw de ‘sloppenwijk’ in: misschien kon je daardoorheen wandelen naar die andere straat. Niet dus, het waren doodlopende steegjes.

De gordijntjes, dat zijn de voordeuren.Drie voordeuren waar ik links de hoek om ging en een vrouw uit een ander gordijntje kwam en die zei: this is the end, je kunt niet verder lopen, héél vriendelijk. Eerder gebeurde het dat een scooter met twee jongens heel licht mij schampte. Ze stopten en vroegen mij of alles oké was.

Ik kwam weer bij de buitenranden en er was een verkeersbrug over de snelweg.  Daar ‘woonden’ mandenvlechters in hangmatten. Weer terug in Bandra, bij het begin van Hillstreet een winkeltje met gevlochten lampen vlak onder de groten fundamenten van de snelweg die aldaar nooit is gekomen.