vrijdag 7 september 2018

Poezen

En zo doe je dat toch maar: ik zit nu in de avondstond op het bankje achter bij de boerderij in Duitsland en poes Joepi ligt op het kussentje naast me, ook in de zon, te slapen. Natuurlijk is het mijn kussentje: ik maakte nog even een rondgang door de moestuin, toen de zon hier even achter een hoge boom verdween en teruggekomen heeft poes mijn plaats ingenomen. Moet ik die nu verstoren en van de plek afjagen? Nou, nee hoor, dan zit ik maar op het kale bankje tot de laatste zonnestralen zo meteen achter de boerenschuur verdwijnen.

Leuk, levende wezens om me heen en mezelf weer horen praten tegen de poezen. En dat ze op je schoot komen zitten en dat ik dan toch even uitstel om aan mijn ouzo te nippen of een tortilla-chip in de saus te dippen. Dan doe je dat toch, tenslotte, en poes beweegt gewoon mee, verschuift zich en zit dan met haar kopje helemaal tot onder aan je knieën, terwijl heur bolle harige rug en achterwerk zich weet vast te kleven op jouw bovenbenen.

O! Dat ik allergisch bleek voor poezen, want ik zou er zó weer  één tot huisgenoot willen hebben. Dat je hardop tegen ze praat, nee, geen hele gesprekken, maar gewoon geruststellende woordjes tegen Sam in de moestuin, die eerst wegspringt en weg holt, maar vervolgens op het geluid van je stem, je aankijkt en dan rustig gaat drentelen. Dat is toch communicatie tussen mens en dier, iets anders kan ik er niet van maken.

Mijn eerste poes Issa, kwam elke avond in mijn nek liggen en snorren, een levende bontkraag. Ze was zo on-poes, dat ze midden in de nacht in bed, tussen de lakens bevallen is van vier jonkies, en dat terwijl ik in huis een plekje had gemaakt, want poezen schijnen zich juist terug te willen trekken. Alle jonkies in een doos met kleden, weer op een rustige plek neergezet, en toen heeft ze in een nacht het hele nest verhuisd naar onder mijn bed, ik had toen een hoger bed, nog geen metertje van de grond.

Deze poezen lijken in het gezicht wel op Issa, bruin gestreept, maar Issa was verder een lapjeskat met rode en zwarte vlekken. Bij het bericht, bij thuiskomst na een lange reis, dat Issa verongelukt is, waarschijnlijk, ze was ineens weg op het oppasadres, de oppasser wilde de vakantie niet bederven en had daarom maar gelogen en gezegd dat het goed met haar ging in het telefoontje na twee  weken, heb ik een potje zitten huilen, het soort verdriet wat ik met kinderverdriet associeer, lange uithalen, maar het tast je  ziel uiteindelijk niet aan... Ik had het liever al eerder geweten, dit was een rauwe thuiskomst

Ik zou het meteen gaan melden,  als er iets met de poezen zou zijn. Wat zeg ik nou? Afkloppen, maar, het zal de komende tien dagen vast gewoon goed met ze gaan.