vrijdag 23 september 2011

'Woekeraars'

Gisteren stond er in Trouw een oorlogzuchtig artikeltje: Boswachters op oorlogspad tegen buitenlandse bezetters. Het gaat over de zogeheten 'invasieve soorten', de uitheemse woekeraars, die soms letsel aanbrengen bij wandelaars en gewassen in de landbouw beschadigen.. 'Snoeien helpt niet, boswachters moeten machteloos toe zien.' Nou, denk je dan, hellup!

Op plaats 1 en 2 in de top van de woekeraars, staan de twee planten die bij mij juist een soort lyriek oproepen. De reuzen berenklauw en de reuzen springbalsemien. De eerste heb ik ooit gezaaid van berenklauw aan de kant van een plantsoen in mijn achtertuintje, daar waar nu mijn bamboebosje staat. Ik kwam er wonen, er was geen tuin, alleen maar kale grond, want de vorige bewoner had er zijn uitloopren van drie grote Deense doggen. Dus midden in de tuin ontstond daar een fantastisch grote bloeiende berenklauw van wel twee en en half meter hoog, met daaromheen kleurige bloemen van eenjarig zaad, zo Oer.

Ja, het kostte wel 10 jaar om er weer vanaf te komen. Je wilt andere dingen in de tuin en het jaar daarop wel berenklauw, maar alleen een kleintje, en het jaar daarop ook nog, maar dan aan de zijkant van het huis en dan wil je het niet meer, want het sap is giftig en eng als er kinderen komen. Ze vermeerderden zich in het plantsoen vlak achter mijn huis en daar stonden ze enkele jaren geleden ook nog totdat de groenvoorziening geheel gereorganiseerd werd en men met buldozers kwam.

De reuzen springbalsemien bezorgde me midden Augustus nog, vlak na mijn vakantie, een geluksgevoel: ik kan het niet anders zeggen. Hoger dan je schouder, slingerden ze in diep roze brede banen van wel twee meter langs de oever van de Staartjeswaard, langs de Waal. De bloemen hebben iets orchidee-achtigs. Als je je vingers op de zaaddozen legt, dan springen de zaden eruit, alle kanten op en al weet je het, elke keer ben je toch weer verrast. Uit de Himalaya, lees ik nu, 'wortelstelsel sterft in winter af, waardoor de oevers eroderen. Aanval: eenvoudig, want zaad houdt maar 18 maanden zijn kiemkracht'. Binnen een jaar kan het worden uitgeroeid.

Tja, zo zie je maar, dat elk verschijnsel meerdere kanten heeft. Ik hoop maar dat de boswachters te lui zijn en geen tijd hebben, om langs de oevers de springbalsemien tussen eind Mei en eind Juni met wortel en al uit te trekken en dat het zaad zich via het water blijft verspreiden. Hoe slecht ook met al die negatieve consequenties: het is zó mooi!