maandag 1 februari 2010

Tapijt

Het was stralend, mooi, zonnig wit dat ik bedacht om mijn grote Marokkaanse berberse witwollen tapijt buiten in de sneeuw te leggen. Al eerder in januari had ik twee schapenvachten omgekeerd in de sneeuw gelegd, met een fris, helder resultaat: de vacht zat weer donszacht en de haartjes waren recht overeind gaan staan.

Wat een misrekening. In je gedachten tover je als het ware zo'n tapijt naar buiten en daalt het zachtjes in de witte sneeuw en tover je het ook weer terug. Maar de werkelijkheid was: slepen, met moeite langs de struiken en de bamboe en dan ontdekken dat de sneeuw met grote klonters aan mijn buitenklompen bleef plakken en dat daaronder dus doodgewoon de bruine modderige aarde te voor schijn kwam.

Tapijt lag dus kronkelend, in bochten op het gazonnetje gemanoeuvreerd en toen ik het weer naar binnen wilde halen, bleek het loodzwaar geworden door het ingedrongen vocht en niet meer in beweging te krijgen. Hoezeer ik dat ook vloekend en tierend probeerde. Op zo'n moment ontglipt dat luidruchtige, mij héél druk maken me als van zelf en verbeeld ik me dat ik daar dóór mee moet gaan om mijn laatste kracht wat extra energie te geven.

Tapijt bleek dus vol modder te komen, helemaal niet het sneeuwwitte schone dekje dat ik gevisualiseerd had. Er waren twee mogelijkheden. Het in de hoek van de tuin wegproppen en maar mee geven met het grofvuil, óf het uiteindelijk toch weer naar binnen brengen. Maar niet nu, want mijn energie was op. Ik liet het maar een tijdje liggen. Letterlijk.

Op het einde van de dag besloot ik geduldig en sereen een nieuwe poging te wagen om het naar binnen te krijgen. Wat lukte. Met kokend water en wasmiddel de modder weg proberen te poetsen. Het water kleurde tot twee keer toe troebel bruin, dus dat lukte. Gedeeltelijk. Vanochtend bekeek ik het resultaat: het is nu een nieuw tapijt geworden, beige met aardekleurige vegen her en der. Als je het niet weet, is het best apart.

Denk ik. Je wilt toch dat zo'n worsteling, die op dat moment een werkelijke worsteling des levens lijkt, enig resultaat heeft? Die onmacht van boven je krachten iets voor elkaar proberen te krijgen, de spierpijn die ik er nu nog van heb in mijn armen, dat gefrommelde, debiele, domme tapijt dat maar niet mee wilde werken: precies zoals dat geldt voor andere schier onoverkoombare feiten des levens.

Zo simpel ís dat:Tapijt toont een aanschijn van het leven, precies zoals het omgekeerde ook in je nabijheid komt: je steekt een kaarsje op, brandt een lekker geurtje, je gaat stil zitten op een mooi, harmonieus, plekje, je volgt met aandacht je eigen ademhaling, je kijkt al dan niet naar een inspirerende afbeelding, een beeld of een schilderij. En rust en liefde en evenwicht worden zomaar je deel.

Carole King zong het al destijds:
My life has been a tapestry of rich and royal hew
an ever changing vision of an everchanging view...
Zo is het maar net.