Ik heb jaren en jarenlang geen chrysanten gekocht omdat ik ergens gelezen had dat het gigantische gifbommen zijn. Nu stond ik op het einde van de markt met ietwat verbazing te te kijken; zou deze écht maar €2 kosten, hoe kan dat? ‘Neem maar mee hoor’, zei een vrouw van ongeveer mijn leeftijd, die verkoop ik niet meer, want na morgen en overmorgen wil niemand ze meer…Allerzielen enzo’ Ja zei ik, dan wil iedereen er eentje op een graf zetten.
En toen dacht ik: Waarom ook niet, er zitten nog zoveel knoppen in, er kan beter iemand van genieten, dan niemand.
Ik vond er een geschikte bloempot voor en zette deze terwijl de avond al viel, bij mijn quasi altaartje, dat ik al in de eerste tijd dat ik hier ben gaan wonen gemaakt heb, het lichtte mooi op in het bijna donker. Ik rook die scherpe geur van chrysanten en een oude herinnering kwam op: In mijn studententijd kocht ik elke jaar een bosje chrysanten en zette ze in een vaasje op tafel, dat tegelijk het bureau was, om daarmee de herfst in te luiden. Met mijn neus dook ik ritueel diep in het bosje en las daarbij haiku.
Deze van Buson zat er ongetwijfeld ook bij:
The yellow chrysanthemums
Lose their colour
In the light of the hand-lantern
Het is de clou van haiku: Het lijkt een simpele constatering, en dat is het ook op een bepaald niveau, maar in de diepte gaat het over het vlietende leven en het gewaar worden van de volheid van het hier-en-nu.
Ik denk dat je het eigen gevoelsleven aardig kunt conditioneren; léren voelen en daar betekenis aangeven, gevoelens van geluk oproepen en als steentjes met cement in je hersenpan vastleggen, haiku helpen daarbij, sommige woorden en handelingen…Zo is het al jaren zo, dat ik een spontaan (?) geluksgevoel krijg, als ik een visje eet, buiten, terwijl de zon schijnt. De woorden komen dan ook op ‘Visje eten, op de markt, in vredestijd, dit is geluk’ Het is een eigen verhaspeling, ondertussen, van een gedichtje van Marjoleine de Vos.
En daarna, onderweg naar huis, dan straalt de herfst mij tegemoet.
Dan besluit ik toch, om regelmatig af te stappen en het moment vast te leggen.
De stoppels van de maisvelden met mijn eigen schaduw vaag ertussen.
Die al bijna bruine bomen, die met zon erop van goud worden.
Van goud!
Het groene grasachtige onkruid en dan dat gouden randje en donker bos en daarboven de snel veranderende kleuren in de lucht van de dag die verdwijnt.
Een enkele roze bloem tussen het einde van zonnebloem-achtigen.
De asfaltweg door het bos; over een weekje ofzo is alles kaal, maar nu is het nog herfst, in al haar volheid.











