donderdag 7 mei 2026

Anouk Griffioen


Lyrisch zijn; zo’n fijne ervaring als dit je overkomt. Gisteren gebeurde het bij de eerste solotentoonstelling van Anouk Griffioen in museum Kröller Müller. Alles eraan getuigt van intens kijken, van oog voor het poëtische detail tot het overweldigende totaalbeeld.

 


Ik werd er helemaal in opgenomen met tegelijk bewondering. Dat deelde ik met een vrouw die zich ook helemaal verrukt weer omdraaide naar mij toe, ik zat op een bankje te kijken.

=

Van de wereld en de natuur zijn, die tegelijk waarnemen en ook ontstijgen door je arbeid met houtskool, en daarmee verslag kunnen doen aan de buitenwereld: wat geweldig als dat allemaal kan samenvallen binnen jouw handen.




In haar handschrift is het vaak de leegte, die juist de vorm maakt. 
Het gaat over vergankelijkheid, maar ook over een deel zijn van een altijd bezig zijnd proces.
Als kers op de taart, ontdek ik dat zij met
dezelfde woorden als ik zelf daarover gebruik, haar beleving heeft over New York.


woensdag 6 mei 2026

De deceptie: Donald Pols


 Dit is duidelijk troost-eten, realiseer ik mij, nu ik hier goed en wel zit. Want de eerste gearticuleerde gedachte is: ‘Wát een deceptie: Donald Pols die adviseur wordt bij Tata Steel.’ Ik las het, net voordat ik vertrok.Voorman van Milieudefensie, die regelmatig in mijn mail verscheen met weer een verzoek of ik wat extra kon doneren. Ik vind dat sowieso ergelijk; je bent lid en je geeft maandelijks een bijdrage, en dan wordt er weer méér gevraagd en een beetje op je geweten gewerkt. Altijd met een opgewekte voortvarende toon: Ja! Ze boekten voortgang, een rechtszaak tegen Shell gewonnen, op naar de volgende, maar daar was wél meer geld voor nodig. Blij daar nooit aan toegegeven te hebben, denk ik nu, kinderlijk wraakzuchtig.


Adviseur worden bij Tata Steel om het van binnenuit te veranderen…Ja, ja. En je zeker niét realiseren, dat je hiermee dus zegt: Tata Steel kan in Nederland blijven, daar ga ik mijn best voor doen.
Donald Pols is gewoonweg, heel klassiek, door de duivel gekocht. Gevallen voor het geld, daar ga ik vanuit. Kennelijk moeiteloos pakt hij een nieuw personage.
Hier, in Kröller Müller staat er dat beeld van een jongetje met een klein pikje op een paard, die zijn armen de lucht in heft. Voor mij altijd al meerduidig: valt het jongetje elk moment op de grond? Wil het paard eigenlijk van hem af, niet bereden worden en wild zijn? 
Het jongetje heeft een hoefje, als voet, zie ik nu voor het eerst.
Donald Pols lijkt op dat wankele jongetje. Elk paard gebruikend, om zelf in het zadel te blijven zitten. Zijn aanspreektitel blíj́ft ‘Direkteur’; een synoniem blijkt nu, voor schreeuwmannetje.
 

De wereld heeft mensen nodig als de vrouw die ernaast staat. Gegrond. 

dinsdag 5 mei 2026

Bevrijdingsfestival = consumentenfestival?


Ik was van plan om naar het bevrijdingsfestival in Zwolle te gaan. Ooit, waarschijnlijk twintig jaar geleden ofzo (het komt niet voor in dit blog), was ik er ook. Héél druk en héél zonnig en warm. Toen té druk om het nog eens mee te maken. Maar door New York en India ga ik anders met drukte om: het overweldigd mij niet meer. Dénk ik, want zou dit ook voor Nederland gelden? Dat leek mij een leuke onderzoeksvraag.
Veel artiesten op het hoofdpodium spreken me wel aan. Ook best benieuwd naar de dingen op de kleinere podia. Het familieveld en kennelijk ook een wereldpodium met iets kunstigs en culturelerigs.
Maar…

Dít staat mij ook tegen. Je mag niet eens een flesje water op het terrein brengen! Er is een heel strenge tassencontrole. Eigen etenswaren zijn ook verboden, er is voldoende op het terrein aanwezig. Ja, voor de draagkrachtigen, dus. Niet iedereen kan zich dit veroorloven. Ook wordt hiermee een werkelijk gemeenschappelijke activiteit verboden: samen picknicken op een kleedje, nieuwsgierig naar wat een ieder meegebracht heeft, is heel iets anders dan bij een foodtruck in de rij staan, om al dan niet vegan food te scoren. Heineken en Pepsi Cola sponseren het festival. Dus de bedoeling is, om als je boven de 18 bent, vooral veel (alcohol) te drinken. Het waren zelfs de laatste woorden bij het onsteken van het vrijheidsvuur in Wageningen gisteren rond middernacht, op de tv. Iets van: ook een biertje hoort bij vrijheid.
Ook (klap)stoeltjes zijn niet toegestaan. Die nemen natuurlijk ruimte in; er moeten zoveel mogelijk mensen op het terrein zelf kunnen…



Hoe anders is dit in New York. ( Waarmee ze haar bijnaam ‘stad van de vrijheid’, met het ultieme symbool van het Vrijheidsbeeld, bevestigt.) Daar wordt bij alle festivals iedereen juist uitdrukkelijk uitgenodigd om een kleed uit te spreiden, te gaan picknicken en daarvoor ruim de tijd te nemen, nog voordat er een optreden  of filmvertoning plaatsvindt. Eigen stoeltjes mag ook, tenzij er overal al genoeg stoeltjes zijn.


Dit bevrijdingsfestival nodigt mensen voornamelijk uit om consument te zijn. Van eten en van drinken, van de artiesten, waarvan sommigen voor deze dag maar even ‘ambassadeurs van de vrijheid’ heten. Er is geen inoefening mogelijk van wat werkelijk vrijheid is: je eigenheid meenemen, plaats maken voor elkaar.


En dan kijk je daarna met zijn allen naar zo’n scène, waar de ene mens wanhopig een ander probeert te bereiken. (In Interstellar letterlijk ieder in een eigen universum, een eigen ruimte en tijd…) Contact maken en zo, al doende, samen-leven: Het is dé opgave voor werkelijke bevrijding.



maandag 4 mei 2026

LÁZÁR van Nelio Biedermann


 Leuke ervaring: ik beluisterde bovenstaand boek ononderbroken, bijna acht uur lang. Zó jong nog, 22 jaar, Zwitser en telg uit een ooit rijke adellijke Hongaarse familie; zijn grootouders zijn naar Zürich gevlucht. En daar gaat zijn boek ook over: de familie Lázár. Het begint in het begin van de 20ste eeuw en het gaat via de eerste en tweede Wereldoorlog, naar de overname van de communisten en het huidige regime. Het perspectief blijft persoonlijk, dichtbij de gevoelens van de familieleden.
Zelf zegt hij dat het boek beïnvloed is door Buddenbrooks van Thomas Mann, Op Zoek naar de Verloren Tijd van Marcel Proust en Radetzky Mars van Joseph Roth. 
Als je hiervan houdt, vind je mijn boek wellicht ook aardig, zegt hij.
Welnu de eerste twee slorpten mij ooit helemaal op, dus dit wilde ik ook mee maken. 
Héél goed geschreven. Er zit een ‘magisch realistisch’ element in, zo word het genoemd; het oude familiekasteel staat in een bos en dat bos is als een aanwezigheid die ook bedwelmt, betovert, duizelig maakt en laat verdwalen, bijvoorbeeld. Ik zou zeggen: in de familie is er een lijntje krankzinnigheid.
Zíj́n familie dus: veel scènes zijn aan hem vertelde anekdotes. Maar toen hij besloot er een boek van te maken, bleek hij toch veel research te moeten gaan plegen. Op zijn 16 e was hij er al aan begonnen en het boek heeft vijf eerdere versies gekend.
Hij is dus ineens een internationale literaire ster. Terecht. Met zijn pony-kapsel en zijn ketting op zijn t-shirt ziet hij eruit als een jongere die bij een wijkcentrum zou kunnen hangen.
Ik kwam op het boek omdat Patti Smith het in Amerika aanprijst, ze hebben elkaar ook ontmoet en op Insta zegt ze dat het meteen aanvoelde alsof ze oude vrienden van elkaar waren. 
Tot mijn verassing was het dus verkrijgbaar in de online-bieb, terwijl het maar pas in het Nederlands vertaald is.


Het grootste gedeelte luisterde ik in mijn kas-tentje, terwijl het regende. Dit vergrootte de concentratie.



zondag 3 mei 2026

‘God’; ontluikend


 Het ruikt weer naar bos na de regen. Fraai, gisterenavond; het ene moment sta je buiten, het is stil, de laatste onbekende vogels zeggen iets van pfie-pfie, zijn dat bosuilen? Een half uur later roffelt de regen ratelend en slaat hard neer en zou je binnen enkele seconden drijfnat worden als je buiten ging staan.
Vanochtend bleek in één nacht tijd de varen tevoorschijn te zijn gekomen, nu nog de vorm van een hart. Kennelijk had deze een regenbui nodig, om bovengronds te gaan.


Een mooi, passend gedicht, van de dichter die ook bioloog en hematoloog was en zichzelf allereerst een wetenschapper noemde en dat beroep dus ook uitoefende. Daarnaast was er zijn schrijverschap.


Nóg een toepasselijk gedicht. Felix Timmermans was naast schrijver ook beeldend kunstenaar. Zijn zelfportret is lief met dat bloempje in zijn hand, daar ligt dus zijn focus.


En God komt bij beide voor.
 ‘God’ en een sterk bewustzijn van het ‘ik’ gaan vaak samen. 
Tegelijk wordt dat ‘ik’ juist geheel gerelativeerd. Het harde ego verdwijnt, er komt beweging voor in de plaats, vloeibaar worden, zacht zijn.
Dat verwoordt de mysticus Jan van Ruusbroec uit de 13e eeuw:


Hij trok zich graag terug in de bossen. En dat herken ik dus wel.


vrijdag 1 mei 2026

Ochtendlicht. Liedje Ayoub ; wat is





 Ochtendlicht.


Mooi liedje in mijn hoofd.







donderdag 30 april 2026

Zichtbaar maken


 Wanneer ik wakker word uit een droom met nog heel levende beelden, dan wil zo’n droom mij meestal iets zeggen. Nu droomde ik op een feestje te zijn van mijn naamgenoot en daar was ook haar jongere broer. (Die zij in het echt helemaal niet heeft). Er hing meteen chemie tussen ons, spontane aantrekkingskracht. Maar ik kon niet goed naar hem lopen, ik was immers véél ouder en hij durfde niet goed op mij af te stappen. Uiteindelijk spoorde naamgenoot hem aan en toen hadden we een heel leuke avond. Heel ‘onschuldig’ ook : er werden geen kussen of omhelzingen uitgewisseld, alleen wat speels gestoei. Naamgenoot vroeg aan mij hoe de avond met hem was geweest en ik zei: héél leuk, we waren als twee pubers!
We maakten een afspraak voor een vervolg. Ik trok daarvoor mijn ongeveer enige jurk aan, die ik had, omdat het dezelfde jurk was, als die hij aanhad op het feestje. Het leek mij een leuke tegemoetkoming; laten zien dat wij iets volkomen overeenkomstigs hadden. Maar bij het zien ervan betrok hij, hij voelde zich belachelijk gemaakt door mij en hij liep weg. Daar zat ik dan met mijn mooie bedoelingen…Ik wist dat het géén zin had om hem achterna te lopen, zijn gevoel was velen malen sterker dan dat ik dit met woorden zou kunnen herstellen.


Het deed mij denken aan wat ik onlangs had meegemaakt. Ik fietste zwaarbepakt in Nijmegen, een beetje helling af, naar het RijnWaalpad, dat is een heel scherpe bocht naar rechts, de blauwe lijn op het plaatje. Naast mij, maar ik zag ze niet in detail, waren twee voetgangers, de rode lijn. Ze liepen veel sneller dan ik dacht en dus kruisten we elkaar per ongeluk en ik kon zelf niet meer remmen. Ze bleken beide slecht ziende, met ‘blinde geleide’ stokken. ‘Kon je niet even wachten?!!’, riep de vrouw woedend naar mij. ‘Nee, dat lukte niet’ zei ik en fietste door, want ook op het pad zelf kon ik niet echt abrupt remmen. Ik had ze het graag uitgelegd, hoe de verkeerssituatie en ik zelf eraan toe waren. Zij zien met grote moeite waarschijnlijk alleen maar de weg voor zich die ze bewandelden, en dan zijn ze dus erg geschrokken van iemand die rakelings voor hen kwam. Als ík geweten had, dat beide slecht ziende waren, dan had ik van te voren mijn vaart geminderd en was gestopt voor hen.
Opnieuw een situatie waar beide van goede wil zijn, en dan gaat er toch iets mis.


 In mijn droom voelde de jonge broer van mijn naamgenoot zich belachelijk gemaakt door mij…terwijl ik juist een tegengesteld doel had: zichtbaar maken van iets wat hem zeer ter harte gaat.
Het is bijna als spreken over God: zó vaak een bron van conflict en miscommunicatie. 
Toen ik puber was, had ik een affiche van William Blake in mijn kamer. God; een man met een witte baard, terwijl ik vol van ‘God’ was en nooit heb gedacht dat deze een man met een witte baard zou zijn. Waarom hing deze er dan? 
Zichtbaar maken, wat je ter harte gaat…