maandag 9 februari 2026

Ellora Caves, 2e keer

 

Tja, en dan zijn er weer de Ellora Caves, waar de foto’s opnieuw geen recht doen aan mijn beleving.De vorige keer te overdonderd, nu beter in staat om de hele rondgang te maken. Eerst door de galerijen aan de rand, met allerlei taferelen uit het Hindoeïstisch universum. En daarna de tempel zelf in en zien, dat er een voortempel is met Nandi, de heilige koe, die vandaar uitzicht biedt op de vallei vanaf een terras. 

In het donkere hart van de tempel de Siva Linga, waar ook gebeden en gezongen werd door enkelen.

Daarna wandelde ik door een stille vallei, behoudens de toeterende golfwagens met toeristen die zich lieten vervoeren, naar een tempelcomplex meer dan 1 km verderop. Deze zijn Jainistisch en zijn van latere data; 6e tot 8e eeuw na Christus.

Een heel andere sfeer dan in de boeddhistische en hindoeïstische tempels.
Kompakter, gericht op de vier windstreken en er woonden vleermuizen.



Over ontbijtjes, water, de was, bruiloften


Rainuka, de moeder van Akvin, had weer een heerlijk ontbijt klaargemaakt. Tapioca met kleine stukjes aardappel erop en in het kommetje was het zoet, met stukjes amandel. Zo’n grote gevoeligheid. Ik vertelde een paar dagen geleden dat ik mijn ontbijt thuis altijd begin met iets zoets. Sindsdien zit er óók zoet bij het ontbijt. En vandaag vroeg ze of er in Nederland typisch zoet voedsel is. Nadenken…en ik begon Griesmeelpudding met saus uit te leggen en daarna krentenbollen. De laatste is toch wel echt typisch Nederlands, zo dacht ik.


Gisteren was het ook een geweldig ontbijt, met zoete wortel in het kommetje. ‘We eten niet elke dag zo, hoor, ze maakt het speciaal voor jou klaar.’ Een poes lag héél tevreden in de zon, en de nieuwe mandala bij de voordeur van de overbuurvrouw was ook al klaar. 


Ik was net voor zonsondergang weer terug en zag beneden de twee schilders hun touwladder inrollen. In het restaurantje waar ik elke dag gegeten heb, had ik nu een curry, waarvan ik zou denken dat er vlees in is gebruikt, zo smeuïg en krachtig. Maar dat is niet zo, het is een vegetarisch restaurant. 
Gisteren stroomde er door de straten water uit pijpen van huizen. Het blijkt dat er één keer in de vijf dagen water wordt gebracht voor de watertanks. Wat dan naar buiten stroomt, is de overloop. Wel een goede wijze om zo ook de straat schoon te houden. Als ik hier s’avonds naar de grote straat loop, dan branden er lichtjes bij de drempels van de voordeuren.


De laatste grot die ik bij Ellora zag, had ook een terras met een uitzicht naar de andere grotten in de rotswand en beneden stroomde het water.


Vandaag vertrek ik hier om 13.45 en kom dan terecht in een Sleeper. Een nachtbus waar je de hele weg dus een bedje hebt met gordijnen, het heeft airco en je krijgt een dekentje en je kunt je apparaten opladen in je eigen compartiment. Ik ga naar Goa en kom daar dan 9.00 in de ochtend aan. Dat kost je dan nog geen twintig euro.


De zus van A komt wat was ophangen. Toen ik gisteren hier kwam was Akvin op de grond zijn eigen T-shirts op de grond aan het strijken. Het is een modern huishouden, want ook vader doet zijn eigen was.
Er is ook nog een oudere zus, die getrouwd is. Haar bruiloft duurde drie dagen en er waren 2000 gasten. 2000-4000 gasten is normaal en dan 3-4 dagen. De uitnodigingen moet je dan ook nog eens persoonlijk gaan overhandigen. Maar de tijden veranderen. Tegenwoordig begint het minder voor te komen dat families al hun tijd en geld willen besteden aan bruiloften. Ook de jonge generatie verandert in rap tempo en wil zelfs niet meer trouwen.
Ze vroegen hoe dat in Nederland is. Tja, wat weet ik er over? …Ik zei dat deze altijd maar één dag duurt  en dat 200 gasten wel een grote  bruiloft is. Ongeveer honderd, is wat ik zelf heb meegemaakt. Maar dat het ook klein kan, met wat vrienden en eventueel wat naaste familie.  Nou, hier in India is 500 mensen wel een echt kleine bruiloft.

PS
De vader maakte ook dingen in regenboogkleuren, had hij verteld. Doelde hij nu op deze windvanger, aan de binnenkant bij de deur?


Holi smoke


 Ik heb wat ‘technische problemen’, zoals dat dan heet, omtrent de plaatjes, die niet van de ene IPad, naar de andere willen. Dus mijn gewoonte om een dag te verwerken via een blogje is wel achter de schermen gebeurd, maar niet zichtbaar hier. Dit plaatje wel op de juiste IPad gemaakt.
Het was onderweg naar de Ellora Caves, waar ik voor de tweede keer heenging.
Eerst moest de riksja bij het rikschaw benzinestation tanken.
En daarna was de weg versperd door drukte.
Een massa mannen die zich met roze poeder hadden besprenkeld. Het blijkt het vieren van een verkiezingsuitslag waar een plaatselijke grootheid gewonnen heeft. Hier bijna alleen maar mannen, omdat het een ‘mannending’ was, deze verkiezing.
Met ‘Holi’ een belangrijk Indiaas feest, volgende maand, dan gooit iedereen kleuren naar elkaar. De ouderen hebben soms een eigen feestje, maar verder doet iedereen mee; jong en oud, vrouwen en mannen. De rijken doen dan witte kleren aan, de armeren hun oudste kleding, want erna kun je alles natuurlijk weggooien. Ook omdat daarbij hoort dat je elkaars kleren dan mag uitscheuren. 
Het is een feest van de vergevensgezindheid. 
Alles wat in het afgelopen jaar niet goed is gegaan, dat verdwijnt met de kleuren en daarna begint een ieder weer met een schone lei.
Bij ‘Holi’ wordt ook waterverf gebruikt en allerlei poeders, waarvan je niet zeker weet of ze niet ook schadelijk zijn. Dus vele smeren als voorzorg van te voren hun huid in met olie.
Wat een fijne wijze om natiewijd zo’n feest te hebben.
Stel je dit eens in het stijve, calvinistische Nederland voor… Ook spreekt hieruit een heel andere wijze van lichaamsbeleving en privé uit. Dat voel je hier overal, er is geen haptische ruimte. Zoals ik een paar dagen geleden in een opgepropte auto zat, op één bil. 

zondag 8 februari 2026

Boven op het dak


 Dit is echt een heel heerlijke plek. Ik denk aan Karlsson dat boek van Astrid Lindgren, van die jongen die op het dak woont en aan Minoes van Annie MG Schmidt. De geluiden van spelende kinderen, getoeter, geroezemoes van de stad onder je en om je heen, de oproep uit een moskee, kunnen kijken naar het leven op de andere dakterassen, twee schilders zijn bezig met het huis naast mij, een jongen probeerde een avond te vliegeren. En er vliegt een heel mooi klein blauw glanzend vogeltje.


De sfeer wordt natuurlijk ook bepaalt door haar bewoners. Als je de trap op klimt naar de gezamenlijke ruimte, zie je een altaartje met daarop een zwarte Ganesh. Moeder doucht zich elke ochtend, doet dan schone kleren aan, en steekt dan wierrookstokjes aan. Ook midden op de dag en in de namiddag ruik ik wierook. Vader blijkt een creatieveling; de stoeltjes waarop ik zit heeft hij gemaakt en ook de lamp die ik elke avond als enige aan heb, gemaakt van een oud fotostatief en een emmer. Hij scharrelt graag dingen bij elkaar.


Ik hoorde al langdurig getrommel en muziek en omdat het aanhield, besloot ik toch maar naar beneden te dalen en liep erheen. Ja, het was weer een bruidegom op een paard, maar deze keer werd er heel vaak gestopt en gedanst. De mannen dansen soms tegen elkaar, een beetje ophitsend, de bruidegom komt van het paard en doet ook mee, later stijgt hij weer ten paard en neemt hij een kind voor zich mee op het zadel. De vrouwen lopen achteraan met een schaal met wierook, pas bij het bruiloftshotel waren het de vrouwen die in een kring rondom hem gingen dansen en hem naar binnen begeleiden. Ik hoor overigens gedurende de hele dag van ergens vandaan, regelmatig trommels.


Héél apart om Bella Ciao te horen in Indiase versie.


En dan zo’n leuk stilleven omtrent het ambacht van de schoenenpoetser.


In dit orkestje speelde ook een vrouw mee.

Ajanta Caves


 De Ajanta Caves zijn 27 boedhistische kloosters die ontstaan zijn tussen de tweede eeuw voor Christus tot de achtste eeuw daarna. Boeddhistische monniken kwamen uit de hele omgeving, ook uit Thailand, Vietnam en Sri Lanka, om hier te wonen en te werken. Ze liggen prachtig, in een hoefijzer vorm met eronder een stromende rivier en vruchtbare grond. Elk klooster had via trappetjes een toegang tot het water.


Een heel aantal grotten zijn van binnen beschilderd, tot en met het plafond. Ze zitten vol scènes uit de Jataka, dat zijn de verhalen over Boeddha in zijn vorige levens, ook toen hij nog een dier was. Dientengevolge is er naast natuur, ook het dagelijkse leven en het hofleven uit al die tijden te zien. Opvallend schijnen de zeer veel verschillende kapsels van de vrouwen te zijn, ze getuigen van verfijning en de dynamische wereld die er ooit was. Want het waren de koninkrijken van toen, die de monniken als het ware sponsorden om zich in deze grotten terug te kunnen trekken. 
Helaas is er weinig van bewaard gebleven én pakt mijn camera het niet in het donker. Ook met het blote oog was het moeilijk om details waar te nemen.


De sfeer in elke grot was anders. Deze kenmerkte zich door de staande boddhisatva’s; degenenen die de verlichting nog niet hebben bereikt.


In de ene was de Boeddha in steen uitdrukkelijk vergezeld door zijn leerlingen. Er was ook één heel eenvoudig grotje , wat meer een kluis voor een enkeling was. Anderen hadden een monumentaal voorportaal. Sommigen waren gedomineerd door een stupa en dat waren de oudsten.


Mooi ook, om je voor te stellen hoe het water stroomde onder hen en ze omringd waren door elkaar en de bergen eromheen.




Bij deze heel eenvoudige Boeddha zat ik een poosje en herinnerde mij, hoe het de grote staande Boeddha in Sri Lanka was die mij voor het eerst dichtbij het Boeddhisme bracht. Ik was zeventien jaar.





Ik raffel dit blogje nu even af, ik realiseer mij opnieuw dat woorden en mijn plaatjes tekortschieten.


Het bleek dat je niet mocht filmen, maar ik ging nog net lang genoeg door, zodat de hele Boeddha erop kwam. Nu hoor ik mezelf als laatste woord No’ zeggen, terwijl alles in mij op deze plek juist het omgekeerde zei: JA!

zaterdag 7 februari 2026

Indiase straatbeelden

 


Ik kwam terug van de Ajanta Caves, wat was dit weer geweldig, die meer dan honderd kilometer van Aurangabad afliggen. Twee kilometer terugewandeld van waar ik gedropd werd uit een auto die ik deelde met vier mensen op de achterbank. Wat is het handig om Google Maps op mijn smartphone te hebben, die hoef je dan alleen maar op te volgen. Ik wilde een foto maken van het hindoestaanse tempeltje, maar in een fractie van een seconde stond het beeld vol kinderen. Geleid door het  jongetje met het blauw geblokte hemd, die als enige Engels sprak; hij zit op een internationale school.

Het is zo levendig en vol op straat! Werkelijk overal taferelen. Anders dan in Mumbai zijn mensen alert, ze zien een foreigner.

Er zijn zoveel eetstalletjes, dat je niet snapt, dat elk genoeg kan verdienen.

Dat geldt trouwens ook voor alle winkels en al het andere aanbod: die is overvloedig.



Druk, druk, druk, een weg oversteken is elke keer een uitdaging, door óók de overvloed aan scooters, riksja’s/ tuk tuks en auto’s, die het allen leuk vinden om almaar te toeteren.


Tegelijk loopt een hond rustig op de railing,

Zijn mensen rustig aan het kletsen, 

Zitten mensen rustig in hun winkeltjes,

Worstelt een oudere man met zijn koopwaar op de fiets,

Zitten vrouwen op een bank te zingen bij hun tempeltje,

En blijft het een favoriet beeld van mij: twee jongens gearmd langs een kraam die bloemkransen verkoopt voor in de tempel of voor bij je thuis op het altaar.

Aha! Daar is een ATM om geld te trekken, het maximale bedrag is 10.000 rupee, er is 95,85 euro afgeschreven, het is de derde keer dat ik dit nu doe.

Ik kwam ook nog langs een villawijk met zonnepanelen op de daken. Daar is het op straat volkomen rustig.

vrijdag 6 februari 2026

Cadeautjes

 


Nou ja! Ik vind het eigenlijk wel ongelofelijk. Ik kom hier terug en de hele familie zit er en ze zeggen: ‘Wij hebben wat voor je. Omdat je hier langer blijft en omdat we je zo aardig vinden. Mijn vader en ik waren vanochtend op de markt en we kochten dit voor jou.’
 Het is een jasjes-blouse met drukknopen en een capuchonnetje met steekzakken, 
werkelijk eentje die ik zelf gekocht zou kunnen hebben. En dan ook nog een plastic waterfles in een kleur die erbij past en een magneet van de Elloragrotten. 
Waar heb ik het aan te danken?!


O,ja; het was ook nog om de spreuk op de achterkant. Wat een opmerkingsvermogen: dat ze zien dat ik ook spreuken draag op mijn reis t-shirts en dat ze mijn oude waterflesje zien en er eentje kopen waar net wat meer water in kan.