dinsdag 9 juni 2026

Roberta en Paolo

Ik tref Paolo, de ‘eigenaar’ van de camping in de avondschemering met een bakje met net geplukte frambozen in zijn handen. Hij ziet er relaxed uit, maar hij heeft grote problemen. Dezelfde als vorig jaar. De gemeente van Venezia helpt hem niet om de camping voort te laten bestaan. Alles is weer duurder geworden, nu nog een keertje meer door de oorlog met Iran. Er staan op dit moment her en verspreid wat mensen op de camping, maar deze dekken de kosten van één dag niet.

Hier heb ik alles wat ik nodig heb, zegt hij, hier kan ik ontspannen in mijn hoofd. De natuur, geen drukte, water en groen om je heen. Ik kan niet leven in een appartement. En dat is precies het drama wat hem wel boven het hoofd hangt.

S’middags sprak ik Roberta, zijn steun en toeverlaat. Zij heeft besloten dat dit voor haar het laatste jaar is, sowieso. Mijn man heeft veertig jaar gewerkt, ik 39 jaar, we hebben een dochter wonen in Lisabon en een broer in Milaan… we hebben sinds tien jaar een heel klein huisje op een piepklein eilandje onder Sicilië…heb je er weleens van gehoord? , Pantelleria… het is er in de winter nog altijd 10 graden; Afrikaanse invloed, aan de middellandse zee, vanuit het huisje kijken we tegen de bergen van Tunesië aan en we willen ook reizen in Italië…Eenmaal moet je dat gaan doen, het is er nu de tijd voor. Ik heb al geboekt op 3 Oktober, dan gaan we naar ons huisje, vlak na de sluiting van de camping.

Ze heeft haar besluit gemaakt. Zij heeft ook te doen met Paolo, maar er is iets resoluuts in haar gevaren.’That’s life zegt ze. Ze weet al dat er op het Lido twee kopers op de kust zijn, die hun oog hebben laten vallen op de camping. Het is allemaal een kwestie van geld, zegt ze. Wie weet wat ze hiervan maken, misschien zetten ze er wel villa’s neer. 

Ik denk dat het niet anders kan, dan ook afscheid te nemen van de situatie van Paolo, die hier niet kan blijven wonen, als de gemeente de grond waarop de camping staat verkoopt en er een nieuw bestemmingsplan gaat goedkeuren.

Ik zie een Paolo die ergens wel aanvoelt dat zijn dagen op de camping geteld zijn. Het is zijn lust en zijn leven geweest, altijd. Als eenpitter geheel gefocust geweest op het reilen en zeilen van de camping, ondertussen een paradijsje gebouwd met bloemen en planten en bomen, altijd bezig met verbetering aanbrengen. Voor anderen zoals ik, én voor hemzelf. 

Voor hem is er geen Pantelleria in het verschiet, of een boshuisje, zoals ik zelf heb, hij heeft geen rooie cent, hij heeft alles in de camping gestoken, echter op grond die niet van hem was…ZUCHT.

maandag 8 juni 2026

Mooie luchten tussen Neurenberg en München

 In omgekeerde volgorde hier terecht gekomen, vanuit de Flixbus.








zondag 7 juni 2026

Het genoegen van…




Van mijn bostuintje naar mijn stadstuintje. Het plan was een korenfestival ergens tussen de rivieren rondom Geldermalsen of Tiel, ik weet het niet precies, ik zou meerijden want met het openbaar vervoer was het niet te doen. Dat ging niet door, dus dan is er een ledig dagje. Die had ik weer kunnen vullen met het korenfestival ‘Nijmegen Klinkt’, dat er ook bleek te zijn. Ik verkoos een dagje lummelen. 
Zie, dat dode stukje hout van de seringenstruik, waar ik steeds tegen aan stootte: nu de tijd om de zaag erin te zetten. En vervolgens het meteen maar te versieren met ‘rondzwervend’ goed, dat verwijderd moest worden van de buitenkozijnen omdat de buitenboel geschilderd wordt.


Profiteren dat er heel vlakbij twee verschillende supermarkten zijn. Dat is weer eens anders dan de minstens vier en een halve kilometer fietsen, of anders acht, of anders dertien, afhankelijk van de supermarkt van voorkeur. De ene had geen kaarsen, zo bleek, dus kuieren naar de andere. Een veilige dit keer in een blikje: met de kaars van vorig jaar op de koffer, die als tafeltje dient in mijn tent, een gat in de koffer gebrand. Ik dacht dat kaarsen vanzelf uitgingen, dommelde wat in de achtertent en zag plots een grote vlam. Oei. 
Ik dacht een nieuwe koffer te moeten kopen en dacht tegelijk, wat jammer nou, de koffer is verder nog helemaal goed. Kwam ineens op het idee om het gat te dichten! Dus ook de koffer ‘gerepareerd’, geen Kreatief met Kurk, maar met ductape en een stukje geknipt uit de gejutte tas van het strand van Candolim, en nog extra een laag gekleurd plakplastic eroverheen. Vond tussen al mijn rommeltjes nog een sticker en die zit nu aan de binnenkant van het voorheen-gat.
Ik denk steeds dat ik een gedicht ken, dat gaat over het genoegen van gewoon-maar-wat-handelingen-verrichten, maar kom net niet op de naam van de dichter, noch op woorden uit het gedicht. Wellicht is het iets wat zomaar alleen in mij rondzoemt, nu.


Vooralsnog moet ik eerlijk bekennen, dat zo’n beetje liggen, hetzij in mijn hangmat of op mijn ligbank, mijn grootste genoegen is. Er hangen heel veel beginnende appeltjes aan de appelboom.


zaterdag 6 juni 2026

Elkaar iets gunnen


Ik heb zo ongeveer langs haar huis gelopen, ik verbleef ook in de wijk Bandra in Mumbai, vlakbij zee. Daar woont een meisje, Maleesha Kharwa, nu 17 jaar, die topmodel is geworden. In de video’s waar ze ook een rondleiding geeft in haar wijkje, valt mij vooral op hoe vanzelfsprekend haar leefomgeving is, voor haarzelf, zelfs al komt ze nu op de meest dure en sjieke plekken. Ze kent nu uiterste rijkdom en uiterste ‘armoede’. 


Thuis-zijn, je thuis voelen, heeft,  lijkt het, niks te maken met veel of weinig geld hebben; alles hangt af of je leeft in een omgeving die welwillend is; die je een gevoel van veiligheid kan geven, waarbij je ervaart dat anderen jou zien.


Ook aan zee, in Brighton Beach in New York, woont al sinds lang een Russische enclave. Zij blijken voor Oekraïne te zijn, zag ik drie jaar geleden al, de Oekraïnse vlag was overal zichtbaar. En in de supermarkt werden alle écht Russische artikelen weggehaald; blikjes Russisch bier werden ongeveer weggegeven en vervangen door bier uit Oekraïne. Het ‘bejaardentehuis’ is een gigantisch gebouw pal aan zee. Ik weet niet of je dan toch nog vermogend moet zijn om daar terecht te kunnen. Zoals ook in de Caribische en de Indiase wijk zitten mensen in oude stoelen op de stoep, aan de straat. Er wonen ook ‘arme’ mensen, zag ik vorig jaar, toen er een lange rij in de straat stond voor voedseluitdeling. 
In de metro zag ik dat van de meer dan 8 miljoen New Yorkers, er 1,3 miljoen ook gebruik maakt van de voedselbank. Op Union Square, waar drie keer in de week een groente-en bloemen/plantenmarkt  is met verse producten uit de omgeving, zag ik dat op professionele wijze teams bezig waren om alle overgebleven goederen in vrachtwagens te laden; de Voedselbank dus. 
Het straatbeeld in New York is overal welwillend: Overal staan stoeltjes en tafeltjes waar je kan zitten, ook een overvloed aan bankjes langs de rivieren en in de parken. 
Je voelt je welkom.


The Empire State Building, kleurt elke dag anders, afhankelijk van wat er te doen is. Een referentiepunt in Manhattan en elke keer heb je er dus een dialoog mee: Waarom vandaag deze kleuren of: waarom flikkert ze vandaag? Wie en wat in de stad wordt in het zonnetje gezet? Ook het Nederlandse Oranje is er, even vanzelfsprekend als al het andere. Hier in Nederland op dit moment de opgeklopte reclame om de natie een Oranjegevoel te geven, de natie samen te binden om weer met zijn allen in het Oranje-voetbal te gaan geloven…
Maar saamhorigheid, je veilig voelen, verbinding heeft niks met een wedstrijd te maken, niks met een buurt die zich verenigd om asielzoekers te weren… Het heeft alles te maken met elkaar iets gunnen.
Al deze gedachten ontstonden door dit gedichtje dat ik las, van Mary Oliver.


donderdag 4 juni 2026

Lieke Marsman is dood


Aaah!, riep ik net hardop, toen ik het bericht las dat Lieke Marsman is overleden. Toch een enorme schok. De laatste regel van haar boek Op een andere planeet kunnen ze me redden is, dat zij een oproep tot leven wil zijn. Dat is haar dus goed gelukt ten aanzien van haar eigen leven: Op de een of andere wijze was er in mij een gevoel ontstaan, dat zij toch bést nog een tijdje zou blijven.
Ik kijk meteen het interview in Buitenhof terug. Opnieuw is haar helderheid en scherpte zó duidelijk aanwezig. Maar ook, zie ik nu voor het eerst, haar mildheid. 
Ze is een weg gegaan, lichamelijk gezien, langs al die doktoren en de moeite die het haar kostte om het gesprek te blijven aangaan, dat ze wél door behandeld wilde worden, alles op alles zetten om meer tijd van leven te krijgen. Het amputeren van haar schouder en arm waren een eitje in verhouding met dat andere. Tegelijk is ze daar niet kwaad of bitter over; het is dezelfde medische wetenschap die ervoor zorgde dat ze er nog was.
Daarnaast heeft ze een traject op het geestelijk vlak doorlopen, of gekregen; het overviel haar. Ze was een overtuigd atheïst, heeft zélf lacherig gedaan over ‘geloven’ en ‘God’, maar ze moest er uiteindelijk wat mee, het óók integreren in haar denken, toen ze ineens in het absolute dieptepunt een goddelijke kracht ervaarde, die ook bij haar is gebleven. 
Daarnaast is ze zich ook gaan verdiepen in UFO’s en dergelijke: wanneer je eenmaal uit een soort van schizofrene rationaliteit stapt, waar door die ratio tegenstrijdige dingen gewoonweg naast elkaar blijven bestaan, dan…De NASA heeft eindelijk filmpjes vrijgegeven waar ‘toegegeven’ wordt, dát er ‘dingen’ zijn waargenomen in het luchtruim die wetenschappers niet kunnen verklaren. Hetgeen impliceert dat er buitenaards leven is.
Hier zijn filmpjes van, van ‘God’ niet, terwijl toch de helft van de Nederlanders erin ‘gelooft’, constateert Lieke (Nog maar niet het overgrote deel van de wereldbevolking in oogschouw genomen, waar geloof/religie vanzelfsprekend een rol speelt in het dagelijks bestaan, denk ik hierbij). 
Rationeel, weldenkend Nederland vindt waarschijnlijk dat zowel ‘God’/ Goddelijke kracht, als ‘buitenaards leven’ , twee foxholes zijn, waar zij is in geduikeld, veroorzaakt door voortdurende stress. 
Hier blijkt haar mildheid én helderheid: Ook dat is een legitiem perspectief, zegt ze, al weet zij dat dit voor haarzelf niet zo is.
Ik zie het als een mankement van, ik noem het even voor het gemak: Links en ‘weldenkend’ Nederland; er is een groep en zij vormen tegelijkertijd ook een deel mijn naaste omgeving, het is een soort van bubbel , van mensen die altijd het goede en juiste doen: ze strijden voor een rechtvaardige samenleving, ze zijn milieubewust, ze zetten zich in om de wereld tot een betere plek te maken. Máár: ze geloven absoluut niet in ‘God’, ze doen daar lacherig over, zoals Lieke Marsman ook waarneemt, ze beschouwen het als een hobby van je, die ze vergoelijkend wel tolereren, want ja, ze zijn immers ruimdenkend en tolerant. 
Eigenlijk mag jouw eigen ervaring niet echt spreken. 
Lieke Marsman heeft deze aarde dus verlaten. Wat en of zij nog iets is tegengekomen daarvan zal ze nooit meer kunnen berichten.
Dat zij in het laatste moment van haar leven, en ook ultieme eenzaamheid, is opgevangen door die ‘zachte kracht’, zoals zij het ook heeft genoemd, dat is mijn bede.


woensdag 3 juni 2026

Regen

 


In de regen fietsen heeft ook wel wat.


De regen roffelt op het dak.Twee dagen niet uit het raampje gekeken. Twee decimeter lichtgroen blad erbij gegroeid.


maandag 1 juni 2026

Queer Weekend (2)

 

De volgende dag liep ik het atelier van T binnen, die weer meedeed aan de kunstroute Kunst&Kitch.
De eyecatcher was voor mij meteen het grote nieuwe doek, dat naadloos aansloot op wat ik op de Zaterdag  beleefd had in de QueerKunstshow. Hoe intieme beleving je afgepakt kan worden door de vragen van therapeuten en dergelijke. Wat een werk om die letters er strak op te schilderen! 


Ernaast ander nieuw werk, dat ik meteen associeerde aan de kleuren van Superman; dat was niet intentioneel zo. Waarbij maar weer blijkt dat degene die kijkt altijd haar eigen wereld óók meeneemt.


In de rondgang van het oog, volgde deze serie. De onderliggende vraag is: Waarom vinden we het heel gewoon dat kinderen spelen met deze actie-poppen en dat ze dan met elkaar vechten? En niet dat deze de liefde met elkaar bedrijven?
    

Daarna de serie, gemanipuleerde fotocollages, die over ‘gender’gaat, maar die een vrouw uit een vriendinnengroepje, die toevallig hier beland waren, meteen associeerde met de ‘manosfeer’. Op zich bést voorstelbaar: de alternatieve dan, waar mannen een nieuwe perfecte versie van zichzelf bouwen.


Daarboven hing een schilderij die ik ook niet kende, maar wel eerder geëxposeerd was. ‘Je was toen zeker ergens op reis’, zei T, ja dat móet wel zo zijn geweest. De sfeer is ‘bucolisch’, zo heet dat toch? Landelijk en pastoraal, refererend aan middeleeuwse schilderijen en Griekse mythologie, maar vergis je niet….actionman is ook hier aanwezig.


T. blijft toch ook een kritische theoloog; even de puntjes op de i dat het ‘God-de-man’ is, die ook het kwaad de wereld in bracht.  


En de alternatieve versie van de paradijstuin en de zondeval.

De opgang naar zijn atelier was liefelijk en zoet, door de eigen paradijselijke tuin.

Lekker geschilderd toch, zo’n gebakje, uit de serie ‘Sugarcoating Homosexuality’


Alles bij elkaar; een heel kleurrijke ervaring, ook letterlijk.