zaterdag 30 november 2024

Moeder van M. Verhalen in de metro


 ‘Ach, het zal waarschijnlijk wel zo zijn, dat er altijd een verhaal is in je leven dat prikken moet’, zei de moeder van M. bij het afscheid bij de deur. ‘Die ga ik onthouden’ zei ik, ‘dat zijn wel wijze woorden’. Ze woont in een flat naast de Lidl aan de rand van Apeldoorn, waar ik ongeveer één keer in de twee weken mijn grote boodschappen doe. Met een uitzicht op een park en in de verte de bosrand van de Veluwe. ‘Ik moet wel veel buiten zijn, in de natuur, daar voel ik me het beste’. Ik wist al dat ze, samen met haar man een caravan hadden, waar ze veel waren. Nu hoorde ik dat hij op 58 jarige leeftijd al was afgekeurd wegens een zwak hart, maar zie: hij is 92 jaar geworden en pas vorig jaar overleden. Zij is nu 92 jaar, en pas vorig jaar gestopt met autorijden, na getwijfeld te hebben of ze op zou gaan voor de nieuwe keuring. Nu laat ze zich rijden door anderen en dat is toch wel fijn. Naar het koor, waar ze als eerste en enige een speldje kreeg voor vijftig jaar zingen. Naar het zwembad en naar haar dochter in Apeldoorn gaat ze met de elektrische fiets, sinds kort mét helm. Ik zei haar er ook over na te denken om dat toch ook maar te gaan doen. Naar het graf van haar man, gaat ze met een rollator.
‘Wat een leuke moeder heb je’, mailde ik aan M. 
‘Het was zo vertrouwd geweest’, had haar moeder aan haar verteld. Voortaan bel ik elke keer voordat ik de boodschappen ga doen, bij haar aan. Dat zal nu waarschijnlijk wel minder worden dan een keer in de twee weken, omdat ik ook enkele dagen in mijn stadshuis ben.


Verhalen die prikken, dat het niet altijd rozengeur en manenschijn is…ik dacht aan het motto in de metro van New York, eentje waarvan ik denk dat deze in Nederland niet zomaar direct begrepen wordt als deze in de bus en de trein zou verschijnen: Don’t be someone’s subway story. Met daaronder: Courtesy Counts.
Aangespoord worden om rekening met anderen te houden en in sommige wagons hingen daarboven dan cartoonachtige situaties, bijvoorbeeld  een balletdanser die zijn spagaatoefening midden op een bank doet, bengelend met een hand aan de railing boven hem. Of iemand die luid snurkend op een bank slaapt, terwijl een moeder weggedrukt wordt en bijna met haar lichaam op de buggie valt.
Ik vind het een sterk motto, die ook al een vooronderstelling in zich draagt, wil deze begrepen worden; namelijk dat er in de grond geen onverschilligheid is en een gehard zijn, maar dat er een basis is van aandacht hebben, en elkaar verhalen vertellen ertoe doet. In dit geval dat je niet thuis hoeft te komen met zoiets van: Vreselijk, Wie ik nú weer in de metro heb meegemaakt!


Nu ik toch aan het scrollen was door mijn foto’s kwam ik ook andere metro-foto’s tegen: reclame voor een sex-museum, een moslim en een jood naast elkaar, hoe een kat vervoerd wordt, een jongen die naar bloemen-aftershave rook, met bloemenbroekje aan, die een boek las; Eat Your Flowers.


Een familie terug van een of ander feestje, lezen op je koffer, kleurrijk naast elkaar, een spreuk op een tas…Graag had ik een filmpje gemaakt van zakenlieden die nog met stress en keurig strak in pak plaatsnemen en het demasqué dat binnen enkele haltes volgt: stropdas los, haren uit de knot, geeuwen, schoenen uit doen. Zo grappig: dat komt dan van bovengronds, snel, glanzend Manhattan bij het financiële district, maar ondergronds is het er sjofel, regelmatig zie je ratten, de metro ratelt en iedereen maakt het beste van de tijd die je daar doorbrengt en rangen, culturen, leefstijlen mengen zich, gewoon op de bank, naast elkaar. Ik keek altijd in de metro mijn ogen uit. En soms lees je er dan ook nog een gedicht.


vrijdag 29 november 2024

Thanksgiving Parade. De vloek van de nootmuskaat


Dit is één van de redenen waarom ik zo dol ben op New York: Al die verschillende soorten van mensen, dicht op elkaar gepakt bij de Macy’s Thanksgiving Parade, in de stromende regen bij 7 graden. Én dat er toch ook ruimte is, midden op de weg, voor 25 Pro Palestijnse demonstranten; de politie kijkt toe, ze kunnen even hun ding doen en daarna wordt gevraagd of ze willen gaan.

De parade is er al sinds 1924, honderd jaar dus, maar in de tweede wereldoorlog heeft het twee keer geen doorgang gevonden. In het begin deden er ook dieren mee, maar dat is na een tiental jaren losgelaten. Snoopy en Santa Claus zijn vanaf het begin van de partij. Het verslag ervan is nu het best bekeken TV programma van Amerika, het duurt meer dan drie uur en gaat langs Central Park en eindigt bij Macy’s, de organisator en het grootse warenhuis van de wereld. Het is voor iedereen aantrekkelijk omdat in de Parade voor elk wat wils voorbij komt.

Het opent met The Turkey, het traditionele gerecht en op Insta zoemt de vraag rond: waar ben jij vandaag dankbaar voor? ‘Dat ik een New Yorker ben!’, is één van de antwoorden. Ik kijk niet naar de hele parade, maar herken de plek waar de jongen van de New York Walking Show staat. Vlakbij het metrostation bij Central Park, nu de herfstbomen op de achtergrond, en vanaf hier wandelde ik, links de hoek om, langs of door het park, naar Lincoln Center, waar ik tien dagen op een rij naar een verfilmde opera voorstelling ging.

Ik lees deze dag voornamelijk in De Vloek van de Nootmuskaat ; Boodschap aan een Planeet in Crisis, van de Indiër Amitav Gosh, die afgelopen week de Erasmusprijs kreeg. Het blijkt dat, toen ik maanden vast zat in India ik zijn River of Smoke heb gelezen over een familie die in de opiumhandel zit en je een beeld krijgt hoe die handel de hele wereld, van China, langs Zuid Oost Azië en de Indische Oceaan naar het Westen, beïnvloedt. De eyeopeners in het boek dat ik nu lees zijn allereerst de wreedheid van de Nederlanders, die de bevolking op de Banda eilanden bij Ambon ongeveer hebben uitgeroeid, om een monopolie te krijgen op de handel in de nootmuskaat en later ook de kruidnagel.Aanvankelijk waren dit de enige eilanden waar dit groeide en alle handelswegen leverden geld op. De tweede eyeopener is, dat ik nu begrijp dat het niet alleen het kapitalistische systeem is, dat de wereld bepaalt, maar ook het mechanistische wereldbeeld dat eraan ten grondslag ligt, die leidt naar de milieucrisis. De westerse welvaart drijft op het idee dat de aarde er is om daar dingen van te gebruiken en te oogsten: zoals specerijen, opium en ook de fossiele brandstoffen. De aarde als gulle levende entiteit ‘Gaia’ voor een ieder, mag niet spreken.Wind, water, zon: die zijn overal aanwezig en niet aan grenzen gebonden.Het was al veel eerder mogelijk om daar de energie van te halen. Ooit ging het over waterkracht of steenkool. Men koos voor de ontwikkeling van mijnen, want mijnwerkers zijn als slaven in te zetten, terwijl watertechniek voor iedereen ter plekke beschikbaar kan worden en er dan niemand afhankelijk is van bedrijven en grote mogendheden. Het welvarende Westen wil het monopolie behouden en drukt nu dus ook alles rondom wind en zon zoveel mogelijk de kop in, om controle te kunnen houden op de wereldwijde energievoorziening, middels de transportwegen, zoals de  pijpleidingen. China ontwikkelt nu in een gigantisch tempo zonnepanelen om met zonne-energie straks niet meer afhankelijk te hoeven zijn het westen. Geen wonder dat Trump hangt aan de fossiele brandstof en China als zijn grootste concurrent ziet. Europa speelt in dit plaatje geen rol.


En ondertussen gaf iPad mij deze compilatie van een dag in Manhattan.
Ik ging, met Bryant Park als huiskamer waar ik in de krant las dat er een India Parade in de buurt was, op stel en sprong daarnaar op zoek, om het al wandelend weer weg te wimpelen en kwam weer terug bij mijn huisstek. Ik zie mijn lol in de architectuur en de mensen daarin.
 

woensdag 27 november 2024

Here I am


Ooit, meer dan 35 jaar geleden, plante ik een glanzende paardenkastanje uit het bos in mijn achtertuin. Die groeide meteen uit tot een boompje, die te groot werd voor de achtertuin. Ik groef deze uit en de hoofdwortel ondergronds was al langer dan het boompje erboven. Ik verplaatste het naar mijn voortuin, aan de rand en deze groeide uit tot een grote boom, die zelf kastanjes geeft. En nu wordt deze geveld. De boomwortels blijken schade te geven aan het riool. Een periode afgesloten; wie weet méér dan de helft van  mijn eigen leven…


Na een etmaal in mijn stadshuis, waaronder ik dus bovenstaand bericht ontving: die boom moet weg, letterlijk bijna mijn levensboom, de enige boom die ik ooit zelf geplant heb, was ik net voor de storm weer  in mijn boshuisje en bekeek er The Sheltering Sky, een film naar een boek van Paul Bowles die er ook zelf in te zien is, als verteller van het verhaal. Een stel, New Yorkers (de film begon met een kleine verassing voor mij, namelijk met oude beelden uit de straten van NY), gaan op reis door de woestijn in Marokko en hij, gespeeld door een heel jonge John Malkovich, sterft er aan een onverwachte ziekte en zij, gespeeld door Debra Winger, zet haar reis voort. In de eindscene loopt ze dan alleen weer de bewoonde wereld binnen, in een Marokkaans stadje.
Paul Bowles kijkt toe en hij mijmert over sterfelijkheid. Hoe je nooit weet dat je iets wellicht voor het laatst meemaakt…
Dus de boom wordt geveld en zelf ga ik nu voorlopig drie dagen per week naar mijn stadshuis en daarmee verandert de beleving van mijn leefomgeving. Het is niet zomaar mogelijk, om een beetje een contemplatieve kluizenaar te zijn… In de bus terug bedacht ik dat ik gewoonweg méér de dynamiek van New York moet gaan inbouwen. Daar reisde ik ook dagelijks vanuit Brooklyn naar alle andere delen van New York en genoot van de verschillende werelden die binnen korte tijd binnen je bereik liggen. 
Dat is nu in feite ook zo. Dus ik heb meteen een tienbadenkaart besteld voor de avondsauna, die maar enkele kilometers van mijn stadshuis is verwijderd.


Mooie woorden van Paul Bowles: Here I Am. Dit, zo’n beetje, wordt het nieuwe motto, voor wat aanvoelt, als een andere levensfase.

zondag 24 november 2024

Zonder Sinterklaas


 Het vorige weekend in Hattem en nu in Zutphen aan de IJssel; de beste manier om mijn neigen naar New York te ‘bestrijden’. Oeroude vestingstadjes aan een rivier, die Hollanders die altijd handel aan het drijven waren;  in principe is het geen verschil met dat zij eeuwen later Nieuw Amsterdam aan de East River en de Hudson stichtten.
Ik werd door vier mensen tegelijk met mijn neus op een reële situatie gedrukt. Ik gun een jongen een verblijfplaats in mijn stadshuis, maar waarschijnlijk ziet de woningbouwvereniging dit als fraude en zet ik mijn eigen verblijf op het spel. Die zou wellicht al lang een dossier aan het opbouwen kunnen zijn en dan is het mogelijk om de huur binnen een maand op te zeggen. Vanaf nu moet ik minstens drie dagen in de week in mijn stadshuis zijn, om de verdenking weg te werken dat ik er niet meer zou wonen…Dus nu moet ik ook mijn leven weer wat reorganiseren. Die dichtregel van Rutger Kopland zoemt in mijn hoofd: Een lege plek om te blijven…Dat mag dus niet zomaar.


Gelukkig is daar nog de wondere wereld van Sinterklaas waar, door de hand van Charlotte Demantons, alles mogelijk is. Na de traditionele Sinterklaasdobbel met de vrouwengroep met hun onverwachte surprise over mijn stadshuis, even willen wonen in het huis van Sinterklaas…


Té grote peren op een tafelsprei, net niet elegant ontwaken, een beetje onhandig de toekomst inkijken, een wat norse maar onverzettelijke blik van de schilder Hans Bayens (1924-2003)…waarschijnlijk haakten deze beelden aan mij, door mijn stemming.


En toen fietste ik weer 30 km terug naar mijn boshuisje, het eerste deel door een landschap waar ik veel gewandeld heb. Bij het kerkje van Hall, ook een historische pleisterplaats, keek ik naar het vervallen boerenstulpje met het rieten dak. Die overgebleven harde stengels van de mais die daar pasgeleden groeide. Alles veranderd en je gunt iedereen een huis en een verbetering van de leefsituatie ook die arme boeren die ooit in ongeveer een modderkuil, in de grond leefden.
Wind door mijn kop, terwijl het tegelijk mild en zacht weer was, en mij eigen maken dat een verandering van koers noodzakelijk is, want ik ben geen Sinterklaas, die bestaat niet. Die oude Hollandse traditie is waarschijnlijk ook de eerste les, waar de magische wereld van het kind overgaat in ontnuchtering, om daarna te leren hoe je met een VOC mentaliteit de wereld kan veroveren: Voorwaarts! Voorwaarts! 

vrijdag 22 november 2024

Winterwandeling


Opstaan, rolgordijntje naar boven, zien dat het gesneeuwd heeft en ook alweer aan het dooien is, gauw-gauw mijn dikste winterkleren uit de doos halen, kop koffie naar binnen slurpen, naar buiten.
Hertensporen, de eerste zijn die er loopt, die ploffige wattensneeuw aan stammen en twijgen. 


Sporen en structuren op de grond, dikke en dunne bomen.


Het wordt allengs lichter; ochtendzon door de bomen. Sneeuw begint te druppen en glijdt soms als kleine pakjes naar beneden.


En welk liedje past bij deze stemming, zo’n wandeling waar details en fijnzinnige lijnen te zien zijn en ook weer zó voor je neus verdwijnen? Ik zit weer binnen, het regent nu en het is bewolkt, het witte toverbos is alweer weg.


‘Let your mercy spill…and bind us thight…’

donderdag 21 november 2024

Eerste sneeuw


 Mooi, gisteren, die eerste sneeuw van het jaar en het wisselende kleurenpalet in anderhalf uur tijd.


Hoe er dan stipjes in de sneeuw komen, door de regen en de druppelende kracht van het water versneld weer een uitzicht geeft naar de hemel.


woensdag 20 november 2024

All creatures great and small

 


De engelen van Paul Klee hebben verschillende gezichten en zijn soms wat ambigu, het is allemaal niet zo eenduidig.
Zoals veel van ons menselijke handelen; dan denk je het goede te doen, maar dan komt daar toch niet het perfecte plaatje uit.
Je maakt bijvoorbeeld met veel moeite je kruipruimte helemaal droog, kleine bijdrage aan het klimaat, blijkt het dat er nu ratten onder je vloer leven, die dit een heerlijke warme plek vinden. 
In New York zijn tijdens de corona pandemie veel meer  auto’s verkocht dan gewoonlijk;  elektrische en allemaal met nieuwe leidingen eronder die van soya gemaakt zijn en niet zulke waar petroleum doorheen moet, en nu blijkt de rattenbevolking van naar schatting drie miljoen, op een inwonertal van meer dan acht miljoen, bovengronds te komen in de straten, voor hen is het een nieuwe bron van voedsel.


De zin all creatures great and small schoot mij te binnen. Mensen zijn niet de enige bewoners op de planeet. Kwam deze regel niet uit een gedicht?…Ja, en het is ook op muziek gezet en het wordt ook gezongen in de kerken. Niks mis mee, het is fijn als het woord ‘God’ gebruikt wordt in een context van schoonheid, respect, zachtheid, positiviteit. Dat het verwijst naar een wereld die opbouwend is.


De dichter Mary Oliver plaatste dit gisteren op Insta. Zo wil ik ook wel aan God denken en deze eren. 
Hopen dat we als engelen kunnen zijn, die zacht neerdalen op de aarde.