zaterdag 29 september 2012

Rondom psalm 32

'We moesten klokken luiden en gaan roeien', berichtte zuster R. aan een trouwe meditatiegangster die alleen bij de koffie en thee erna, aanwezig kon zijn. 'Jij schoot bijna in de lach!' reageerde ik. 'Ja, ik dacht wat nu dan? Een klok luiden  en ik had nog nooit geroeid!' Maar het werkte wel, zeiden anderen aan tafel, ik voelde me het helemaal doen'.

Ik had bij de bewustzijnsoefeningen voor het bewust-zijn-van-je lichaam, eens iets nieuws verzonnen: stel je voor dat je in een bootje zit  en nu ga je met je armen roeien. Zet spanning op je armen, roei vooruit, wees je bewust dat jij degene bent die zich een weg roeit door het water, maar dat jezelf door het water gedragen wordt. Luidt de klok boven je en laat de klok langzaam uitluiden, zodat het weer stil wordt.

Het was weer meditatie: ditmaal rondom Psalm 32. Het gaat over het zoeken en weet hebben van de goede weg. Dat heeft te maken met uitkomen voor je eigen fouten: 'zonde', in de taal van de psalmen. Wie blijft communiceren en zich blijft openen, met alles wat en wie je bent, wint aan kracht en dan zal storm en vloed je niet bereiken.

De psalm bevat een heel sterk beeld: 'Ik geef inzicht en wijs de weg die je moet gaan. Ik geef raad, op jouw rust mijn oog. Wees niet redeloos als paarden of ezels die met bit en toom worden bedwongen, dan zal geen kwaad je treffen', zegt de psalmist in de nieuwe vertaling.

Leren loslaten dus... stap voor stap in alle redelijkheid blijven wandelen en de weg zal zich vanzelf openen. Wie oprecht is van hart en vol vertrouwen, raakt in vervoering: je zult gaan juichen en gaan zingen.
De zegewens ging aldus:

Moge je blijmoedig  je weg gaan
niet bang zijn voor je eigen zwakheid en falen.
Moge je vertrouwen op je gezonde verstand
en je kunnen overgeven aan de wijsheid in je.

Moge de Levende jou omringen
met liefde, licht en mogelijkheden ten goede.
Moge de weg zich vanzelf openen.

Moge je gaan zingen:
Zegen en geluk van God, de Levende.

vrijdag 28 september 2012

Y-Droom

Ik geloof dat ik er toch iets over kwijt moet, want het blijft de hele ochtend in mijn hoofd hangen. De droom waar ik uit wakker werd en ik droom nooit. Het was allemaal zó haarscherp, zo levendig, het lijkt of die droomwerkelijkheid vlak naast me aanwezig is en net zoals de werkelijkheid zelf ook vaak is, zich niet laat interpreteren en er alleen maar simpel IS.

Ik was in Venetië op doorreis voor enkele uren en ging er op bezoek bij een bekende, wie weet ik niet, die daar woonde aan het water met uitzicht op het Canal Grande met links aan de oever een kerk. 'Kom, laten we er heen gaan, daar heb je nog net even de tijd voor', zei hij (ik geloof dat het een hij was). Onderweg genoot ik van Venetië en verbaasde me dat het een zo vanzelfsprekende omgeving kan zijn, dat je er automatisch en verstrooid doorheen loopt, zoals mijn metgezel.

Bij de trappen van de kerk liep er, samen met de mensen, één levend schaap met een  dikke witte wollen vacht naar binnen. Mijn metgezel begon iets te zeggen, maar ik zei: 'wees eens stil;  ik hoor iets vertellen over Franciscus van Assisi en Clara en Agnes.' Weer buiten de kerk kwam er iemand naar me toe lopen met een doosje en een brief van broer Y. die in Amsterdam woont.  Ja, het was zijn handschrift, maar in het echt is het niks voor hem, een brief. Het was ook niet van mijn echte broer Y., de letter Y betekent iets, het staat voor mij voor een juichend mensje met de armen omhoog en voor een splitsing van de weg, het kiezen tussen twee richtingen.

Het bleek dat Y mij eerder een miniatuur had laten zien die hij ontworpen had, (broer Y is in het echt ontwerper en vormgever), van een soort van  kasteel of een huis waarin je kan wonen, waar ronde en abstracte vormen mij opvielen, het leek van zand. Nu vertelde degene, wie weet ik niet, die me de doos overhandigde dat er in de brief stond dat die miniatuur een soort afleiding en Spielerei was geweest. Maar  in de doos, een kubus, bevonden zich elementen van het gebouw waar het werkelijk omging: Ik zag dat het een moderne Franciscaanse kerk of klooster voorstelde. Of was het een groot woonhuis? Ik maakte de doos open die vol water zat en daaruit viste ik enkele zwarte stukken die leken op Tangramstukken.

Ik pakte er één vierkant zwart stuk uit en daar stond in gebeiteld, zoals op een grafsteen: 'I live in multiply houses'. Tegelijkertijd las ik de beginzinnen van de brief van Y.: 'Lieve Mirjam,  De menetekel komt zoals zo vaak pas op het einde: Ik wil je vragen deze steen te breken.' Toen werd ik wakker. Ik dacht dat mene tekel zoiets als addertje onder het gras, of verrassing betekent, maar opgezocht in het woordenboek blijkt het 'onheilteken' te zijn. Ik denk toch dat het in de droom iets betekent als 'onverwachte uitkomst'.  Ik verwonder me over de onverwachte werkelijkheid die mijn brein met deze droom geschapen heeft.

donderdag 27 september 2012

The Celluloid Closet

Je hoort er tegenwoordig nooit meer iets over want gay, lesbian, bi lijkt meer een lifestyle geworden. Maar er was een tijd dat er een trots zelfbewustzijn was vanuit die zijde, dat men de wereld toch echt een verfrissend, nieuw perspectief kon bieden. Dat men creatiever, gedurfder, rücksichtloser en dus ook origineler was dan de doorsnee burgerlijke grijze muis.

Nu vond ik dat indertijd lichtelijk overdreven, maar gisteren zag ik de Amerikaanse  documentaire The Celluloid Closet uit 1995 en toen dacht ik: Ja! Er is een wijze van spelen met de werkelijkheid, met gender en geslacht, met mannelijkheid en vrouwelijkheid, die specifiek was: messcherp en teder tegelijk, vals en zuiver, klaterend vrolijk vanuit  een donker diep bewustzijn dat men ánders was en toch gewoon.

In de documentaire wordt de filmgeschiedenis van de twintigste eeuw onder de loep genomen en de 'dubbelzinnige' scenes daarin , de verborgen boodschappen die soms alleen maar te zien waren voor de homo-lesbi-community met hun 'gaydar', zoals dat tegenwoordig heet.

Een feest voor het oog, ook: Marlene Dietrich in smoking in Morocco, waarin ze zowel aantrekkelijk is voor mannen als voor vrouwen, ik kan daar niet genoeg van krijgen. In het commentaar werd ook gezegd dat deze scene uit 1930 uniek en onevenaarbaar is gebleken:  het gemak, de vanzelfsprekendheid, de flair.

Suikerzoet lief is Doris Day als Calamity Jane, terwijl ze My secret Love zingt. Het lied is een evergreen geworden. Maar wie denkt bij geheime liefde nu, aan dat wat vroeger wel geheim en verborgen diende te worden? Mannen die van mannen houden, vrouwen van vrouwen...

Is het nu een vooruitgang: dat het alleen maar een kwestie van smaak is geworden of van lifestyle? Ik weet het niet.  Ik mis het soms, dat subversieve, dat ondermijnende, dat vileine venijnige: anders dan anderen zijn, je stem verheffen: het had ook iets profetisch.

Droef

Herfstwind
De tak van de moerbei
ligt er zielig gebroken bij.     Basho

Er zijn soms van die droeve dagen dat je zou willen dat alles anders was. Dat je zou willen dat iedereen met de mensen waar je van houdt op een gewone, natuurlijke wijze zou kunnen praten. Dat de dingen transparant zijn. Dat tijd, plaats en je zelf samenvallen met anderen. Dat je meer zou kunnen delen, dan het geval is... Maar ja, men mag niet ontevreden zijn. Het mag wel maar je hebt er zo weinig aan. Tranen kunnen louteren als ze uit echt verdriet ontspringen, maar ontevredenheid vreet en knaagt en holt jezelf uit.

Het leven is toch ook wel een drama af en toe, een donkere poel van wrikken en wrakken die daarin dobberen. Zo vind ik de sfeer rondom mijn wijkcentrum zonnig en relaxed, ik zie steeds vaker mensen een beetje nieuwsgierig naar binnen kijken als ze langskomen en ik hoop dat ze eens de stap zetten om gewoon binnen te lopen. De mensen die in de buurt wonen en op weg zijn ergens anders heen, die kijken tegenwoordig sowieso naar binnen. Om mij even te groeten. Leuk.

Maar gisteren hoorde ik de wijkagent vertellen dat er gemiddeld vijf fietsen per week rondom het winkelcentrum worden gestolen, en hij vond dat weinig. Er schijnt hierachter op een parkeerplaats gedeald te worden. Er zijn bendes zakkenrollers actief die een hele strategie ontwikkeld hebben.  Ze volgen in de AH een klant, gaan vlak achter hen staan als die pinnen bij de kassa, zo ontfutselen ze de pincode en vervolgens bellen ze die per mobiel door naar iemand anders. Die gaat, samen met een andere zo iemand volgen tot in een kleinere winkel of onder in de parkeergarage en dan maakt de ene een praatje of veroorzaakt een botsing, terwijl de andere de portemonnee rolt. Dan vlug naar de pinautomaat... enzovoort.

Dat heet dan de kleine misdaad, daar heb je rekening mee te houden. De wereld is oneerlijk verdeeld en sommigen vinden daar deze oplossing voor om het wat recht te trekken. Maar gisteren werd ik overvallen door iets waar ik in het geheel geen rekening mee had gehouden. M. de interieurverzorgster was terug en ze vroeg me ineens: 'Wat staat daar?' Ik had briefjes bij de deurklinken geplakt, om de deuren niet op slot te draaien. 'Hoezo, wat staat daar?' vroeg ik, 'kun je het niet lezen?' Nee, dus, ze kan niet lezen.

En dat vertelt ze nu: terwijl ik al vaker een briefje voor haar had neergelegd. Nu: nu ze zelf toch zo'n beetje helemaal aan de grond zat: Haar kinderen zijn uit huis geplaatst en op het werk krijgt zij nu haar laatste kans. Intriest. Haar kinderen werden regelmatig van school geschorst en een van haar dochtertjes kwam dan meehelpen schoonmaken in het wijkcentrum. Die absolute solidariteit naar moeder:  zó graag een complimentje van haar willen krijgen...Maar moeder schreeuwde alleen maar en vond het wel best dat dochter niet naar school ging...Nu kon zij vaker buiten sigaretjes roken met onbekende mannen die aan haar kleven.

Je gunt die dochter een heel andere toekomst en dat ze op het rechte pad zal blijven. Maar dochter zal nu ook wel verdrietig zijn, want ze moet haar moeder missen. Ach,  en zo is het leven voor velen ook hangen en wurgen en je kunt daar zelf niet veel aan doen. Je wilt vliegen, maar je blijft aan de grond.

woensdag 26 september 2012

Geloof gebeurt

Ze kwam invallen, hier in het wijkcentrum: G. die ik kende vanuit mijn eerdere werkplek. Ze heeft een bijzonder huis: vol engelen, ik vond het een soort tijdloos paradijsje. Ik wist al van haar moeder die Allzheimer had. Hoe die in het verpleegtehuis langzamerhand alles uit handen moest laten vallen, de verwarring van iets bekends in G. zien, maar niet meer haar dochter.

Net in de korte tijd dat G hier inviel overleed haar moeder. Toch nog onverwacht. 'Misschien is het wel goed zo, want ze wist helemaal niks meer, maar het is toch je moeder die er nu niet meer is', zei ze. Vlak nadat ze was heengegaan en rustig op haar bed lag: toen was ze ook ineens weer haar eigen oude moeder. Ik herkende dat wel van Vader: alle kramp en spanning van zijn gezicht gegleden: hij leek jaren jonger.

'Ik heb er wel vrede mee... ik heb iets meegemaakt... jou kan ik het wel vertellen, ik weet helemaal niet of het echt was, maar dat doet er ook niet toe, het geeft me troost...'

Ze vertelde dat ze bij haar moeder was en al een hele tijd gewaakt had. Het was vroeg in de middag en ze besloot even een sigaretje te gaan roken in de tuin bij het verpleegtehuis. 'En toen kwam hij aanlopen... mijn vader, het was hem helemaal, met zijn ene hand in zijn broekzak zoals hij altijd stond, hij zei niks, hij glimlachte alleen maar en hij keek me aan. Ik had al zo lang niet meer aan mijn vader gedacht, hij is al zo lang geleden gestorven en daar stond hij ineens. Ik dacht meteen: hij komt mijn moeder halen! en ik drukte mijn sigaret uit en rende naar boven. Een uur later is ze overleden.'

'Wat een mooie ervaring', zei ik.
'Ja, weet je, misschien is het wel pure fantasie van me, omdat ik dat graag zou willen, maar het maakt me niet uit wat het was, het was toen echt en er kwam zo'n rust en vrede over me en dat hou ik bij me"

Dit is het moderne geloven, religie zoals die leeft en is: we weten het niet, je weet niks zeker, je hebt geen bewijs, maar je hebt het ook niet nodig. De ervaring, die IS. Er gebeuren dingen die we niet kunnen grijpen, maar die opborrelen uit de meest levende kern in je: een bron van geluk.

dinsdag 25 september 2012

A lovestory between...

Ik heb een nieuw natuurgebied leren kennen:  de Grote Peel , op 42 kilometer afstand van Boekel. Vroeger fietste de familie van W. daarnaartoe: heen en terug en dan ook nog daarin gaan wandelen, allemaal op één dag. Dat waren nog eens tijden: alles ging langzamer, kinderen gingen gewoon mee, protesteren bestond nog niet. Oude foto's van de jaren vijftig laten nog eens twintig jaar eerder zien, hoe het toen was: mannen aan het turfsteken, hetgeen met paard en wagen werd afgevoerd, doorleefde en doorwerkte gezichten, gezeten bij bergen turf, even een sigaretje roken, tussen de zware arbeid door.

Wie ook heel hard gewerkt hebben de afgelopen twee jaar zijn vriend T. en P. die van een oude pastorie in Horst een Bed&Breakfast hebben gemaakt. (www.depastoriegroesbeek.com ) Ik heb er nog oude lagen behang mee van de muren gescheurd en een deel van de aarde,  nu een prachtige moestuin met groenten en bloemen, omgespit.  Het resultaat mag er wezen, bijna onherkenbaar, als ik me bedenk in welke fases ik het heb gezien.  Een van de laatste vragen was: moet er nu wel of niet tv op de kamers? Ik vond natuurlijk van niet, want in zo'n prachtige, rustige omgeving, met uitzichten op de weilanden en het regelmatig klokgelui van de kerk, heb je toch geen behoefte aan  tv-beelden? zeg ik, die geen tv heeft: De B&B heeft het nu wel.

Tijdens de dOKUMENTA was er een project van Theaster Gates die een oude zijvleugel van een hotel, die het Hugonotenhuis was gaan heten, nieuw leven had ingeblazen door er met een team te gaan wonen. Helemaal uit Chicago waren er materialen verscheept uit een daar hersteld oud gebouw, dat nu een culturele ontmoetingeplek is van de plaatselijke bevolking, kunstenaars en muzikanten. Zo groeide ook het Hugonotenhuis: de eerste keer dat ik er kwam was er een jongen fanatiek stukken hout aan het schuren, lijmen en verven: twee weken later stond er een meer dan levensgrote stoel, die nog maar net door de deur zou kunnen. 

Ik moest in het Hugonotenhuis denken aan de B&B van T en P: op de ene plek werden oude hotelkamertjes verbouwd tot muziekplekken, kamertjes met gekke dingen daarin, zoals twee muizentrappen die naar niks leiden, op de andere plek werden de dienstmeidenkamer van meneer pastoor en zijn slaapkamer verbouwd tot kamers voor recreanten. Theaster Gates noemde zijn project: a lovestory between two buildings. 

Bij een verbouwde pastorie en de verbouwing van een turfsteekgebied naar een natuur en wandelgebied, kun je misschien zeggen dat het, als het resultaat geslaagd is, a lovestory between two times, is. Ook het natuurgebied De Grote Peel is constant aan verbouwing en verandering onderhevig. Het was nu anders dan in de tijden dat W's vader er als jongeman wandelde, anders dan toen de familie er ongeveer twee keer per jaar naar toe ging. En ook nu werd er een stuk weer onder de schop genomen. Op de open dag van deB&B waren er buurtbewoners die nog wisten dat bij díe achterdeur, ze het vlees moesten afleveren voor meneer pastoor en dat daar de spreek/biechtkamer was: nu een ruimte waar acuppunctuur gegeven wordt

Mooi, als de materie verandert, maar er telkens genoeg verhalen blijven om het geheel met elkaar te verbinden: a lovestory.

maandag 24 september 2012

Feestjongeren

'Het lijkt wel weer maandagmiddag', hadden ze tegen elkaar gezegd, op de fiets op weg naar mij: mijn twee 'oppaskinderen' kwamen langs: de ene had daarvoor een afspraak gemaakt en de andere kwam even mee omdat die de weg op de fiets beter kende. En toen zaten we op een picknick-kleedje in de zon in het plantsoen achter mijn huis en ze vertelden over hun vakanties.

M. was naar het BOOM-festival geweest in Portugal. Daar komen 60.000 mensen vanuit heel Europa. Het is ergens op de grens van Spanje en Portugal, op de hoogte van Salamanca en Guarda, ze had er avonturen meegemaakt van op-een-sinaasappel-moeten-leven-gedurende-een-etmaal, lopen in de hitte, de berg op met bepakking, meegenomen worden achterin een vrachtwagen door andere BOOM-gangers. 'Maar dit was de beloning', zei ze, en op de foto's gemaakt met een wegwerpcameraatje, zag ik een blauw meer met witte hangmatten daarin gebouwd, kleurige dans tenten, kunstwerken van stenen en hout en bomen vol kleurige lampjes in een woestijnachtige omgeving.

BOOM is een hippy-achtig festival, vol alternatievelingen, mensen van alle leeftijden, kinderen en ouderen die daar een week lang met zijn allen kamperen en alles met elkaar delen. Geen wanklank, alles kleur, fleur, peace & happiness. Het zag er heel aanlokkelijk uit, het maakte mij nieuwsgierig: 'ík weet wel wat jij over twee jaar gaat doen' zei ze. Wie weet. Zij gaat in ieder geval wel weer en dan wél mee doen aan alle workshops die er ook gegeven werden.

E. had een werkvakantie achter de rug in Ghana bij een non-profit instelling: Voorlichting geven over aids was het hoofddoel, maar de foto's op haar laptop lieten ook feestjes zien, kleurige jurkjes kopen, safari en boot- en waterfiets-tochtjes, naar een waterval en over loopbruggen door de boomtoppen, met andere jongeren of eerder jong-volwassenen, waarvan er veel uit China, maar ook de Ivoorkust, en Denemarken kwamen. Een heel andersoortige ervaring.

Terwijl wij op het gras zaten, bleek ondertussen het Facebook feest in Haren op stoom  te komen en dat is uit de hand gelopen. Het enige wat ik denk is: Gemeente, had die jongeren gewoon een feestje laten vieren! Jongeren hebben behoefte om hun zinnen te verzetten, grenzen te verleggen. Zolang je andere mensen opzoekt, en je niet opsluit in je eigen kamertje, zolang is er een potentieel om er samen wat van te maken.

Naar het BOOM festival, naar Ghana, naar Haren: wie kom je daar tegen, welke spiegels worden je voorgehouden, wie kan je zien als eigen reflectie? Haren gaf maar één spiegelbeeld terug: jongeren, jullie zijn potentiële lastpakken. Als je dat niet bent, dan wordt je het vanzelf, want een ieder heeft juist ruimte nodig, om jezelf te ontdekken. En om ergens onderweg  te kunnen ervaren dat het leven ook een feest kan zijn, als je dat er zelf van kunt maken., geholpen door anderen.