donderdag 31 december 2015

Oudejaarsdag 2015

Zal ik nu nog wel naar de Albert Heijn lopen of niet? Open tot 19.00 en 124 meter hier vandaan, aldus het internet. Ik ben zo'n gewoontedier en wilde dat dit jaar eens doorbreken. Dus ik kocht vanochtend wel de ingrediënten voor een eenvoudige bowl, vruchtjes en kersen op sap, een appel en gooide dat in een pan, alvorens ik de stad inging. Maar ik kocht niet de ingrediënten van het zalmslaatje. En dit zijn de beide dingen die ik ALTIJD eet op Oudejaarsavond.

Zolang als ik me kan herinneren is dat zo. Het is dus een gewoonte die ik uit mijn jeugd heb meegenomen. Het zalmslaatje was een vleessalade en dan waren er natuurlijk oliebollen. Vroeger stond het beslag daarvan 's middags te rijzen op de verwarming of kachel en  rook het naar gist en daarna naar poedersuiker en olie. Ook daar heb ik er altijd een schaaltje van, zo ook dit jaar. Maar geen zalmslaatje. Doe het eens anders, dacht ik dit jaar. Bovendien had ik nog dagen na de Kerst-Inn in het Wijkcentrum salade gegeten van de overblijfselen.

Maar ik zit net bij een kaarsje en zie het voor het laatst van dit jaar schemeren en donker worden, en plotsklaps komt de smaak van mijn eigen bereid slaatje, altijd versierd met verse mandarijnen-schijfjes  als bloemblaadjes in het midden bovenop en als gekartelde rand  in boogjes rondom, me helemaal in de mond.... mmm... Maar ik geloof dat ik me schrap moet zetten en het niet ga doen: volgens de traditie is dit ook niet meer het moment om boodschappen te doen en dat hele slaatje nog te bereiden. Het zal dan ook zeker minder smaken dan anders, omdat de smaak van de ingrediënten niet meer bij elkaar naar binnen kunnen trekken, zoals bij de bowl.

Oudejaarsdag wordt bij mij toch meestal net een andersoortige dag als anders, alhoewel ik in mijn hoofd denk dat het niet zo zal zijn en dat naarmate je ouder wordt het speciale ervan afgaat. Maar zonder nadenken groeit deze dag toch naar het je zeer bewust zijn van de tijd naarmate de dag vordert. En dan komt het besef dat het aan de andere kant van de wereld, waar ik ook eens was met Oud en Nieuw (nee, toen geen oliebollen en slaatjes en bowl) al Nieuwjaar is en de hele wereld, ronddraaiend, dat bolletje in het heelal, het uur na uur aan het verwelkomen is.

Vanochtend stak ik eerst wierook aan in de Chinese Tempel hier vlakbij. De Boeddha met zijn vele, vele armen, met allerlei symbolische voorwerpen in de handen,zittend op de grote lotus, de bloem die wortelt in de modder en daarvandaan groeit. Geluiden van mensen vlak achter me, ook van een vrouwelijke monnik, misschien de abdis, bij het winkeltje in de tempel. Helemaal niet storend; misschien zit het in mijn genen om door de drukte heen toch ook de stilte te ervaren en het geheim daarvan, dat zich in vele vormen aan de wereld heeft getoond.

Want ik liep daarna verder en kwam bij de Nicolaas-basiliek, waar de eucharistie voltrokken werd. Ik sloot me erbij aan, bad het Onze Vader, gaf de vredesgroet, altijd zo'n mooi gebaar met wildvreemden. En daarna was er nog een kwartier een stille aanbidding voor het monstrans dat op het altaar werd gezet. De kerk was redelijk gevuld en een moment was het werkelijk helemaal stil. Dan gebeurd er iets, ik weet niet wat. Net zoals in de Chinese Tempel wordt de ruimte om me heen even liefdevol en teer.

woensdag 30 december 2015

Muziek in de Hermitage

Dit zou veel vaker zo moeten gebeuren: muziek bij een tentoonstelling. Zodat je ter plekke mooie dingen ziet, geen geroezemoes van mensen om je heen meer hoort en dat de muziek alles intensiveert en je  een heel eigen werkelijkheid erbij geeft die verhevigt en je lyrisch maakt. Dit was zo in de Hermitage bij de tentoonstelling over Spaanse Meesters die ik vanmiddag bezocht heb en hoor!, de muziek was niet te koop maar is wel te beluisteren op soundcloud: von-rosenthal (een DJ kennelijk), Soundtrack Spanish Masters for Hermitage Museum. Dus nu, al typend, hoor ik de muziek weer.

Er hing niet eens het allerbeste of mooiste werk van Spaanse Meesters, zoals El Greco, Zurbaran, Ribera, Murillo, Fortuny, Goya, Picasso. Er kwamen vele letterlijk grootse werken van hen voor mijn geestesoog die ik in de musea in Cordoba en Sevilla heb gezien. Maar het perspectief waarmee gekeken werd, de wijze waarop je door de tentoonstelling geleid wordt met heel goede begeleidende teksten, die je steeds lieten kijken door de ogen van de afgebeelden, gecombineerd met die muziek: het maakte je ervaring wijds en ruim.

Dan hoor je een madrigaal en kijk je ondertussen naar een schilderij van de binnenkant van een kathedraal, het licht dat over de beeldengroepen valt tot in de verre gewelven van het warme glas-in-lood licht in Gotische ramen. Of je ziet een kleine schildering van Franciscus van Assisi van Zurbaran, die Franciscus heel vaak heeft afgebeeld en hoor je de muziek verlangend, geconcentreerd, wervelend en toch ook besloten en dan kom je heel dichtbij een soort gevoelen dat Franciscus misschien zou hebben kunnen ervaren, staande in zijn bruine pij met een schedel in zijn hand.

Er wordt geen reclame gemaakt voor het Stierenvechten, maar door flarden uit een documentaire van een Torero en kleine jongens die de kunst van het bewegen met de lap leren en de vergelijking van de stier met de minotaurus in het labyrint van Kreta, zie je wel ineens dat dit een deel van de Spaanse cultuur is. Fel als de flamenco, en ook devoot en emotioneel  en veel lichamelijker in het beleven van het geloof dan in West-Europa

Een heerlijke tentoonstelling waar ik de tijd helemaal vergat en met de muziek in mijn oren sommige dingen wel tot drie keer toe liet afspelen. Zo maak je een eigen reis... die op dit moment, in dit hier-en-nu,  wel een heel onverwachte kant op gaat: ik krijg de muziek niet meer uit op Soundcloud: er komt nu heel harde moderne stampmuziek uit de laptop: help!

dinsdag 29 december 2015

Spoorloos en techniek

Het is altijd een verrassing hoe ik het huis van Broertje in Amsterdam zal aantreffen. Hij had me gewaarschuwd voor troep, dus ik had me al ingesteld om de eerste uren er al schoonmakend door te brengen. Maar het was spic en span schoon. Ik vermoed dat hij het heeft laten schoonmaken. Zo zou dat bij mij werken: dat je de rommel pas ziet door de ogen van anderen. Want ik had gereageerd met: O, dat is niet erg... een keer eerder was het ook een rommeltje, maar nu ben ik erop voorbereid en toen niet, weet ik nog. O, echt? antwoordde hij.

Maar de grootste verassing zit 'm in het gegeven of en hoe ik kan omgaan met al de Techniek in zijn huis, die hij elke keer weer vervolmaakt. In zijn ogen. Nu zei hij dat er een afstandsbediening voor de verlichting in het halletje lag. Daarover deed ik nonchalant, want die kende ik al. Dacht ik. Maar nu liggen er gekleurde platte plaatjes, iets groter dan een pinpas en ik krijg het niet aan het werk Dus nu doe ik ouderwets de lampen aan en uit met de druk en draaiknoppen in de hoeken van de kamers.

Dat doet het nu tenminste. Er is een keer geweest dat ik voornamelijk in het donker zat, omdat dit toen niet lukte. Gelukkig was het toen zomer. Want ook van de verwarming snapte ik niks en van de  tv. In feite zat ik toen zonder elektriek. Dat was  'kamperen in het huis van Broer' en dat is de keer dat er ontstaan is, dat het hier ook als een kluis aanvoelde: zicht op het water en de boten die voorbij varen, in stilte blijven, met een enkel boek, staren in het grote aquarium.

Maar nu doet alles het! De tv, het internet en hij heeft een laptop voor me neergezet met een eigen icoontje van een roos. Aangezien ik dat thuis allemaal niet heb, laat ik nu mijn verblijf hier, daardoor bewust kleuren. Het is de tijd op de tv van de jaaroverzichten en de terugblikken ; dus wel een aparte tijd om tv te kijken. En ik zoek oude programma's op, zoals Spoorloos dat zijn 25-jarig bestaan viert.

Spoorloos is het programma dat altijd in het Wijkcentrum wordt nabesproken tijdens het kaarten en dat zijn fijne gesprekken om aan te horen en ook nog eens wat over te vragen. Fijner dan al die negativiteit over de vluchtelingen, die ik overigens wel begrijp omdat de kwetsbaren in de samenleving veranderingen het directst op hun huid voelen. Ze hebben vaak een dikke huid ontwikkeld, maar die is vaak beurs door eerder getrek en geduw op allerlei fronten.

De verhalen van Spoorloos zijn allemaal echt, ze overspannen de continenten, ze gaan over allerlei landen en steden en dorpen en hutjes in de rimboe en de bergen, ze gaan over arm en rijk. Ze verenigen en herenigen. De levens van vele mensen verschijnen versneld en gestold in een reportage. Hoe armoede dwong om kinderen af te staan, hoe geliefden vertrekken en de ander met een kind achterlaten, hoe een vakantieliefde voor een onbekende vader zorgt.

Hoe een donorkind op zoek gaat naar zijn 'halfjes': twee halfzusjes vindt hij snel, en met zijn drieën willen ze op zoek naar de anderen en er melden zich na de uitzending in Nederland al meer dan 50, waarbij  DNA onderzoek nog moet vast stellen of het klopt. De prognose is, dat het er wel 200 kunnen zijn. Zit je rustig voor de tv en dan zie je een soort van evenbeelden en pas dan kom je erachter dat je via kunstmatige inseminatie op de wereld bent gekomen.Tien jaar geleden of zo vond ik dit zelf een soort van sci-fi  en stelde ik me al voor dat je verliefd zou kunnen worden op iemand, dat je verwonderd bent over zoveel verwantschap en dat die ander dan een halfbroer of halfzus blijkt te zijn.

Al die mogelijkheden van de techniek! Het meest opvallend vind ik dat de menselijke geest zo flexibel is als wat. De drie halfjes van elkaar zeggen nu luchtigjes, na de bekendmaking van wellicht de eerste 54, dat ze nu dus dan een veel grotere zaal moeten zoeken en dat het niet mogelijk zal zijn om met alle 200 vrienden of bekenden te worden. In de nabije toekomst komt er bij Spoorloos dus een reportage van een bijeenkomst van al die halfjes.

Hoe zou ik zelf reageren op zo'n bericht? Waarschijnlijk zou ik met al die 200 halfjes toch wel een dieptegesprek willen hebben, op zoek naar herkenning en gedreven door nieuwsgierigheid over de wijze waarop genenmateriaal zich verspreid. Of toch niet? Misschien zou ik wel heel laconiek zijn, zoals de toestand van het huis van Broertje. 

Techniek maakt van alles en niks tegelijk mogelijk. Je hebt dan wel meer levend bewijs om je heen, dat alle mensen verbonden zijn met elkaar. Maar dan komt daarna waarschijnlijk toch de nuchtere vaststelling dat er van jou maar eentje op de wereld is.

maandag 28 december 2015

Voorbij de Sionsabdij

Ik heb nog een stukje van het leistenen dak ergens verwerkt in mijn kerststal; van de Sionsabdij in Diepenveen die nu door de monniken verlaten is. Ze beginnen met zijn vieren een klooster op Schiermonnikoog. Liefst kluizen, zoals woonwagens, gebouwd rondom een kapel, midden in de duinen, iets hoger, zodat je  over alles heen kunt kijken. Dit  was gisterenavond te zien op tv.

Ineens zie ik abt A. weer, die in een paar jaar tijd wel wat ouder is geworden; de vitaliteit van de nog jongere man, zoals ik hem heb leren kennen is er al vanaf. Ik kwam er maandelijks, we lazen o.a.de woestijnvader Cassianus en gedurende die tijd heb ik het gastenverblijf zien veranderen van bruin en oubollig naar modern en kleurig en dus ook  gezien hoe het hele leistenen dak van de abdij vernieuwd werd.

Abt A. was  toen voortvarend en optimistisch over de toekomst van Sion: er was een cirkel van meelevenden om hen heen die ook een eigen ruimte kregen, er was een soort van nieuwsblad dat, geloof ik, maandelijks verscheen en er waren wat jongere mannen die roeping leken te hebben. Maar allengs werd hij ook somberder: het kan toch niet de bedoeling zijn dat hij  zich voortdurend moest bezig houden met het onderhoud van het gebouw? Hij was graag in Noorwegen waar een aantal monniken in zeer eenvoudige onderkomens in de bossen woonden.Nu lijkt dit ideaal gerealiseerd te worden op Schier. Het eiland dat naar de monniken vernoemd is.

Ik vond het nogal wat, die berichten: dat alles onttakeld werd. Geen begeleiding meer voor de cirkel rondom Sion, hij trok zich terug uit de leesgroep.  Iets erin roept ook iets op van: iedereen zoekt het maar zelf uit, ik wil er alleen voor God zijn; aju paraplu. Maar de allergie daarvoor heeft ook met mezelf te maken.

Dit afgelopen seizoen waren er bij de medtiatie-avonden bij de Clarissen voor het eerst minder mensen. Zuster R. zei in de wandelgang: misschien moeten we maar eens een seizoen overslaan. En helemaal onverwachts voor mezelf, begon ik daar steeds meer voor te voelen. Misschien was het ook wel goed als het helemaal stopte, voor alles is er een tijd, nietwaar? Dus ik stelde voor om te temperaturen bij de vaste kring bezoekers. En tja, daar kwam uit dat iedereen toch wel heel graag zou willen dat we doorgaan.

Daar sta je dan. Want bij mezelf groeide steeds meer het verlangen om het los te laten. Ik ben steeds meer een mens geworden van de stilte, wil eigenlijk niks meer zeggen en wil ook geen product afleveren: tweemaandelijks een brokje rust en bezinning. Dit is waar abt A. ook voor stond: waarvoor ben je monnik geworden? Toch niet om te faciliteren voor anderen?

Ik begrijp zijn verlangen goed. Sterker nog: stel dat er zoiets op Terschelling zou kunnen ontstaan, de plek die ik al beleef als dat ik daar in mijn tent in een kluis zit midden in de natuur, dan zou ik toch heel serieus op onderzoek gaan of zo'n monnikenleven iets voor mij zou zijn: op zo' n plek, op zo'n manier.

Maar dat is er niet. Ik vraag me tegelijk ook af of ik dit  wel echt zou willen en daarin zou kunnen geloven. Er helemaal voor God te zijn, zonder geldzorgen. Want waar komt het geld vandaan? De monniken van Diepenveen hoeven zich daar kennelijk geen zorgen over te maken. De verkoop van de Sionsabdij geeft genoeg bedding. Zeven keer in een etmaal bidden : is dat nou echt nodig om God naast je, voor je en achter je te ervaren?

Voor mij niet. Ik moet ineens weer denken aan een droom die ik ooit had. Abt A. en ik liepen door zijn klooster. We stonden in een van de grote lege ruimtes. Toen zag ik op de bodem van de vloer een afvoerputje en wist ineens dat dit ooit een zwembad was geweest, waar het water dus uit was gehaald. Het klooster was ooit een zwembad geweest, vol water. Een raadselachtige droom, die ik aan abt A. heb voorgelegd. Hij wist deze ook niet te verklaren.

Wat vol is, is leeg en wat leeg is, is vol, denk ik nu. Als je leegloopt door dagelijkse beslommeringen en vervalt in routines, dan is het goed om die achter je te laten om weer vol te kunnen stromen. Als je je laat vullen met dingen die eigenlijk niet bij je passen en je dan niet trouw bent aan je eigen roeping dan past het, om het niet te doen en het achter je te laten. Wat anderen daar ook van vinden, hoe erg je wellicht hen teleur stelt.

Het is eigenlijk, dagelijks, balanceren op een koord om je evenwicht te bewaren.Zoals  je richten naar de zon, zonder in slaap te doezelen of je te verbranden. Maar zo, dat je verwarmd word, je huid gaat tintelen en je je helemaal, van voor en achter, van links en rechts, je jezelf voelt leven.

woensdag 23 december 2015

Let your love flow

Gisteren in de bus, Let your love flow. Volgens mij was het een hit toen ik nog op de middelbare school zat. Ik werd er vrolijk van. Toen al vond ik dat van harte en nu nog steeds: Let your love fly, like a bird on a wing and let your love bind you to all living things and let your love shine and let you'll know what I mean, it is the reason...
Terug uit Düsseldorf, hoorde ik mezelf bijna hardop meezingen met dit liedje op de radio. 

Ik was naar de tentoonstelling The problem of God. Ik had wilde plannen om daarna ook nog naar een tentoonstelling van de schilder Zubaran te gaan, die zo prachtig stoffen en gewaden schildert,alsof de stilte erin hangt, maar de tijd ging om: meer dan drie uur lang heb ik alles bekeken, in een tentoonstelling waar de naam eerder voor mij 'De uitdaging van God' of iets in die trant had kunnen heten.

Omdat er een samenwerking was met de katholieke kerk van Duitsland, die de tentoonstelling tenslotte wilde confisqueren, is er erg de nadruk gaan liggen, dat geen een van de kunstenaars 'gelovig of religieus' is. Maar wat zeggen deze woorden nog, wanneer je ziet dat alle kunstenaars tenminste het religieuze erfgoed serieus nemen, als referentiepunten waar er over de grote menselijke gevoelens zoals liefde, lijden, passie, onmacht, pijn, verschrikking, verlossing enzovoort, gedacht is en verbeeldt is in zovele Bijbelse scenes?

Ik zou over bijna elke kunstenaar, sommige  kende ik al van ander werk op  de Documenta of de Biennale in Venetië,  wel een blogje kunnen schrijven, maar doe dat niet. Ik noem hier alleen maar Andrea Buttner,die speciaal voor deze tentoonstelling een zaal vulde met o.a. grote zwart-wit foto's, van ramps, dat zijn die schuine plankjes die er op trappen gelegd worden zodat rolstoelers en slecht ter benigen er makkelijk overheen kunnen schuiven.Het worden een soort abstracte ruimtes. Ze schildert stenen,die ook op brood lijken en wijzende handen. Haar inspiratiebronnen zijn Theresa van Liseux met haar beleving van de kleine wereld,en Franciscus van Assisi met zijn eenvoud  en armoede.

Mijn internettijd is bijna op. Dus terug naar het begin: Let your love flow... Zo had de tentoonstelling ook kunnen heten.
Een fijne kerstgedachte ook, zo in het begin van mijn kerstvakantie die mij straks naar het klooster voert en daarna naar Amsterdam, alwaar er misschien een computer is, maar misschien ook niet. En dan staat dit blog stil tot in het nieuwe jaar.

zaterdag 19 december 2015

Kerst bij de mussen

De mussenkolonie in mijn tuin blijkt best kieskeurig wat ze wel en niet eten. Pas gooide ik oude zonnebloempitten in hun voederbakje, maar die werden niet aangeroerd. Toch te groot zodat de musjes zich kunnen verslikken? Geen idee. Ik dacht dat die ook verwerkt werden in vetbollen.

Door die vetbollen  geïnspireerd dacht ik dus dat ze stukjes zwoerd met vet spek erop wel zouden lusten. De mussen gedroegen zich significant anders. Voor zover ik dat kan overzien. Een voor een kwamen ze kijken, vlogen dan tussen de takken van de haag en hielden beraad. Hun getjilp klonk echt van: wat vind jij?...even pauze,  en dan de volgenden:.... nou ik weet het niet... nog een keertje proeven, maar... enzovoort.Resultaat was, dat er na een dag wel wat in het zwoerd was gepikt, maar niet heel gretig. Dus de rest gooide ik in de vuilnisbak

Maar ze blijken dol op oude kerstkransjes-koekjes, afgeschreven uit het wijkcentrum, van de diverse borden die er op de tafels stonden bij de kerstbingo. Vrolijk en heel hard kwetterend daalden ze af vanaf het dak, en vlogen af en aan. Binnen no-time alles schoon op. Dus vanochtend probeerde ik het met de kapjes van het kerstbrood, de overblijfselen van de Kerst-Inn, gisteren in het wijkcentrum. Toe maar: weer helemaal raak, twee kapjes razendsnel verorberd met zijn allen. Dus dit weekend is het kerstfeest bij de mussen, want ik heb er nog veel meer.

donderdag 17 december 2015

Thuis, VN , Parijs, Lourdes

Dagelijks denk ik hoe goed ik het heb in mijn verwarmde huis, de ruimte voor mij alleen, zelf kunnen koken en kijken wat je eet, dingen doen en laten en daar de vrijheid in hebben om keuzes te maken. Ik relateer me hier dan vooral aan de vluchtelingen in het bos Heumensoord, zo dichtbij, maar levend in een totaal andere werkelijkheid.

Dus iets in me vindt dat ik niet te lang kan stilstaan bij dingen die veranderd zijn of zomaar voorbij zijn.  Bijvoorbeeld bij de opheffing van het weekblad Vrij Nederland. Ik ben al zo lang abonnee en moet dat bericht dan ergens anders lezen dan in VN zelf. Dat valt me tegen, dat ze gewoon een nummer afleveren en dit niet tot onderwerp maken van hun eigen nieuwsgaring. Juist omdat de kracht zo lang was, dat ze de vinger op zere plekken trachten te leggen, in de kleine en grote brandhaarden van de wereld.

Vrij Nederland gaat al vanaf mijn jeugd mee. Met de paplepel ingegoten, zeg maar. Zo werd ik vanzelf  'links'. Daar had ik verder geen besef van, want ik heb tot mijn 28-ste ofzo niet mogen stemmen omdat ik een Indonesische nationaliteit had. Dus ik verdiepte me er niet in wat ik was. Renate Rubinstein was er columniste, dat las ik altijd het eerste. Haar wijze van denken heeft mij zéér beïnvloed. Nou, dat blad wordt dus een maandblad, terwijl ze pas nog groots hun 75-jarig bestaan vierden. Voor mij is het blad ook achteruit gehold. Triest? Wat komt ervoor in de plaats? Zo'n materiële plek, in de vorm van een pak papier door de brievenbus vol verassingen, is dat nu voorgoed verdwenen?

En dan is daar Parijs: de stad van de liefde en het licht, dat ik in alle seizoenen wel bezocht heb en waar ik voor het eerst een hotelkamer besliep met mijn eerste vriendje. April in Paris, just chestnut-blossems... Eindeloos flaneren, de vrijheid, een klein kroegje in Montmartre... en nu? Angstig en gebarricadeerd. Niks in mij dat nu denkt dat het daar leuk is.

En dan is daar Lourdes. Ook daar het bericht dat het er stikt van de soldaten en de controleurs. Wat kan er dan overblijven van de sfeer van zachtheid die ik het sterkste punt vind van die plek, helemaal los of je nou gelooft in verschijningen van Maria aldaar en wonderen waar zieken genezen: Naast het Lourdes-water borrelde er een bron van troost. Helemaal weg nu, zomaar water kunnen putten is er niet meer bij.

'Waar moet dit heen, hoe zal dat gaan, waar komt die rotzooi toch vandaan?' Zo ging een liedje vroeger.