donderdag 30 april 2026

Zichtbaar maken


 Wanneer ik wakker word uit een droom met nog heel levende beelden, dan wil zo’n droom mij meestal iets zeggen. Nu droomde ik op een feestje te zijn van mijn naamgenoot en daar was ook haar jongere broer. (Die zij in het echt helemaal niet heeft). Er hing meteen chemie tussen ons, spontane aantrekkingskracht. Maar ik kon niet goed naar hem lopen, ik was immers véél ouder en hij durfde niet goed op mij af te stappen. Uiteindelijk spoorde naamgenoot hem aan en toen hadden we een heel leuke avond. Heel ‘onschuldig’ ook : er werden geen kussen of omhelzingen uitgewisseld, alleen wat speels gestoei. Naamgenoot vroeg aan mij hoe de avond met hem was geweest en ik zei: héél leuk, we waren als twee pubers!
We maakten een afspraak voor een vervolg. Ik trok daarvoor mijn ongeveer enige jurk aan, die ik had, omdat het dezelfde jurk was, als die hij aanhad op het feestje. Het leek mij een leuke tegemoetkoming; laten zien dat wij iets volkomen overeenkomstigs hadden. Maar bij het zien ervan betrok hij, hij voelde zich belachelijk gemaakt door mij en hij liep weg. Daar zat ik dan met mijn mooie bedoelingen…Ik wist dat het géén zin had om hem achterna te lopen, zijn gevoel was velen malen sterker dan dat ik dit met woorden zou kunnen herstellen.


Het deed mij denken aan wat ik onlangs had meegemaakt. Ik fietste zwaarbepakt in Nijmegen, een beetje helling af, naar het RijnWaalpad, dat is een heel scherpe bocht naar rechts, de blauwe lijn op het plaatje. Naast mij, maar ik zag ze niet in detail, waren twee voetgangers, de rode lijn. Ze liepen veel sneller dan ik dacht en dus kruisten we elkaar per ongeluk en ik kon zelf niet meer remmen. Ze bleken beide slecht ziende, met ‘blinde geleide’ stokken. ‘Kon je niet even wachten?!!’, riep de vrouw woedend naar mij. ‘Nee, dat lukte niet’ zei ik en fietste door, want ook op het pad zelf kon ik niet echt abrupt remmen. Ik had ze het graag uitgelegd, hoe de verkeerssituatie en ik zelf eraan toe waren. Zij zien met grote moeite waarschijnlijk alleen maar de weg voor zich die ze bewandelden, en dan zijn ze dus erg geschrokken van iemand die rakelings voor hen kwam. Als ík geweten had, dat beide slecht ziende waren, dan had ik van te voren mijn vaart geminderd en was gestopt voor hen.
Opnieuw een situatie waar beide van goede wil zijn, en dan gaat er toch iets mis.


 In mijn droom voelde de jonge broer van mijn naamgenoot zich belachelijk gemaakt door mij…terwijl ik juist een tegengesteld doel had: zichtbaar maken van iets wat hem zeer ter harte gaat.
Het is bijna als spreken over God: zó vaak een bron van conflict en miscommunicatie. 
Toen ik puber was, had ik een affiche van William Blake in mijn kamer. God; een man met een witte baard, terwijl ik vol van ‘God’ was en nooit heb gedacht dat deze een man met een witte baard zou zijn. Waarom hing deze er dan? 
Zichtbaar maken, wat je ter harte gaat…

woensdag 29 april 2026

Groenend in het hemelsblauw


 Nu ben ik alweer een maand terug uit India en had ik nog nooit een wandeling, mijn rondje, door het bos gemaakt. Het aanzwellend lentegroen meemaken vanuit mijn bostuintje voldeed. Maar vanochtend werd ik wakker en dacht: en nú moet ik. Gelukkig was ik op tijd: er was overal nog dat frisse jonge lentegroen.


De ochtendzon gaf mooi lijnenspel op de grond.


Nu een zee van groen, met jonge bosbessen: de laatste keer dat ik hier was, in het ‘Tolkienbosje’, baande ik mij een weg door kniehoog sneeuw.
Van wie is dat kleine holletje?


Later op de middag zag ik vanuit mijn hangmat het groen uit de eikenboom piepen, met als achtergrond een staalblauwe hemel. Dit is hemels.

PS
Er blijkt een gigantische brand te zijn op de heide rondom ‘t Harde. Vorig jaar fietste ik daar nog. Hier niks van gemerkt. De wind stond de andere kant op. 

maandag 27 april 2026

Koningsdag 2026; Arnhem

 Het was een heel genoeglijke koningsdag, die ik s’middag in het Sonsbeekpark doorbracht, met mijn buit, totaal voor €7,60, bijeen gestruind vanaf 10.00 uur,  in wijken daar in de buurt.

Het klassieke koningsdagtafereel; musicerend kindje. Hij haalde overigens best veel geld op, met slimmigheid, ook. Nadat hij klaar was met Heal the World maakte hij snel zijn kistje zowat weer leeg; op naar het volgende liedje. Zo blijft de neiging tot aanmoediging levend. Ik zag heel veel twee euromunten.

Een gemoedelijke sfeer, met verschillende typen verkopers. Het fotoboek over NY kocht ik bij een studentikoze jongen die zijn boekenkast wat leger wilde hebben. De grote Bronto bij een gesluierde moeder, die de honneurs van haar zoontje had overgenomen. Die was huilend in de auto gaan zitten omdat zijn zusje zich bemoeide met zijn koopwaar.


Ik at een broodje knakworst en een stuk appeltaart. De laatste bij een jong stel, die ook de Engelse vertaling van De avond is Ongemak; The Discomfort of Evening van Lucas Rijneveld had liggen. Meteen mis je hens eigenzinnige taalgebruik en de verkoopster zei dat ze nu wel nieuwsgierig was geworden naar het oorspronkelijke Nederlands, die lag bij een buurvrouw in de aanbieding.


Leuk om die verschillende subcultuurtjes in een wijk te zien.





In het Sonsbeekpark lag het gras vol met relaxte mensen, de zon was doorgebroken.




En de lentebomen bloeiden heftig.





zondag 26 april 2026

Snoepende mannen, fietspomp-hulp, staande vrouwenbeelden


 Collage’s maken  is voor mij een manier om ervaringen te verwerken. De meesten ervan belanden vervolgens in dit blog. Sommigen niet, omdat er ter plekke iets anders eerder woorden vindt. Zoals deze; ik zag het vorige week Zondag in het Brabants Museum in s’Hertogenbosch. Binnen een tentoonstelling die onderzoekt wat Mannelijkheid is. Twee mannen eten snoepjes van elkaars lijf, honderd als geheel, een teller geeft tijdens het filmpje aan hoever ze gevorderd zijn. Een mooie mix van worsteling, erotiek, kracht en kwetsbaarheid. Ik ga weliswaar Zondags nooit meer naar de kerk, maar vind dit óók een viering en articulatie van het leven: Alert worden en aankomen bij een laag die in het dagelijkse leven meestal niet te zien en te ervaren is, maar die ons desondanks leidt en voedt. Het werk is van Bart Hess (1984) en heet: Sweet Meat.


Zo, dat was dan weer mijn Zondagse mijmering…Ook bovenstaande maakte ik afgelopen week mee. Ik fietste zwaar bepakt van stadhuis naar boshuisje, een man komt naast mij fietsen: ‘Meid, je rijdt met helemaal een zachte achterband, zometeen sta je lek!’ Hij bleek een fietspompje bij zich te hebben, maar toen bleek dat ik een Frans ventiel heb en dat past niet op Hollands ventiel. Hij ging googelen voor een fietsenmaker in Bemmel en kwam toen op het idee om bij de Hornbach te kijken of ze de ‘aanpassing’ (ik ben nu de technische term kwijt) hebben. Zodoende kwam ik voor het eerst van mijn leven in de Hornbach, wat een immens grote winkel, maar ze verkochten geen fietsonderdelen. De man kwam met een nieuw idee; terug naar het fietspad, Het RijnWaalpad, daar reden ook altijd wielrenners en die racefietsen hebben ook een Frans ventiel en de meesten hebben ook een pompje bij zich. 
Ik volgde gedwee en kon het érg waarderen dat hij zo vanzelfsprekend hulp bood. Alles rondom fietsen bleek zijn hobby te zijn, als vrijwilliger hielp hij vaker bij evenementen, vandaar. Zijn voorspelling kwam uit: er reed een wielrenner voorbij en de man pompte verwoed wat lucht in de band; het moest voor even wel genoeg zijn. Ik kwam zelf op het idee om bij Declathon te stoppen en dat stelde hem gerust: Ja, die hebben links naast de ingang een fietswerkplaats. Ik bleek er mijn fiets de winkel in te mogen rijden en een meisje pompte met een professionele pomp beide banden weer hard, voor mij.
Zó leuk en hartverwarmend, zo’n interactie tussen vreemdelingen!
Zo’n voorbeeld wat natuurlijk ook goed verwerkt kan worden in een Zondagse preek.


Het was een stralend heldere dag, maar er woei wel een koude wind. In het centrum van Arnhem was het even wat beschut door de huizenrijen aan twee kanten, en ik besloot daar, in de middagzon op een bankje te lunchen. 


Ik keek naar het witte beeld tegenover mij. Zo’n onduidelijk vrouwenpersoon in het groen. Ik bedacht ineens hoe beeldrijk het in India is, tegenover de enkele beelden in plantsoenen en parken, een plein, in Nederland. Je kunt daar geen drie straten omlopen of er is ergens wel een beeld in en op een altaartje of een tempeltje, of ‘zomaar’ op een kruising of langs de kant van de weg.
En dan alle overdaad in oude tempelcomplexen en ruïnes. Zoveel en van zo’n goede kwaliteit, dat ik maar stopte om er foto’s van te maken. 
Af en toe dacht ik, nou déze dan maar. De reden was, dat er tegelijk op de achtergrond nóg een dier te zien was; een vis.

PS
Zondags lentegevoel


zaterdag 25 april 2026

Naar het tuincentrum


 


Na een fijn fietstochtje door het achterland van Beekbergen, zwarte aarde en daarachter een fel geel veld vol paardenbloemen, waar ik net langs was geweest, kwam ik aan in het tuincentrum. De dichtstbijzijnde winkel om een verjaardagscadeautje te kopen, ik dacht aan een hangpot met bloeiende voorjaarsbloemen. En dan zou ik voor mezelf ook allemaal lentebloemetjes aanschaffen. 
Een gewoonte die ik van Moeder heb overgenomen en die ik jaarlijks pleegde: in de lente naar het tuincentrum voor vrolijkheid en kleur in je tuin.
Maar…ik kwam aan en ineens was er die stem: als het even kan, koop dan bloemen en planten die biologisch geteeld zijn, want de rest zit vol met giftige kunstmest en dergelijke, héél slecht als productieproces en voor de bodem.
Ik kon ineens niet meer genieten van al die kleur en fleur, zag plots allemaal kleine gifbommetjes; kunstmatige natuur.


Er was maar héél weinig aanbod in biologische planten, welgeteld twee schappen, dus uiteindelijk kocht ik drie vaste plantjes, in een provisorisch gevouwen en geniet papieren ‘bakje’.
Voor mezelf, voor in de kruidenbak, een rozemarijn, die biologisch geteeld was.
En vooruit, om toch iets van ‘bloem’ mee te nemen voor de tuin, een potje met roze krultulpen, die ik in de herfst als bol niet kon vinden, maar wel mijn lievelingen zijn. 50% afgeprijsd, op een trailer vol al bijna uitgebloeiden. Hebben ze toch nog een kort glorierijk leven bij mij. Tulpen horen bij dit groeimoment in het seizoen, dus zullen wel niet zoveel kunstmatig gif in de grond hebben? 
Of die stem blíj́ft rondom ‘perkgoed’?…Misschien zwakt die af, naarmate de lente en de zomer vordert, want dan is bloemenrijkdom natuurlijker.


De brem bloeit wel geheel natuurlijk in het bos.


donderdag 23 april 2026

Bostuinieren

Leuk, om vanaf mijn zitplaats achterin de tuin, twee werelden te kunnen verenigen.

Alles wat kleur heeft en bloeit, komt extra tot haar recht tussen de bomen.



Temeer, natuurlijk, omdat ik alles er zelf in heb geplaatst.


Het lieve kronkelblaadje van de Gingo Biloba is favoriet.

Ik ben ook héél tevreden, dat het met opzet verspreiden van pluisjes van de paardenbloem goed gelukt is.

Ach, dit is dus bostuinieren.

 

dinsdag 21 april 2026

Afscheid van de mussen


En toen was het ineens lente vanuit mijn slaapkamerraampje in mijn boshuisje: de kale berkenboom draagt jong blad, de laurierkers bloeit.

Het voortuintje in mijn stadshuis stond er ook mooi bij.

Ik heb moeten constateren dat de mussen nu werkelijk wég zijn…Na de dood van buurman Peter begin December, die mij ‘het mussenvrouwtje’ noemde en buurman Joop al veel eerder, die in de buurpraatjes buiten altijd zei: ‘Eigenijk heb ik wel lol van jouw woeste tuin.’ en wiens voortuin nu een kaal ijzeren hek heeft. Het lijkt of met het heengaan van hen beide er nu definitief een periode is afgesloten.

De achtertuin blijft een beschutte plek, waar de appelboom die ik in de winter snoeide, veelbelovende bloesem had. Maar, o!, ik miste het getjilp van de mussen…De bamboe is géén ontmoetingsplek meer.


Het leven gaat voort…altijd toch maar het verwachtingsvolle vermoeden blijven bewaren, dat bij elke horizon die wijkt er iets anders gloort.