zaterdag 14 maart 2026

Langs de rivier Tungabhadra


 ‘My uncle expired ten days ago, so now we are doing puja’, zei deze man. Die is leuk om erin te houden. Je houdbaarheidsdatum is afgelopen. Stel je dat in de Nederlandse cultuur voor. Een oom sterft en dan ga je met familieleden naar de rivier om je onder te dompelen; een reinigings- en zegenritueel voor je oom.


Hij was er met drie andere mannen, waarvan een gehandicapt aan een been en die werden één voor één met de scooter weer naar de tempel gebracht; hij zelf ging lopen, dat is ongeveer vijf minuten.
Aanvankeljk was het druk, veel mensen waren zich in de rivier aan het wassen. Maar rond twee uur was er niemand meer en kon ik nog net een glaasje Chai krijgen. Ik was de laatste klant en zag haar alles opruimen. Het riep wijkcentrum-herinneringen op; hoe ik jarenlang ook de boel weer aan kant maakte rondom de bar. Ergens gaf me het een groot gevoel van voldoening dát ik dit zo lang heb gedaan.


Haar dochtertje deed onderwijl een spelletje op de telefoon.En toen vertrokken ze, met handkar en al.


En bleef ik alleen over, iedereen weg op het hoogtepunt van de hitte van de dag. Ik lag prima op de bank die in feite ruïne-steen was. Haar stalletje, van bamboestokken en een dak gevochten van palmbladeren, maakt handig gebruik van enige ruïne resten.


Ik kreeg gezelschap van een hele groep apen. Die zochten wellicht ook schaduw in de tempel ruïnes.


Na de ergste hitte, zocht ik verkoeling bij de rivier.


Het is er zó vredig. Heel veel verschillende vogels, kleurige kleintjes die in de papyrusplanten fladderen, witte kraanvogels, kleine ibissen (?), zwart-witjes die op de keien foerageren, denk ik, naar kleine insecten, tortelduifachtgen, rode libellen, visjes die even uit het water opspringen, enzovoort. Ik doe geen moeite meer om dat op beeld te krijgen, want ik ben telkens te laat.


Het is ook alsof de tijd een beetje is stilgezet. De rivier Tungabhadra stroomt hier al eeuwen en zal door de grote rotspartijen niet veel van aanzien zijn veranderd. Vroeger deed men hier al de heilige rituelen, nu nog steeds. Ook al rijdt je nú geruisloos weg in een grote dure auto. En zijn de tempels als staketsels geworden.


Liep daar nou een wilde hond, die ook nieuwsgierig was naar mij? En is het een ibis, daar op die rots?
En toen was er even een optocht die door de serene rust toeterde.



vrijdag 13 maart 2026

Tempels die muziek maken


Mijn onderkomen is nu in het oude familiehuis van Anantha, waar hij nu woont met Camille uit Frankrijk en zijn moeder. Van twee kamers hebben ze een airbnb gemaakt. Midden in het kleine dorpje, tegen de rivier aan, waar bananenbomen groeien.


Zo loopt hun straatje, naar de hoofdstraat. Camille woont er nu vier jaar en op mijn vraag of ze Europa niet mist, zei ze ‘soms’… het is niet altijd makkelijk…het vraagt tijd, ik oefen mij in geduld.’ Tot nu toe gaat ze elk jaar voor drie maanden terug. Maar als ze in Europa is, mist ze India ook.


Hampi is een grootse ruïne-stad nu, temidden van een apart landschap, met grote rotsformaties. Ooit in de 15e en 16e eeuw onderdeel van een zéér machtig en welvarend rijk.
Ik wandelde langs de rivier het oude pad dat toen er al was, met overal tempels. 


(Door meerdere ‘technische problemen’, ahum, kan ik nu geen collages maken. Waneer ik nog lang India moet blijven, zal ik misschien nog wel blogjes hierover maken, aan zee. Voor nu dus alleen korte berichten.)


Hampi staat mij bij door Moeder. Het behoorde bij het mooiste wat ze gezien had, ze had er ontzag voor het menselijk kunnen van gekregen. ‘Er is daar een tempel die muziek kan maken, hoe kwamen ze erop, hoe kan dat?’ 


Alle kleine pilaren bevatten tonen als je er zacht op slaat en elk cluster aan pilaren is een eigen muziekinstrument. Deze hoofdtempel mocht je niet in, maar in een van de andere tempels op het complex, deed een tourguide het voor. Elk pilaar heeft meerdere ribbels en ook die bevatten elk een andere klank.


Alles,van top tot teen, is ook nog eens bewerkt, vol symboliek, verhalen uit de Ramayana en losse individuen. Ik zat op een bank, waar vroeger de mensen ook zaten en dan lieten ze de verhalen op de pilaren op zich in werken.


Ja, ook op de pilaren wordt getrommeld.


En mensen houden van elkaar, mooi toch?



donderdag 12 maart 2026

Trojka daar, aapjes hier.

 



Gisterenmiddag zat ik in de Bob Marley beach-shack aan zee in Candolim. Er zaten alleen maar Russen en in de reviews had ik gelezen dat het dé sociale ontmoetingsplaats is voor Russen. Trojka hier-Trojka daar, ging het door mijn hoofd, een liedje van Drs P.

Waarschijnlijk heeft het een Russische eigenaar. Hier is geld aanwezig: stenen vloeren, een verdieping die tot dansvloer met discolicht omgetoverd kan worden. Ze organiseren evenementen met Carnaval, Karaoke, Internationale Vrouwendag. En dan in Bob Marley- sfeer over Freedom enzo…

Ik zat in een heel gammele, bumby bus, die behalve mensen ook overal pakketten ophaalde. Onderwijl denkend: Was ik nu in Nederland geweest, dan was ik nu op de fiets gestapt en was in regenpak naar Kranenburg gefietst. O, dat klopt niet, zie ik nu, dat was vandaag geweest…Zwaarbewolkt, zonder regen 11 graden. 

En nu lig ik een beetje voor pampus met 37 graden. De belangrijkste nog actieve tempel pal voor mjn neus en een eigenaar die de apen wegjaagt met een katapult.

Op een dakterras, aan de rivier, in een dorpje van 1500 inwoners. De eigenaren liggen zelf ook voor pampus. Hun dochters, vermoed ik, kwamen wat drinken halen.

Het kan verkeren.




woensdag 11 maart 2026

Eenvoudige gebaren

Ik was voor het eerst s’ochtends vroeg op het strand.



In deze gewelddadige wereld tellen



de eenvoudige gebaren.




dinsdag 10 maart 2026

Morgen naar Hampi


 Een lekker sjiek voorlopig afscheidsmaaltje uit Candolim: smeuïge riviergarnaaltjes in Goa massala met uitzicht op de rivier. Misschien kom ik er wel terug… Want na een week bezig geweest met vliegtickets en het steeds maar blijven monitoren en inschatten of ik wellicht toch zou kunnen vliegen, kwam het definitieve bericht: gecanceld.
Maar ik vertrek tóch. Ik ga voor een week naar Hampi.Dat stond toch al op mijn verlanglijstje om nog eens te willen zien. Nu maak ik van de nood maar een deugd. Aangezien Trump zegt toch zeker nog een week te willen bombarderen en ik hier dus niet weg kan met een vliegtuig, neem ik een bus. Weer een sleeper, liggend in de nacht reizen.


Ik laat het grootste gedeelte van mijn bagage hier achter, wil zo licht mogelijk gaan en het is geen straf om hier terug te komen; aardig ideale omgeving van zowel de branding van de zee als een stiltegebied rondom de rivier.


Een vader leert zijn zoontje om fuiken uit te zetten. Tot drie keer toe passeerden we elkaar, ik alweer op de terugweg, we glimlachten naar elkaar. Mooie opbouwende activiteit; zo wens je dat de wereld zou zijn…


Zo’n simpele manier om bij de bootjes te komen, fragiele takken aan elkaar gebonden…


Nee, zo is de wereldwijde situatie niet. Alles wankelt en schuift. Wanneer ik weer naar Nederland kan, weet ik even niet. Voor nu bindt ik de takken aan elkaar, die ik voor handen heb; dat wordt mijn weg.

zondag 8 maart 2026

Impulsaankoop: metalen muziektrommeltje.


Almaar zien dat alle vluchten vanuit Doha zijn gecanceld, noopt naar something completely different . Tot nu toe heb ik alle winkeltjes vol kleren en andersoortig spul geheel genegeerd, nu had ik zin om uitgebreid te snuffelen. En tja, voordat ik er erg in had, was de aanschaf gedaan: koopdrift. Maar wél echt een koopje, voor zeven euro en ik had er meteen plezier van.
Ik ging op het strand trommelen en raakte er helemaal in. Vergeljkbaar met swingen: je weet helemaal niet precies wat je doet, maar het voelt helemaal oké.
Ineens zag ik drie paar benen om mij heen. Ik keek dus op en het bleken drie mannen te zijn.
Continue!, zei eentje, maar dat ging natuurlijk niet meer. Wel grappig. Ik ben wel plan om dit te herhalen op het strand, want het doet mij goed!


En dan vallen ineens kleinere huisjes mij op, waarschijnlijk omdat ik anders in mijn boshuisje was geweest. En vensters, een groene muur, een man die de regenboog beklimt.


Oude bomen…


Vissersboten die omgekeerd tussen de palmbomen liggen, lege huisjes vlakbij het strand waarvan voorstelbaar is dat ze ooit verhuurd werden aan badgasten. Zó’n groot aanbod van hotels, kamers, resorts, appartementen en ze lijken vooralsnog vooral leeg te staan.


Ik krijg de Indiase gewoonte: tijdens de middaghitte ging ik even naar binnen en douchen, daarna weer naar buiten in het kielzog van twee Indiase dames met hele grote witte zonnebrillen op, weer naar het strand.

zaterdag 7 maart 2026

Tegen de klippen op?

I am a long,long way from home…more, than 2000 Miles, vertelde een jongen, die mij herkende omdat ik twee keer heb gegeten (vlees!), waar hij werkt. Al acht jaar doet hij dat vanuit het oosten van India, waar hij woont. Een half jaar in Goa en dan weer een half jaar naar huis: nu nog twee maanden en dan sluit alles, is het seizoen voorbij.
Ik zag dat het wel een uur duurde: met zes man dit bootje met een Indiaas gezin met één jongetje de zee op te krijgen. De golven waren te woest en te hoog.
 Tot nu toe was het strand heel breed en zaten in de hoogte, in de verte, alle witte toeristen als sardientjes in blikjes bij elkaar. Nu moest ik pal langs hen schuifelen, het strand was verder onder de golven verdwenen en het zeewater likte af en toe aan de poten van de ligbanken.

Deze drie gegevenheden van gisteren, geven op associatief niveau, wel mijn eigen waarneming en beleving weer. Ik heb voor woensdag een vliegticket over Doha, had eerst het plan om deze voor gisteren, zaterdag dus, te boeken. Als ik dat gedaan had, was ik nu ook in Doha gestrand. En ook voor vandaag zit hij er nog, zie ik net op Flight Radar, waar je alle vluchten live kunt bijhouden.


En dan met véél Nederlanders in de hitte van de luchthaven, meldt hij erbij. En heel veel anderen mensen daar, denk ik daarbij, het moet er als een mierenhoop zijn, want alle vluchten zijn gecanceld. Gisteren zijn er drie vluchten gegaan; naar Madrid, Londen en Rome; repatriëringsvluchten, zo bleek.
Wat nu? Niemand weet hoe de wereldsituatie zich verder zal ontwikkelen. Het is als een woeste zee, waar met man en macht af en toe een bootje doorgang kan vinden.
En ik ben a long way from … mijn boshuisje.