vrijdag 30 januari 2026

Op de veranda, sense of wonder


 Een heerlijk plekje op de veranda van I. Daar zou ik rustig de hele dag kunnen zitten.


Vroeger gaf haar buurvrouw door haar raam haar baby aan I. die dan op de veranda stond om haar aan te nemen, om op te passen.Nu schalde daar ineens mijn allerliefste liedje van toen ik zestien was vanuit haar ramen, toepasselijker kon niet, daarboven in een hoekje. Al die liedjes die ik zó goed ken, het was lang geleden dat ik haar hoorde; Karen Carpenter. 


Ik had een rest van het eten van gisteren uit het restaurantje aan I. gegeven en vanochtend zei ze dat ze ook eten voor mij had. Ze had mijn lievelingsmotief van ‘rood-met-witte-stippen’ aan. Ze vertelde dat ze bij de dood van haar vader, die 92 jaar was geworden de eulogie had uitgesproken en daarin gezegd had dat hij A sense of wonder had, en dat dit het enige wat je eigenlijk nodig hebt in het leven. Nou, je haalt me de woorden uit de mond, dat vind ik nou précies zo, zei ik.  Dat komt doordat ik jou hoor vertellen hoe je overal rondwandelt,  dan resoneert dat in mij, zei ze. Ach, wat leuk om het zo roerend eens te kunnen zijn met elkaar.


donderdag 29 januari 2026

Gateway of India o.a.


Met de riksja naar station Bandra; het verkeer één grote opstopping, hij nam een zijroute. Als wandelaar erlangs is het nooit één gebrul van motoren om je heen. De trein maakt hetzelfde geluid als de metro in New York. Hier grote ventilatoren, handvaten bungelen naar beneden, open deuren en een apart stuk voor vrouwen. De rit duurt een uur naar Mumbai. Tegenover het station een Indiaas ‘sprookjespaleis.’
 

Ik voelde meteen de invloed van de Engelsen. Zeer grote cricketvelden brengen je richting de zee.

Allemaal art-deco architectuur erlangs. Later zou blijken dat ook het cricketstadion art deco is, en de appartementen langs zee.Alles opgenomen in de World Heritage: nergens zoveel art deco op zo’n klein oppervlakte bij elkaar. Het grootste museum is in die andere stijl: een mengeling van de Indiase Moghul en allerlei westerse stijlelementen.


Een internetwerkplek buiten.


Het geeft dit stukje stad iets van ‘de dagen van ooit’, grootse brede wegen, het deed wat aan London rondom Buckingham Palace denken. 




Twee oudere moderne Indiase dames kijken aan zee naar de architectuur van het gele appartementencompex.


Het was op Marine Drive, de brede boulevard langs de zee. Richting de avond helemaal vol met zittende mensen. Liggen mag je er niet, ondervond ik zelf, ik werd door een politievrouw wakker gemaakt uit mijn middagdutje. De hele baai is ook omringd door hoge flatgebouwen, sommigen wolkenkrabberachtig. Daar moet het brullende chaotische moderne Mumbai zijn. Vol luchtvervuiling, ook aan zee en de zee rook ook niet fris.


In een zijstraatje was het vol met streedfood waar geluncht werd door mensen in zakenkleding. Ik dronk voor het eerst sap dat uit de suikerriet geperst word. Héél lekker, een schuimlaagje bovenin en ik rook de geur van jonge bamboe, zoals ik die in mijn stadstuinje weleens afbreek om niet verder te laten groeien.


Het belangrijkste doel vandaag was The Gateway of India. 



Daartegenover dit ‘paleis’, was dit in de tijd van de Engelsen ook al een hotel? Dit zag de zeevarende natie dus als eerste als ze voet aan wal in India zetten.


Vlak in de buurt ook een standbeeld van Vivenakanda, de tweede keer dat ik hem tegenkom. Ik heb me een poos in hem verdiept. Hij bracht de oosterse wijsheid naar Amerika.



Bij het station een snack gegeten, het waren gefrituurde balletjes van linzen.


Ik zat in de vrouwenwagon; véél rustiger dan bij de mannen. En nu viel mij de grote diversiteit aan soorten vrouw op, licht getint, donkerder, zoveel posturen en kledingstijlen. 


Bij het restaurantje in de buurt nam ik een gerecht met peulvruchten en kaas; héél smakelijk.



woensdag 28 januari 2026

Ontbijtje; Poha

 

Ik kreeg dit van I. Het is geplette rijst met nootjes, mosterdzaad, komijn, peterselie, turmanic, ui en nootjes, blad van de citroenplant. Je bakt het met een beetje water.  Daarbij een schijfje citroen en een beetje suiker. Het wordt gedurende de hele dag gegeten, maar vaak als ontbijt. Het komt typisch uit deze streek, Maharashtra. 

Dharavi: geen sloppenwijk, maar een microcosmos

Ik liep hier mijn wijk uit, Bandra, langs de markt.

Langs de snelweg, het water over en toen de eerste sporen van de architectuur van ‘de sloppenwijk’.

Vroeger woonden hier de eerste vissers.

Het geklater van water in harde stromen vanuit gaten in de wanden van ‘de sloppenwijk’ Ik neem aan dat dit de afvoer is.

Er is een verhoogde voetgangers overgang door de breedste straat van ‘de sloppenwijk’, die leidt naar een treinstation. Van bovenaf een eerste inkijk: Er zijn verschillende breedtes van winkelstraatjes waar je in kan lopen en van daaruit vertakt het zich naar nog smallere steegjes waar de mensen wonen.

Eerst maar even thee (Chai) drinken na de wandeling van meer dan vijf kilometer.

Wat mij het eerste opvalt: Al die steile ladders die elk leidt naar een heel klein woninkje.

Midden in de wijk, centraal gelegen, een park met een speeltuin en voetbal en honkbalvelden, tafeltjes en stoeltjes. Daar even, tegenover vrouwen in burka met kindjes, gezeten op de grond.

Verder dwalen door de wijk: in sommige steegjes zijn de muren kleurig geschilderd.

De hele wijk is opgedeeld in buurtjes, met kronkelsteegjes,
waar ook eigen pleintjes zijn. De levensmiddelen aan de voorkant aangeboden, wanneer je dieper gaat, dan zitten daar bedrijfjes. Het geheel is een rondgang, die uiteindelijk weer op de grote straat uitkomt.

Overal waar het maar kan, zijn woninkjes gebouwd. Bij oude bomen vaak ook iets van een tempeltje.

In de ene ooghoek is er een stukje met stenen geplaveid, in de andere ooghoek, aan de andere kant van het huisje, grote rotzooi. Ik had bij een winkeltje een gefrituurde groentenbal en een samoza gekocht, (je betaald naar het gewicht, dit was 24 rupee). Het werd in kranten gewikkeld, dus meteen opeten maar, dacht ik, gezien de hygiëne. Het was bij een tempeltje.
Alleng werd ik moe en liep naar de hoofdweg, de grote verkeerstraat, en ging zitten op de bank van de bushalte. Naast mij wachtte vrouwen met burka’s. Ik zag dat een leerwinkel ergens aan de overkant zou moeten liggen midden in een andere straat, die parallel leek te liggen aan de hoofdstraat. Dus ik dook opnieuw de ‘sloppenwijk’ in: misschien kon je daardoorheen wandelen naar die andere straat. Niet dus, het waren doodlopende steegjes.

De gordijntjes, dat zijn de voordeuren.Drie voordeuren waar ik links de hoek om ging en een vrouw uit een ander gordijntje kwam en die zei: this is the end, je kunt niet verder lopen, héél vriendelijk. Eerder gebeurde het dat een scooter met twee jongens heel licht mij schampte. Ze stopten en vroegen mij of alles oké was.

Ik kwam weer bij de buitenranden en er was een verkeersbrug over de snelweg.  Daar ‘woonden’ mandenvlechters in hangmatten. Weer terug in Bandra, bij het begin van Hillstreet een winkeltje met gevlochten lampen vlak onder de groten fundamenten van de snelweg die aldaar nooit is gekomen.

Zoek een mens

 Dharavi: de grootste ‘sloppenwijk’ van de wereld, waar één miljoen mensen leven. Indrukwekkend. Zovéél bedrijvigheid overal en zó sterk kunnen ervaren dat individualiteit en ruimte voor hen een definitief andere betekenis heeft. 














De leren riem


Nou ja! Dit is weer echt zo’n Indiase ervaring. Ik kom terug bij mijn gastvrouw I. en ze vraagt of ik nog naar leer gekeken heb, een specialiteit in Dharavi. Ik was zelf  niet van plan om iets te kopen, op onze leeftijd wil je van spullen af, hadden we in de ochtend al uitgewisseld. Totdat ik vlakbij de grootste Leathershop zou moeten zijn op loopafstand van vier minuten.Toch nog wel leuk om mee te maken, en bedacht ter plekke ook een reden.
Ooit kreeg ik van een heel aardige man in het  wijkcentrum, zijn lievelings leren riem van heel goede  kwaliteit, het paste hem niet meer. Zeker wel 15 jaar altijd gedragen, zij werd steeds soepeler, maar op een gegeven moment scheurde deze uit, bij een gaatje. Zou wel leuk zijn om hier een nieuwe te kopen ter nagedachtenis aan hem. Maar ik kon de winkel niet vinden, werd steeds een andere kant opgewezen.
Dit vertelde ik I. en die zei meteen: Ik heb een leren riem voor je! Die droeg ik toen ik jong was 30 of 40 jaar, en gisteren zag ik die hangen in de kast en dacht: waarom heb ik die altijd bewaard? Nu weet ik het antwoord, die riem wachtte op jou, it had written your name on it.
Ze vertelde ooit een Boeddha beeldje aan een vriendin te hebben gegeven, maar die gaf het na een tijdje terug, ze voelde zich er niet goed bij. ‘Waarschijnlijk omdat ze katholiek is…nou I believe in all religions
Ze gaf de Boeddha toen aan een andere vriendin en deed daarbij wel eerlijk het verhaal. Nou, dat hoef je aan mij niet te vertellen, reageerde deze; de Boeddha was gewoon voor mij bestemd en was even op de verkeerde plek terecht gekomen.
Zo is die riem dus bedoeld voor jou, het is geen toeval dat je die leerwinkel niet kon vinden en dat ik die altijd bewaard heb!
‘Realiseer je je, dat ik van nu af aan altijd wanneer ik deze riem zal dragen, ik dan even aan jou zal denken?, zoals ik dat deed met mijn vorige leren riem?’ 
Ze zei: Zo heeft het moeten zijn! I am glad! 

PS
Hierna nog ergens gaan eten. I. raadde mij een vegetarisch restaurantje aan, vlakbij. Tevoren zei ze: ik eet heel spicy, anders had ik je een hapje aangeboden. Ik at een Masala Dosa, een soort van flinterdunne grote pannenkoek gevuld met een aardappel-groentenmengsel in masala kruiden, begeleidt met een schaaltje gekruid wit kokosmengsel en de andere was soepachtig met okra en wortel. Samen met een lassi voor de prijs van 200 rupee, dat is 1,82 euro.

dinsdag 27 januari 2026

Fort Bandra

 


Op de uiterste punt was er ook nog een verwaarloosd fort, dat vroeger echter een zeer belangrijke functie heeft gehad in de verdediging van Mumbai ofwel Bombay in de koloniale tijden. Nu woonden er mensen in de ene flank met hun vuilnis naast zich.


Aan de andere flank een goed onderhouden tuin, die gesloten was en waar ik per ongeluk in terecht kwam. Een bewaker leidde mij naar de uitgang.