maandag 22 juni 2026

Dream…


Ik wilde de dag graag eindigen op Plaza Margaretha, het grote volksplein van Venetië. Geen grote voetbalschermen deze keer, o, ja Italië doet niet mee, maar wél afgeladen vol. De pizzeria doet zoals altijd goede zaken; telkens maar weer mensen die met dozen vol weglopen, twee ervan verdwenen weer achter een voordeur op het plein zelf.



De dag begon, nog half in dromen, waar er via het water door het paviljoen van Hongkong een verbinding werd gelegd met Venetië. Goudvisjes geborduurd zweefden in plastic zakjes, in een blauwe kamer hoorde je geluiden van de was, en ik dacht ook aan de grote wasserij die in Mumbai gezien heb.


Ook dit paviljoen had iets hallucinerend.


Wat ik leuk vond in dit paviljoen, was het verhaaltje dat er met de twee installaties verteld werd; wat nodig is om een thuis te maken op de wereld. Enerzijds schitterende eigenliefde, die verbindingen weet te leggen met alle delen in je, zelfkennis dus ook, die verlicht. Anderzijds betrokken en empathisch zijn naar elkaar; in een kring kon je zitten op verwarmde speksteen en kijken naar de ander, (en weer naar jezelf, als er geen anderen in de buurt zijn)


Wat ook leuk is aan het bezoeken van landenpaviljoens in Venetië zelf is, dat je een kijkje achter de voordeur krijgt; in oude pallazzo’s en binnentuinen.


Het paviljoen van Nieuw Zeeland wilde ik, na jaren afwezigheid ook graag bezoeken. Dat land houdt een zwak bij je, als een vriendin er woont. Het kwam wel extra binnen, want het ging over de ook al uitgestorven vogels, aldaar. Haar zoon L had een zwak voor vreemde dieren, die voornamelijk in NZ leven. De kunstenaar is Maori en NZ is ook het enige ex-koloniale land, dat welbewust ook deze taal, cultuur en rechten probeert te respecteren. Alle kinderen op school leren Maori liedjes. Grond, waarvan de Maori kunnen bewijzen, dat hun voorouders daar ooit op hebben gewoond, wordt teruggegeven, ook al wonen daar nu witte mensen.


Ik liep tot 15.00 rond op het Biënnale terrein bij Arsenale. Het Argentijns paviljoen had een heel aparte sfeer, het had een pad tussen zout aangelegd.

Er is zoveel wat ik niet goed gezien had of wat ik nu met andere ogen zag. Dat is het fijne, van in herhaling gaan kijken; betekenis is en wordt zo nooit definitief, het is altijd in wording.


Hier liep ik de eerste keer straal langs; het hoogste object is gemaakt uit het materiaal van één oude container.
De kunstenaar doet er alles aan om dit zware materiaal, licht te laten zijn en dat het vouwbaar zou zijn en zich gemakkelijk laat plooien. Zoiets wekt bij mij verbazing en verwondering omtrent het kunstenaarschap zelf; dat je inzet geeft aan ‘onnodige’ dingen.


Deze non binaire persoon adviseerde mij zachtzinnig dat ik éven moest wachten op een nieuw golfautootje, dan was ik er sowieso veel eerder dan wanneer ik dat lange stuk ging lopen naar het Chinese paviljoen.
Want daar wilde ik tussen 15.00 en 16.00 zijn; een robot kalligrafeerde er de woorden Dream en Stream. Het blijft apart, dat zo’n mechanisch ding, toch ook menselijke trekken krijgt, door de fijne coördinatie die aanwezig is. Na Dream besloot ik even later, na nog eens over deze rijke tentoonstelling gelopen te hebben, nogmaals in de rij te gaan staan voor Stream.



zaterdag 20 juni 2026

Natuurlijk Lido


 Vermakelijk, om twee mensen urenlang in de weer te zien met het maken van een beetje schaduw. De wind liet hun zeil alle kanten opwapperen. Ondertussen had ik ook alle kanten van hun gezien. Hurkend, staan, bijna blij en dan weer kreten van teleurstelling. Op het laatste werd het iets, letterlijk, laag bij de gronds en in elkaar verfrommelds; riant was het niet. Twee opklapbare stoeltjes en twee grote badhanddoeken, gezellig naast elkaar in de schaduw, zat er niet in. Ze klonken oost-Europees.


Ik had het plan om naar de Art NightVenezia te gaan, die om 18.00 zou starten bij Foscarini, de universiteit, en die de organisator is. Het wordt almaar grootser, las ik, de hele nacht alle musea en galerieën open, optredens en evenementen. De afgelopen twee jaar was ik bij de opening, geen toeristen, de incrowd van de Venetiaanse intelligentsia, die desondanks wel een gratis T-shirt, petjes, buttons, een affiche willen scoren. Je drinkt er goedkope spritz met twee chicorini’s (zo heten ze geloof ik, maar ik zal wel weer nét naast de echte naam zitten); kleine, heel lekker en kunstig belegde stukjes stokbrood.
Ik koos toch voor de rust en de natuur van Lido. Zo vaak zal ik het niet meer meemaken…


Wat ik de ‘vijftiger jaren sfeer’ ben gaan noemen, geen harde muziek, geanimeerd gekeuvel op de terrassen met parasollen, is in feite de badplaatssfeer uit mijn jeugd in Spanje; ooit was het daar zo in Torremolinos en Benidorm, dat het genoegen van mensen-met-elkaar overheerst.


Ik wilde ook graag mijn vakantieboek uitlezen, dat tegelijk ook een van de twee boeken voor de boekenclub is. Eerder heeft The Overstory van hem, aangereikt uit dezelfde club via een eigenzinnige tante van H, werkelijk mijn beleving rondom bomen veranderd. Dit boek beloofde hetzelfde te doen voor de oceanen. Maar ik had steeds de ervaring van een vage echo; ik ben mij ooit al eens bewust geworden dat de oceaan nog zoveel onbekende werelden bevat en de schoonheid en wonderlijke vreemdheid van alles wat er leeft grotendeels nog verborgen is voor de mensen.
Pas bij de verantwoording viel het kwartje: Richard Powers noemt Other Minds als één die hem beïnvloedt heeft. Ik weet nog dat ik het voor het eerst zag liggen in zo’n droom-boekenwinkel in Londen in 2018 en soms gebeurt het; dat het hele aanbod in een winkel een samenspraak met je aangaat en dat je elk boek wel zou willen gaan lezen. Je ontmoet dan als het ware het denkend en voelend brein van de boekhandelaar. Deze was gefocust op Ontdekking, op alle fronten. Razend enthousiast wilde ik dat de boekenclub dit boek ook ging lezen, maar het was er alleen in het Engels.
De spinn-off is wel My Octopus Teacher, een film die wel op Netflix te bekijken is.


vrijdag 19 juni 2026

Weer zo’n intense dag


 Het is fijn om Giardini op te kunnen lopen en zomaar enkele dingen goed te bekijken. Deze kunstenaar komt uit India; de zwarte ‘slang’ is ook Kali, de godin die leven vernietigt 
en schept; het vergankelijkheidsprincipe dus, temidden van de levende natuur.


Dit is een bladzijde uit haar gebedsboek; haar kathedraal van planten uit haar eigen tuin hangt in de Arsenale.



Het Belgische Paviljoen is nu de hele dag gevuld met performance. Nu gaat het ineens over de macht en onmacht van de taal; de woorden, de mensen en muziek, ze kunnen stuk gaan aan elkaar, alle combinaties zijn mogelijk.


Deze kunstenaar koppelt gedachten rondom sterfelijkheid aan de moderne beeldcultuur:


En zij gebruikt de collagetechniek van stukjes zachte zijde: 


De stad in en ik kom dit tegen, scènes uit de kruisweg:


Ik was op zoek naar een andere Indiase kunstenaar, Nalini Malani, die mij ooit op een Documenta bij de lurven plakte. Ook deze keer in een pikdonkere scheepswerf, geanimeerde bewegende beelden, die in rap tempo voortdurend veranderen, één aanklacht tegen geweld en oorlog, waar kinderen voortdurend slachtoffer zijn, tot ver in hun toekomst.


Buiten weer het licht, gewone grappigheid

Dit is dus Venetië, de gondels neem je na al die jaren aan voor wat ze zijn, maar ze blijven rank en mooi in  dat blauwe water met wier in de lagune.

Ja, ja, alweer de evangelisten, bij het tuinhek van Maria de Salute, zonder christelijk geloof was er geen Venetië geweest.

Zo’n mooie ervaring: levende orgelmuziek boven het altaar met icoon.

Ineens behoefte aan oude bomen om mij heen, liggen in het gras.  Dat kan bij S Elena, het park waarvoor Napoleon een hele volkswijk heeft weggehaald, want elke zichzelf respecterende stad moet een park hebben, zo redeneerde hij.

Ik bleef tot de avond, met een spritz, uit het kleine barretje in het gras aan de kade die pas om 19.00 uur openging.

Laatste zicht op de lagune, al binnen de poort van de camping.


donderdag 18 juni 2026

Voor pampus

 





Theatraal leven

 

Ik had meteen affiniteit met deze kunstenaar, ik kon invoelen hoe zij tot haar beslissingen kwam en kon mij makkelijk voorstellen hoe haar praktijk er nu uitziet. Een half jaar, gedurende de hele Biënnale hier in de buurt wonen met je familie en dagelijks gaan schilderen. Tussendoor en erna voor je kind zorgen. Dat de performance, het gebaar, ook een deel is van het ‘kunstwerk’, dat uiteindelijk helemaal af zal zijn, in die oude kerk, die nu dient als wijkcentrum.

Toch wel knap, om je concentratie te behouden, terwijl het publiek je zo vlakbij volgt.

Het laatste stille half uur ging ik nogmaals naar het Britse Paviljoen. Zó sterk, hoe die handen en die voeten op theatrale wijze ook uitdrukking geven aan zowel de wens én het ongemak om er wat van te maken. Een soort van dans in het onbekende.

Buiten gekomen, kijk je dan links tegen het Duitse Paviljoen aan. Die heeft de fascistische sfeer van het gebouw nu doorbroken door er DDR-mozaïek op te plakken. Lubaina Hamid heeft het Brits Paviljoen juist in eigen ‘glorie’ gelaten voor wat het is, om het contrast aan te geven met wat er binnen gebeurd. De koloniale sfeer van de ‘gearriveerden’ en starre well-to-do kolonialen is iets, wat uiteindelijk van binnenuit uitgehold is; het leven is toch onvoorspelbaar gebleken, en is dus deels ook een theater. Ik zie mezelf aan in de zonnebril van een baby-pop

Ik zie altijd voornamelijk Venetianen voor mijn oog en geen toeristen. Dat is zo op de vaporetto en in de supermarkt en ook in dit park, de kortste weg van Giardini naar de Arsenale. Ik zal ook wel halsstarrig maar één kant opkijken…(Ja, rond San Marco en Rialto, daar stikt het wel van de toeristen). Ik vind het sympathiek dat ze de graffiti van Free Gaza en daaronder stond er ook iets over ICE, op het wegwijzerbord laten zitten.

 

woensdag 17 juni 2026

San Nicolò


 Ik moet tot ‘mijn schande’ bekennen dat ik me in de meer dan 15 jaar dat ik hier kom, nooit geïnteresseerd heb voor de antecedenten van de San Nicolò -kerk en klooster, hier vlakbij. Ik nam deze ongeveer letterlijk voor lief; op een positieve wijze dan. Het was genoeg om er naar binnen te lopen en even te gaan zitten bij de afbeelding van Clara van Assisi.
Nu weet ik dus, dat dit geen toeval is, dat ze er is, want  het klooster wordt bewoond door Franciscanen! Dat verklaard dus ook de reuring in het gebouwtje dat de kerk met het klooster verbindt: ik zag wel al dat daar vaak sociale activiteiten waren. Oorspronkelijk woonden er Benedictijnen en die zijn meer van de contemplatie.
Het blijkt ook dat achter het altaar, er de echte botjes van San Nicolò liggen. Er is strijd over geweest met Bari, die meenden dat zij de échte hadden, maar nu blijkt door een DNA test dat beide gelijk hebben.


De kerk stamt al uit de elfde eeuw en het klooster is er in de 16e eeuw bijgebouwd. Ik wist natuurlijk wél dat het een belangrijke kerk voor Venetië is. Twee jaar geleden maakte ik de ceremonie mee, dat elk jaar gehouden wordt, waar Venetië haar huwelijk met de zee aangaat. De burgemeester en de bisschop zijn erbij, met veel boten eromheen wordt er een ring in het water gegooid. De kerk ligt exact op de scheiding tussen de lagune en de zee. Bij de viering in de kerk was de kerk tjokvol; de mensen hingen tot in de zijkapellen.


Eigenlijk is de kerk ook fijn, omdat deze verder zo eenvoudig is. De vier evangelisten kijken naar je vanaf het altaargedeelte, Maria op een halve maan…en ik zag een nieuw beeld van San Nicolò, hier de patroonheilige voor alle mensen met een boot, in Nederland dus Sinterklaas, die met zijn boot uit Spanje komt.


Ik zie op oude foto’s dat er in het begin van de 19e eeuw woonhuizen stonden voor het kloostergebouw. Toen keken de kloosterlingen vanuit hun slaapkamers dus uit op de reuring van het gewone leven, bijna wijkcentrum-achtig. Zijn het al deze vibes die ik heb opgevangen, waardoor ik meteen wist dat dit ‘mijn plek’ was? Toen ik nog werkte had ik al de gedachte om hier de hele zomer door te brengen, als ik met pensioen zou zijn. De afgelopen twee jaar, kwam ik jaarlijks tot twee keer toe; Hier. 

dinsdag 16 juni 2026

Flarden


 In de kloostertuin van de Carmelieten: met een koptelefoon op met bijdragen van 24 artiesten, zo weet ik wel weer waarom ik zoveel gewerkt heb in een kloostertuin. Mest kruien, onkruid wieden, appels plukken, de dahlia’s dieven.


Bij de Mariakapel een indringende bijdrage van Patti Smith. Ze kruipt in de huid van Maria en vertolkt al die gevoelens; vanaf die rare boodschap dat zij de zoon van God zal baren, zien dat het een speciaal jongetje was, ze was vrouw en moeder en soms als een klein meisje even verliefd.


Het is de bijdrage van Vaticaanstad; De Heilige Stoel. Twee jaar geleden scoorden ze ook heel goed, toen was er een samenwerking aangegaan met de vrouwengevangenis op Guidecca. 
De vitale werking van godsdienst, wanneer het inbreekt in een dolgedraaide wereld rond macht en geld.