donderdag 31 december 2020

Nils Frahm's levenstroom

Vanochtend bracht YouTube een filmpje van Nils Frahm. Dát is lang geleden... er was een periode dat ik even fan was, ik bekeek allerlei filmpjes van hem en zijn pianomuziek. Hij begon aanvankelijk met alleen een piano, soms klonk de muziek minimalistisch en hij begon te experimenteren met geluid: hij dekte bijvoorbeeld delen van zijn piano en de hamertjes af met vilt, en tenslotte begon hij er ook elektronische geluiden, gegeneerd uit computers enzo aan toe te voegen. Toen verloor ik mijn belangstelling. Ik vond hem alleen met zijn piano toch het mooist.

Het was zeven jaar geleden, ook in deze laatste dagen van een jaar, dat ik hem heel veel beluisterde, en bekeek. En ik zie in dit blog de titel van dat ene lied waarmee mijn belangstelling begon: Said and Done. Ik was in Amsterdam en herinner me, hoe ik op deze laatste dag van het jaar, altijd  op zoek ging naar oliebollen. Dat hoort er voor mij bij, zelf gebakken of niet. Gisteren heb ik ze gescoord in Beekbergen en gelukkig hoefde ik daar niet Appie voor in, want daar stond een rij. Er was een kraam naast. 

Door Nils Frahm, precies vandaag, komen al deze herinneringen terug: Amsterdam die keer met een pak sneeuw, zó machtig stil, ook in het Vondelpark. Alle musea die ik jarenlang in een paar dagen tijd dan langs ging. De ijsbaantjes voor het Rijksmuseum en op het Rembrandtplein, de grote verlichte kerstbomen en de straatjes... En was er de laatste jaren ook geen Lichtfestival? Oud & Nieuw; het knallen met uitzicht op het Nemo, het laatste jaar zag ik het Nationale Vuurwerk zowel op de tv en in het echt in de lucht. Overal mensen op de balkons en op straat en daarna zelf de straat op naar de Chinese wijk, die hun vuurwerk later startten. Wat zal het er vanavond anders zijn... en ik zal in de stilte van het bos een vuurpijl aansteken die ik kreeg bij de Chinese afhaalmaaltijd in mijn stad. O, nee... helaas, wishful thinking:  ik pakte het erbij, het blijkt een kalender te zijn.

Nils Frahm... nu met het nummer Says. Dat zou je de actievere vorm kunnen noemen van Said & Done. Het bevat dezelfde sfeer van aanhoudende urgentie, onontkoombaar. In Said & Done, is het een terugblik zou je kunnen denken, hoewel ik indertijd een soort van gespannen verwachting hoorde, iets wat naar een climax gaat, een bevrijding. Says lijkt actief in het hier-en-nu: he/she says... En wat zeg je dan? De beelden erbij zijn in grijstinten, vlekken komen en gaan. Bij een live-optreden van hetzelfde muziekstuk zie ik de vele elektronica die er bij komen kijken. Dat is bijna jammer om te zien, het is een beetje als The Making Of... en haalt ook magie weg. Magie?... Is dat het woord? ... Een exacter woord voor wat ik hoor is: levensstroom.


woensdag 30 december 2020

Vier ansichtkaartjes; een associatieve tijdmachine

Merkwaardig. Het heeft iets van een associatieve tijdmachine. Vier ansichtkaartjes in een vergeeld gescheurd zakje van de kantoorboekhandel in Elburg. Ik pakte het nu mee uit mijn nieuwbouwhuis van mijn tafel boven, tussen alle boeken, omdat op één van de kaarten 'Hoenderlo, zandverstuiving' staat, een echte zwart-wit foto. De tweede kaart blijkt iets soortgelijks te zijn: 'Elburg, Doorkijkje Vispoort', een ander familie-vakantieverblijfplaats. En dan nog: 'Twente, Midwintershoorn', een boer op klompen die de zware hoorn laat rusten op een waterput met kale bomen om hem heen.

De vierde kaart is in kleur en toont de Waal vanaf de oude brug met daarop het uitzicht op de Waalkade en de St. Stevenstoren in de verte. Daar werd pakweg 25 jaar later het laatste huis van mijn ouders gebouwd. Ooit heeft Moeder, neem ik aan, deze vier ansichtkaarten bij elkaar gevoegd en bewaard in dit zakje, want ik nam het mee uit de inboedel van de Waalkade toen ik alle foto-albums, brieven en papieren heb bekeken. Ik vond het op mijn beurt, de moeite waard om te bewaren, toen niet wetend dat ik zelf weer in Hoenderloo terecht zou komen in een boshuisje...

Die ansichtkaart van de Waalkade blijkt verstuurd te zijn door Vader naar Looweg 27 Hellendoorn. Dat is het boshuisje waarvan ik eerst dacht dat dit rond Hoenderloo was, ik noemde het bij de receptie hier, toen ik mijn huissleutel kreeg, maar ze zei: Hellendoorn ligt in Overijssel. O...het is daar waar ik sterke herinneringen heb aan een huisje in een bos en een vuur dat we buiten maakten met mijn peetoom, er is een foto waar ik er met mijn handen in mijn zakken naar kijk.

De kaart heeft een postzegel van 4 cent en is gericht aan zijn ouders, mijn moeder natuurlijk en de eerste drie kinderen. Vader in Nijmegen, zijn gezin en ouders in een huisje... had hij nog geen vakantie? De poststempel is 1962. Ik was vier jaar... de twee andere zusjes waren  er nog niet... Ik kijk op Google Maps: wat zou er van over zijn, zou het nog bestaan? Ja! Er staan nog steeds boshuisjes en het eerste commentaar toont dat er iets niet veranderd is: 'Jammer van de vele wespen'. Dat was een ramp toen,  vond Moeder, het raam zag letterlijk zwart van de wespen... Ik vond het wel fascinerend; ik zie het voor mij, hoe ik aan tafel keek naar hun trage bewegingen op de ruit en Moeder steeds zei: niet te dichtbij komen!

En zo bestrijken deze kaartjes een hele levenscyclus. De dennenboomtak op het kaartje uit Hoenderloo, ziet er exact zo uit, als waar ik nu naar kijk, buiten... En de midwinterhoorn? Daar heb ik geen herinnering aan uit mijn kindertijd. Wél aan de laatste wandelingen die ik met E. maakte... Kondigden zij toen al een naderend afscheid aan? Zo beleefde ik dat niet, er was alleen maar gezelligheid, warme erwtensoep en chocomel, groepjes dansende boeren, kerstliederen en het diepe geluid van de midwinterhoorn... Ik bewaar dit alles maar in mijn hart. Je weet niet hoe de wegen van aankomst en vertrek verlopen... Ik ervaar het als een soort van wonder dat ik in de cyclussen van de tijd, in mijn boshuisje ben gearriveerd.


dinsdag 29 december 2020

Mooie douche. Wandelen in het NU

'Mooi hé?!' glunderde E. van de technische dienst, 'mooi hé?!' Ik zag eerst voor het raam zijn breed lachend gezicht en hem wijzen naar achteren en hij wilde alweer doorlopen. Ik wist wel waar het over ging en ik liep dus naar mijn voordeurtje en zei in de drempel: Ja, geweldig!. Hij had mijn douche geverfd tijdens mijn afwezigheid. 'Ik was al een paar keer langs gereden, je leek er niet te zijn en toen zag ik je fiets niet in het schuurtje staan en toen wist ik het zeker. Mooi hé!', zei hij weer.

Mijn douche had goedkope kalkverf die ongeveer bij elke douchebeurt een beetje meer afbladderde. Hij zou goede twee componentenverf bestellen die ze vroeger in de bouw ook gebruikten, toen hij nog schilder van beroep was. Ik zou dan wel twee avonden ofzo niet kunnen douchen en dan zou hij me een sleutel geven van het toilet/douchegebouw van de camping. Ik had toen gezegd dat ik wel twee dagen zonder douchen kon.

Eerlijk gezegd zag ik er wel een beetje tegenop, dat hij de hele dag bezig zou zijn en waar moest  ik dan heen in deze kleine ruimte? en dan ook nog eens geen douche en wc... ik had al overwogen om maar voor te stellen om het tot de lente op te schuiven. Toen ik terug kwam vroeg ik me wel af of ik het elektrische  plaatje van  de waterkoker op haar kant had gezet, ik had het niet meteen door, al leek het me wel ook meteen lichter door de openstaande deur. Dit was natuurlijk ideaal: héél mooi, in alle opzichten  ook héél precies en zorgvuldig geverfd.

E.woont met zijn vriendin hier vlakbij. Hun huis is heel gezellig versierd met ijspegellichtjes langs de hele dakrand en lichtjes in de bomen en ook een ster, geloof ik. Aantrekkelijk en gezellig om te zien en dan denk ik er meteen bij 'Nee!' zelf geen lichtjes buiten, dat trekt maar mensen aan, om door mijn straatje te gaan lopen. 

Vandaag heb ik gewandeld over de stille steppen in de Hoge Veluwe Ik zag aardig verse hertensporen in de modder. Wandelen wekt vanzelf een gevoel van blijheid  bij mij, nu... Gisteren wandelde ik in een grote kronkelende lemniscaat met mijn boshuisje in het middelpunt om  halverwege te lunchen. Ik had het van te voren niet zo bedacht, maar na de wandeling later op de ochtend, was ik nog niet uitgewandeld, na een hele dag binnen, warm schuilend tegen de regen, de kou en de storm, dus nog een ronde aan de andere zijde. Ja, wandelen verzet de zinnen en brengt mij terug in mijn eigen leven...Hier ben ik...NU adem ik, NU leef ik... Er is niks anders dan dit: NU. 


maandag 28 december 2020

Verbondenheid. The Blower's Daughter

Er is iets raars aan de hand met de invulling en beleving van het woord 'verbondenheid'. Het is een woord dat ik in religieuze kringen vaak hoor, met name in de kloosters. Voor mij komt het woord pas tot leven, als dit actief van twee zijden gebeurt, er zijn als het ware twee uiteinden van een draad en beide moeten een omslag maken zodat er een knoop ontstaat en deze aan elkaar verbonden raken.  Maar in de religieuze wereld blijkt de knoop eenzijdig: jij maakt de eerste verbinding... je verbindt je bijvoorbeeld in doen en laten aan een klooster, maar de andere kant legt niet dat andere gedeelte van de knoop, zodat ze aan elkaar vastraken...

'Verbondenheid' is dan iets abstracts, iets wat boven het gewone leven zweeft en waar je niet beide evenveel energie hoeft te stoppen. Als iemand waar ik mij mee verbonden voel iets van mij vraagt of mij graag wil zien, dan laat ik alles uit mijn handen vallen en ga ervoor. Maar ik heb nu toch veel meegemaakt en dat speelt zich allemaal in die religieuze wereld af, dat degenen die het vaakst dit woord in de mond nemen, niet thuis geven... De andere hoeft daar niet per se een 'religieuze' voor te zijn, ook werkzaam zijn in het veld veroorzaakt een blinde vlek. Beroepsmatig stel je 'God present' en misschien geeft dat zo'n boost aan je eigen identiteit, dat je vergeet om gewoon op het menselijke vlak, ook thuis te geven.

Tegelijk is het inherent aan 'verbondenheid' dat je het ook niet voortdurend, concreet in het hier-en-nu gestalte geeft. Je draagt vele mensen met je mee, soms denk je langer niet aan hen, maar de verbondenheid blijkt diep tot in je haarvaten aanwezig. Je eigen familie kan daar een voorbeeld van zijn: als kinderen is het zo vanzelfsprekend om broers en zussen te zijn, je leeft, speelt en zorgt voor elkaar. En dan word je volwassen, je vliegt uit dat nest, je vindt eigen wegen en de familie waaruit je komt, neem je voor lief. Je ziet elkaar op hoogtijdagen en soms dat ook niet... En er is ook een soms heel gezonde boodschap, dat je op zoek moet gaan naar je eigen familie, buiten je biologische familie om. Ook Jezus zegt dat tegen, in ieder geval ook zijn biologische moeder: jullie zijn mijn ouders niet...

Deze gedachten komen in mij op na het luisteren van het liedje The Blower's Daughter van Damien Rice. Ik snap niks van algoritmes, maar YouTube levert mij, voor mij uit het niets, de laatste tijd vaak precies dát, wat exact bij mijn eigen gevoels- en gedachtenstromen past... Het liedje gaat mij door merg en been. Steeds zingt hij: I cannot take my mind of you'. Het gaat over afscheid en verbondenheid die je in het dagelijkse leven geen vorm meer kan geven.

'Tussen droom en daad, staan wetten en praktische bezwaren', heet dat dan. Er is het dagelijkse leven, dat zolang als dat er vanzelfsprekend is, 'verbondenheid' in hoofd en hart er is. Zo is dat er vanzelf als jij in een klooster bent of in een kerk zingt, een preek aanhoort over verbondenheid, een stukje brood haalt en soms een slokje wijn daarbij drinkt, dat ook nog eens bij de katholieken het lichaam en bloed van Christus is geworden. Dát is nog eens een fantastische vormgeving van 'verbondenheid', om dit allen tegelijkertijd tot je nemen. Maar na de viering gaat elk weer zijns weegs...

Iets in je móet ook die eigen weg blijven gaan. Je kunt niet altijd je ogen op iemand blijven houden, dat schaadt ook het uitoefenen van verbondenheid met anderen... Maar soms is dat heel moeilijk, dat precaire evenwicht tussen verbondenheid en los laten.

zondag 27 december 2020

Dagnotitie (3)

Vanochtend vroeg werd  ik wakker van de storm die loeide. Het heeft wel wat, de uitgestrektheid van de bossen is te horen. Alsof je geest mee waait, de ruimte in... ver weg... bestemming onbekend. Na het ontbijt, tijdens het Zondagochtendconcert in een lege Spiegelzaal in het Concertgebouw in Amsterdam, Beethoven klinkt, noteer ik het volgende:

Dennentakken zwiepen
een specht klemt zich hoog aan een stam
storm in het bos.

Mijn ogen gekleefd
aan de verrekijker
de wereld is rond.

Specht doet ook haar ding
met scherpe snavel
hakkend in schors.

Nekveertjes verwaaid
kijkt achterom af en toe
naar het grijze licht.

En zo komt er toch weer 'licht' voor... al jarenlang een persoonlijke traditie om dit woord te verwerken in een kerst/nieuwjaarswens. Dit jaar komt het daar niet van. De winkels voor papier waren allemaal gesloten, Ipad is stuk, dus ook digitaal is niks mogelijk. Misschien maar zo, dan... voor wie dit leest:

Vol goede moed 2021 in...

'We weten zo weinig van wat we geloven, gebeuren de dingen we zien het alleen'... noteerde ik ooit in mijn tienerjaren. 


zaterdag 26 december 2020

Our House

Ik liep door het bos naar de heide, het was een echte kerstwandeling, zou je kunnen zeggen, door de sfeer in het bos. Er waren veel groepjes met kindjes op een fietsje, honden, gemiddeld zes volwassenen keuvelend met elkaar. Dat is er anders nooit, een enkeling kom ik dan tegen, meer niet. Dit zijn de groepjes die nu in een vakantiehuisje zitten, die er hier overvloedig zijn langs de weg, waar ik helemaal op het uiteinde zit, Dit zijn dus de groepjes die zometeen met elkaar rondom de kersttafel zitten.

Dat zijn er dus meer dan toegestaan is, want elk huishouden zou maar twee bezoekers per dag mogen ontvangen. Maar ik kan het me zó goed voorstellen, hoe in het gevoelsleven de rekensommetjes gemaakt worden: De ouders beschouwen hun twee kinderen als één huishouden, al woon je niet meer bij elkaar. Hun aanhang zijn  dan de bezoekers en kinderen mogen er wel zonder telling bij zijn. Hun kind beschouwt zichzelf met partner als één huishouden en broer of zus met een aanhang en de ouders ook enigszins als één geheel. Of zoiets. Misschien heeft iedereen zich van te voren laten testen want in een vakantiehuisje kun je onmogelijk met elkaar anderhalve meter afstand houden. Waarschijnlijk beschouw je elkaar tezamen maar even als één huishouden...

Broer had in zijn  jongelingsjaren een favoriet liedje: Our House van Crosby Stills Nash & Young. Het zit deze dagen heel vaak in mijn hoofd. Dat huis, dat gevoel daar gaat het om, dat wil je graag altijd om je heen hebben en nooit verlaten. En ik kan het ook zingen, alleen in mijn boshuisje. Het gaat over helemaal op je plek zijn, samen vallend met je zelf, je gekend voelen en gezien. En zelf helder kunnen waarnemen en genieten van de dingen om je heen: Our house is a very, very fine house...

Dus zo wil je dat Kerst is en cijfertjes en grafieken tellen dan niet. Helemaal niet. Als na de Kerst er weer een opleving is van het virus, dan lijkt het mij dat iedereen dan maar mild 'moet' zijn over zichzelf en elkaar... De ene onttrekt zich juist aan familieleven om werkelijk Kerst te voelen, anderen kunnen niet kiezen tussen hun kinderen; het is allemaal oké.

 

 

donderdag 24 december 2020

Dans naar het licht

Vreemd, hoeveel verschillende soorten van beleving er tegelijkertijd door je heen kunnen gaan... Gisteren fietste ik terug naar mijn boshuisje en ik was zo blij en dankbaar dat ik deze fietstocht kon maken. Zwaar bepakt met allerlei spulletjes waarvan ik de afgelopen maanden dacht: dát zou nog goed hier passen. Zoals al mijn haiku-bundels in de gebonden klassieke uitvoering van R.H Blyth, destijds een gigantische rib uit mijn studentenbudget. En een klein schemerlampje met roze licht, helemaal van stof, het ziet eruit als een paddenstoel. Ik zie het me nog kopen, in Parijs, als verjaardagsgeschenk voor Moeder, lang, lang geleden in mijn studententijd. Het stond bij hen op de slaapkamer.

De laatste 20 kilometer, ook door het Park de Hoge Veluwe, brak  de late middagzon door. Wat een uitzonderlijk weids landschap, zoals ik mij de steppen voorstel. Er is zo'n lied met een tekst die komt uit één van de Bijbelboeken: 'De steppe zal bloeien, de steppe zal lachen en juichen...' Je zou zo graag willen dat dit waar werd...

Op deze kerstavond keek ik naar verschillende dingen op de computer: een zoom-viering van een dienst, daarna toch weer weg uit de meeting, de techniek haperde erg waardoor er geen sfeer ontstond van een echte viering, of misschien is dat inherent aan 'zoomen'. Maar ook was ik nieuwsgierig naar de nationale kerstavond. Een fijn initiatief om de natie samen te binden en ook goed gelukt, vind ik. Het klassieke kerstverhaal uit het Bijbelboek Lucas fris verteld, gelardeerd met popliedjes en 'kerk'-liedjes.

Apart om een jonge zanger zoals Buddy Vedder ook klassieke kerstliederen te zien zingen vol God en gloria. Hij heeft een swing in zijn lijf die de liedjes een nieuwe schwung geeft. Ik kende hem alleen als heel fanatieke kandidaat in Wie is de Mol? 

  

Daarna ook de door en door traditionele katholieke kerstnachtviering vanuit de Nicolaaskerk in Amsterdam, waar ik vele jaren achtereen in deze tijd altijd wel even naar binnen liep omdat vlakbij, ik dan in het huis zat van broer Y. die dan ergens ver weg op reis was. Hij mist het reizen nu erg. Bij de eucharistieviering haakte ik af. De bekende gezangen dat was toch het mooist. Mits je niet exact kijkt naar de woorden...

Onderwijl liep ik ook af en toe naar buiten. Nog nooit was een kerstnacht tegelijk ook zo stil met de inktzwarte contouren van de bomen en het bos om mij heen, de halve maan die een rondgang langs het huis maakte. Soms een glimp van de sterrennacht, maar vaker was het bewolkt. Er was één ster die vanuit binnen soms te zien was, dan lichte hij op en doofde dan weer in de nacht... Laat het licht worden, we gaan op zoek naar lichtpuntjes... Dat thema kwam ook op de tv veelvuldig in allerlei toonaarden  voor.

Natuurlijk: het is kerstavond, het is de stille nacht en de geboorte van het licht word gevierd... Maar soms wil het licht niet geboren worden. Of kun je eerder zeggen: dat al twintig eeuwen datzelfde verhaal rond wordt verteld van licht in een stal omdat er voor mensen geen plaats was in de gewone wereld, van herders uit het veld en de schapen die als eerste op bezoek kwamen getuigt, dat licht en lichtpuntjes geen vanzelfsprekend onderdeel zijn van een mensenleven. We blijven hopen, onuitroeibaar, telkens weer...

YouTube gaf mij vanochtend, nu het buiten nog donker is, een animatiefilmje; Thought of You van Ryan Woodard. Een man danst met een meisje, maar ze heeft ook iets van een lichtwezen, net niet helemaal reëel, niet zomaar aanwezig op de wereld. Dat geldt overigens ook voor hem. Ik zie er weer de kracht van tekeningen, zoals in elke graphic novel , hoe het beeld een extra gevoels- en betekenislaag toevoegt aan het verhaal. In dit filmpje is de animatie schokkerig en gebroken. Zoals het leven zelf ook kwetsbaar en gebroken kan zijn, niet zomaar vanzelfsprekend, maar er in de aderen altijd een dans aanwezig is, naar het licht.