donderdag 28 februari 2013

Smart

Vriendin W. uit Nieuw Zeeland belde op. Fantastisch: zij zit op haar balkon onder een heldere sterrenhemel in een zwoele zomeravond naar de omgekeerde Orion te kijken, het meer en de bergen voor haar, de stilte, ze hoort alleen in de verte de rivier stromen, en ik zit op mijn leesstoel een grauwe februari ochtend in te kijken. Toch  ben je dan ook, heel even, dáár.

Tevoren trof ik een student die een onderzoekje afnam en dat had mijn Oudste Nichtje kunnen wezen. Even kijk je elkaar aan met een vage glimlach om de lippen: : hé, we zijn van hetzelde ras gemaakt, we hebben iets bekends 'met elkaar'. Ik stelde me voor dat oudste nichtje ergens in de niet eens zo verre toekomst, ook zo'n soort onderzoekje moest doen en ik deed extra mijn best om heel  uitgebreide antwoorden te geven, zodat zij dat uitgebreid kon berichten aan de prof. Af en toe zag ik de spanning door haar ogen schieten, en zich weer hernemen. Ze stelde tussendoor belangstellende vragen om mij weer op mijn gemak te stellen. Ik vond het zo vertederend! Heel even ben je dan vreemde en bekende tegelijk,van elkaar. Hier en in een oningevulde toekomst: dáár.

Nu sta ik op de drempel om eindelijk een technisch middel aan te schaffen, waardoor hier en dáár, ook weer een flinke aardverschuiving zullen meemaken. Voor mij. Voor de meesten is het peanuts en al duizenden keren eerder gebeurd. Zusje en nichtje L. zijn me over de magische streep aan het trekken: 'Dit is precies iets voor jou, dan kan je overal in de natuur, straks op Terschelling naar muziek luisteren, en je kunt er iemand mee bellen, en op internet, en er zit een radiootje op en je download gratis van alles wat je leuk vindt, en je kunt er zomaar mee praten'.  Whats-appen heet dat dan,  begrijp ik. Nichtje L. zal alles erin installeren.

Wat is dat, een vooruitgang? Ik heb het tot nu toe helemaal niet gemist, waarom zou ik het nu wel aanschaffen? Omdat de grootste vooruitgang die men wellicht kan maken in het leven iets te maken heeft met je mee laten slepen op een  niet-te-voorspellen-wanneer- moment.  Komen als iemand je wenkt, 'hier en daar' vloeibaar willen maken, mee stromen. Of dat nu louter in je hoofd gebeurd of met een Smartphone. Zo heet dat ding, ben ik zo-even achtergekomen. Als ik het helemaal niks vind en de leegte van het niets-hebben mis en die me wenkt, dan doe ik hem zo weer weg. Smart.

woensdag 27 februari 2013

Wisselende omstandigheden

Je houdt het niet voor mogelijk. Een sauna die twee keer in de maand een badpakdag heeft en dat jij daar dan uitgerekend voor de deur staat, zonder badpak. En dan op de gok naar een andere onbekende sauna en die is die dag gesloten. Om te eindigen, na een doldrieste rit van bijna 180 kilometer, in je eigen vertrouwde sauna in je eigen stad!

Ik dompelde me in het hete water met mijn kop in de koude wind en dacht aan 'wisselende omstandigheden' en hoe je daar afhankelijk van bent. Zo meteen zou ik me weer opheffen en dan zou ik het weer eventjes héél koud hebben, om mijn lijf daarna weer te omhullen met de warmte van de sauna .

Wisselende omstandigheden, waar je niks van weet en waar je geen enkele invloed op hebt. Je leeft je leven op de gok, op wat en wie er naar je toe komt en daar kun je dan het beste van proberen te MAKEN. Iets, ja een ietsje pietsje kun je zelf maken, maar je doet het met spul, en materiaal, mensen en middelen die je niet kunt maken. Die vallen je toe. De schepper schept een beeld uit leem en de aarde, maar niet de aarde zelf. De adem die mij gegeven wordt kan ik niet zelf maken, en ook niet besluiten om die door te geven, te verlengen of voor mezelf te houden.

Ach... en dan lees ik vanochtend over Whoopi Goldberg die  de Nederlandse premiere zal bijwonen van Sister Act, geproduceerd door Joop van den Ende. Ik werd vroeger weleens met Whoopi vergeleken en ik heb dat altijd wel als een compliment beschouwd. Ook nu zegt ze hartverwarmende dingen. Dat humor alles is, dat je zonder humor gek word en dat het je dag verlicht. En ze zegt: je moet gewoon leven en ophouden met alles op zijn plaats proberen te duwen.

Daar ben ik het helemaal mee eens. Probeer niks ergens in te duwen of te gaan trekken, dat veroorzaakt krampen. Leef, en alles komt op de eigen pootjes terecht. Ja, die Whoopi! Whoopie! Voor mij is haar rol in Sister Act ook bijna uit het leven gegrepen. Nachtclubzangeres die zich schuil houdt in een klooster en alle zusters anders leert zingen en dansen. Die interactie tussen de zusters en haar, die zusters die van vroomheid verspringen naar lol en alledaagsheid, dat elkaar wederzijds ook respecteren ondanks het anders-zijn en anders-leven: ik herken het wel.

Niet dat ik me zoiets als  een nachtclubzangeres voel in het klooster. Maar wel de ervaring dat verschillende soorten van culturen en leefwijzen elkaar wel positief kunnen raken. Nee, niet om het ene van de ene plek in de andere duwen, maar gewoon leven en genieten van de wisselende omstandigheden.

dinsdag 26 februari 2013

Gatekeepers

Mijn leraar geschiedenis van de middelbare school, die heeft het in mijn geheugen gegrift: de uitzichtloze situatie van wat toen 'De Palestijnse Kwestie 'heette. Nog altijd is hij voor mij het voorbeeld van een goede docent: hij was neutraal, je wist niet wat hij zelf ergens van vond, hij belichtte meerdere kanten van hetzelfde verhaal en hamerde erop dat dit de kern van studeren is: dingen leren afwegen, ze naast elkaar zetten, wegen en dan daardoor leren dat een uiteindelijk oordeel soms bijna niet mogelijk is.

Maar bij De Palestijnse Kwestie was hij bewogen, welhaast emotioneel: Hoe de staat Israël in veel te korte tijd in elkaar was geflanst en hij voorspelde dat dit welhaast een uitzichtloze situatie zou worden voor beide partijen, ja zelfs voor de wereld. Ik denk aan hem omdat ik iets las over een nieuwe documentaire The Gatekeepers geheten, waar zes Israëlieten, voormalige hoofden van de geheime binnenlandse veiligheidsdienst, onafhankelijk van elkaar zeggen, op het einde van hun carriere, dat geweld en pressie op de bevochten gebieden rond Israël alleen maar voor meer oorlog zal zorgen.

Ze waren dus de poortwachters: hun taak was het om, in feite, de Palestijnen zo ver mogelijk weg te houden van Israël. Na daar een groot deel van hun leven aan gewijd te hebben, zeggen ze nu dat de enige oplossing is om de Palestijnen wél rechtmatig grondgebied te geven. Onafhankelijk van elkaar en de documentaire schijnt de wereld over te gaan en prijzen te krijgen, maar in Israël wordt het geheel genegeerd.

In dit kader las ik Grillroom Jeruzalem van P.F. Thomése. Hij bezoekt met een Nederlandse delegatie van Antoine Bodar, Jan Siebelink en Rosita Steenbeek eind 2010 Israël en de Palestijnse gebieden op de Westerlijke Jordaanoever en de Gazastrook. De samenstelling van het gezelschap leek de belofte in te houden van een boeiend boekje. Zo zal de NCRV daar ook wel over gedacht hebben, want tezamen werden ze gefilmd voor een programma. In het boekje merk je niks van een spannende dynamiek tussen de vier. Thomése schildert op een beetje cliché wijze, de vrome priester, het filmsterachtige meisje en de losgekomen protestante jongen op zijn rode schoenen. Soms grappig, soms wat makkelijk met effectbejag.

Hij is wel scherp in de beschrijving van de welhaast onmogelijke gecreëerde situatie. Hoe een aantal vrije Westerlingen aapjes gaan kijken, hoe er verwachtingen naar hen toe komen, het ongemak van daar zijn met die filmploeg. Dan verandert de hilarische, ietwat wanhopige toon. Op het moment dat hij met het gezelschap door de corridor rijdt, het niemandsgebied tussen Israël en de Palestijnse gebieden. Een gang van meer dan 1 kilometer lang. Dat hij  aan de andere kant van de langste gang van zijn leven zich dan ineens in een derde wereld gebied bevindt:  mensen als ratten in een val, in armoedige en vieze omstandigheden.  Ik denk aan mijn geschiedenisleraar. Van der Sterre heette hij. Je zou willen dat er werkelijk een ster was, die de weg kon wijzen.

zondag 24 februari 2013

Toverhazelaar

Halfziek: dat is zo'n status tussen wel willen, maar het niet allemaal kunnen...Dus ik zei vrijdag de meditatie af  en zo las Zuster R. mijn tekst voor over Psalm 38, maar de volgende dag spoedde ik me toch naar het klooster, want er was een gebrek aan dansers om de zo zachtmakende dans Amor Dei te dansen in de vigilie-viering. Als ik er niet geweest was, dan had men op het kruis moeten trappen dat in het midden lag. Dan heeft het leven in ene keer een heel concrete zin.

Maar ja, dan toch maar niet vandaag het uitstapje doen naar de 75 portretten van Bea, in het Loo, maar toch maar wel naar buiten, even, om weer in de sneeuw te stappen. Daar zag ik een toverhazelaar in bloei, de gele sprietjes als zonnestralen omkranst door cirkeltjes van zachte sneeuw. Het zijn vreemde dagen, zo...wel willen, maar het niet allemaal kunnen en telkens maar afwegen wat wel en wat niet.

Ik ben als de sprietjes van die toverhazelaar, reikend naar zon, lente en licht en het koude dunne watten sneeuwlaagje om elke bloem versterkt het bloemetje, maar geeft ook de begrenzing. Wel willen, niet alles kunnen: zo is het leven, zo is de weg, dat is de Veertigdagentijd.

Het ging in de viering over de twee vroedvrouwen in Exodus, Sifra en Pua, wat in de Nederlandse taal Schoonheid en Schittering betekent. Farao beveelt hen om alle mannelijke babies te doden, maar zij doen dat niet, ze ontwijken zijn bevel ze gaan hun eigen gang en ze doen net of ze het niet begrijpen: ze zijn immers maar Hebreeuwse vrouwen, die begrijpen dat soort dingen niet.

Schoonheid en Schittering: dat klinkt mooi, maar hoe vaak is het ten volle aanwezig? Misschien is de kern van de betekenis ook: wel willen, maar het niet altijd kunnen. Zoals die toverhazelaar zo'n tussenfase voor mij vandaag materialiseert:  Een zonnetje omkransd door de koude. En dan plots dan weet je het, als bij toverslag: je doet alleen dat wat er mogelijk is in het moment: Schoonheid en Schittering: Het is zover, we kunnen.

donderdag 21 februari 2013

The EVENT

Vorige week was ik dus een paar dagjes grieperig en toen kwam de tv-serie The Event naar me toe, want er zit ook een sci-fi element in. In de pilot moet je je verstand op nul zetten, want er gebeurd van alles en elke scene grijpt dan terug naar iets wat ervoor gebeurde: één dag geleden, maar ook vijf jaar geleden of zelfs terug naar ergens in de tweede wereldoorlog.

Om kort te gaan: er blijkt een buitenaardse groep 'aliens', gevangen gezet in Alaska. Deze aliens verschillen maar 2 procent in het DNA met gewone mensen, ze zien er dus ook uit als gewone mensen, alleen verouderen ze nauwelijks. Apen verschillen maar 1 procent met mensen, dus dan kun je nagaan hoezeer alien, ze zijn. Zo betogen sommigen van de ingewijde groep mensen die van hun bestaan afweten en ze gevangen en verborgen wil houden. De president van Amerika wil ze al vrijlaten en ze wereldkundig maken.

Velen en hoeveel is niet bekend, hebben ook een leven opgebouwd als gewone mensen en die worden sleepers genoemd. Die blijken ook niet terug te willen naar hun eigen planeet. Sommigen van hen experimenteren met tijdelijk verouderingsmiddelen. Er zijn dus, zoals altijd, strijdende groepen:  zowel tussen de aliens als de mensen. Leidster van de aliens is Sophia, een zo lijkt het,wijze, milde vrouw die 66 jaar uit vrije wil in gevangenschap heeft geleefd en het als haar opdracht ziet om vreedzaam thuis te komen.

De aliens bezitten namelijk machten en krachten die de mensen ver te boven gaan, maar de technologie op aarde is zo primitief dat er te weinig middelen zijn om terug te kunnen naar hun moederland: Via het opbouwen van technische zakenimperiums en infiltratie op machtige plekken, zoals in het naaste team van de president, proberen ze stiekem de mensheid te ontwikkelen.

Tja, wat vind ik van de serie? Het is een tv-serie en die zit dus vast aan een verteltrant: In elke aflevering een portie achtervolging, actie en emotie. Er zitten twee verhaallijnen in die ik echt interessant vind. De ene gaat over Simon Lee, een sleeper die verliefd werd op een vrouw. Hij wil blijven maar hij krijgt de opdracht om te verdwijnen uit het leven van de vrouw. Hij zou zonnebloemen gaan kopen en komt niet terug. Dan zien ze elkaar, pakweg 60 jaar later, zij dementerend en oud en hij is hetzelfde gebleven. Ze herkent hem, ze herkennen elkaar, hij bezoekt haar op haar ziekbed en hij brengt alsnog zonnebloemen mee. Ze hadden wellicht gelukkig kunnen zijn met elkaar, maar het mocht niet van Sophia. Waarom niet?

De andere is het verhaal van de kleine meisjes. Die zijn gekidnapt door een machtige sleeper en in de kelder van een psychiatrisch ziekenhuis worden er proeven met hen gedaan. Ze worden kleine oude vrouwtjes. Een meisje weet te ontsnappen en komt weer bij haar ouders. Die zien dus een oud, heel oud meisje, maar dat maakt hun niet uit, natuurlijk. Is dat wel zo natuurlijk? Gaat 'houden van'  dwars door alle uiterlijkheden heen?

Beide verhaallijnen vertegenwoordigen hetzelfde thema: Waarom zouden deze aliens niet op aarde kunnen leven met mensen, zonder dat ze experimenteren met verouderingsmiddelen? En heeft Sophia wel gelijk, dat zij terug wil? Hun thuis schijnt helemaal niet zo'n prettige plek om te leven. Is dit niet een botsing tussen de oude en de nieuwe wereld?

Het oude verandert door het nieuwe. Ofwel : iets verandert pas en kan zo vooruitgang en groei doormaken, als je het niet bij het oude laat. Als je bereid bent om dingen op te geven en het vreemde, the alien te vertrouwen.  Ik ben benieuwd hoe deze serie eindigt. Ik hoop dat ze blijven en dat iedereen van ze zal weten. Dan is er pas sprake van een echt EVENT.

Aankondiging

Hé, wat is het toch leuk om een krant te lezen en dan van het ene leuke bericht in het andere te vallen. Natuurlijk lees je dan zeer selectief, maar dan toch: dat het niet elke dag gebeurt om vrolijk makende berichten te lezen, zegt ook iets over de samenstelling van de krant. Het begon met lachende kinderen op een foto op de voorpagina van Trouw, die de laatste tijden heel verfrissende andersoortige foto's en koppen op de voorkant plaatst. In Den Haag gaan steeds meer middelbare scholieren in de bieb leren en die tendens is in veel steden in opmars.

Het bracht de herinnering terug, dat ik zelf ook graag in de bieb leerde. Daar zat een zwerver die ik interressant vond om te volgen, daar wandelde ik tussendoor naar de poeziëkast onder of bladerde in kunstboeken en vond ook dat ik veel beter leerde door die afwisseling: je bleef in een soort van concentratie, alleen richtte die zich naar meerdere dingen tegelijk. Nog steeds vind ik dat het vruchtbaarst: tegelijkerijd met je aandacht bij verschillenden dingen zijn: het is alsof de verschillen elkaar versterken en elkaar wederzijds leven in blazen.

Toen kwam ik in twee berichten die over meditatie gingen: In het Amerikaanse leger wordt mindfullness-meditatie gegeven en militairen die deze training gedaan hadden, alvorens uitgezonden te worden naar gevechtsgebieden, hadden minder last van stress of posttraumatische stoornissen. Het verscherpte ook hun handelen. Waarmee geconstateerd is dat meditatie niks met moraliteit te maken heeft en dus neutraal is. Fijn, denk ik daarbij: het gaat tenslotte om een menselijke mogelijkheid in je die gelukkig kan maken en gelukkig speelt daarbij dan niet mee of het goed of slecht is.

Zo kwam ik in 'Alle mensen dragen maskers', de titel van een bericht over Richard Gere die een bliksembezoek maakte in Nederland ter promotie van zijn nieuwe film Arbitrage. Gere is al jarenlang fan van de Dalai Lama, dus ook boeddhist. Whatever that may be: het boeddhisme kent exact dezelfde varieteit en uitwassen als bijvoorbeeld het christendom: Boeddhisten in Thailand brandden kaarsen, strooien bloemen, roken wierrook bij talloze gouden boeddhabeelden, dat komt 'katholiekerig' over en dat terwijl het boeddhisme officieel geen god kent. Terwijl er in Sri Lanka sprake is van sobere stenen Boeddha's, zonder veel tierelantijnen. Boeddha vond de meditatie uit als weg naar mededogen en dat is zijn verdienste. Eigenlijk is het raar om bij een Boeddhabeeld te mediteren.

Mooi wat Gere dan zegt: Alle mensen dragen maskers, maar weinig mensen zijn naakt.U bent nu de journalist, ik ben de acteur. Het masker dient als bescherming en als aankondigng van wie ik ben.
Hat masker als AANKONDIGING van WIE IK BEN. Daar kun je lang op mediteren. Dat wat je doet slechts een aankondiging is. Van wie je bent. Wie ben je?... En kondig je wie je bent altijd aan in wat je doet? Ik denk het niet. Veel maskers zijn besmeurd met bloed, zweet en tranen. Dus ook het ene masker kan tranparanter zijn dan het andere. Als aankondiging van...?

woensdag 20 februari 2013

Cantuus

Het meest verheffende wat een boek kan bewerkstelligen is, dat je er een volstrekt nieuwe wereld mee leert kennen. Gisteren overkwam me dat bij elke bladzijde die ik las in Baltische Zielen van Jan Brokken. De ondertitel is: Lotgevallen in Estland, Letland en Litouwen. Dat waren voor mij totale terra incognita. Ja, het ligt daar 'ergens' Noordelijk, bij Rusland ofzo. Is het daar dichtbevolkt...? Ik zag alleen maar toendra-achtig gebied voor me en koud water in ijzige zeeën. Veel cultuur kon ik me daar niet bij voorstellen: Muziek? Literatuur? ... geen idee.

Nu blijkt dat in Riga, in Letland, er een uitgeverij en boekhandelaar was, Janis Roze, die in 20 jaar tijd 820 boeken uitgaf, waarvan er 2 miljoen werden verkocht, een literaire en acedemische boekhandelaar die volgens zijn dochter kunstenaar had moeten worden en die vele Art Nouveau kaften zelf ontwierp. 15 boekhandels had hij, sommige deftig en op stand. In de tijden van het Communisme en Stalinisme is hij gedeporteerd en in 1942 is hij in een kamp gestorven aan honger en uitputting. Maar zijn kleinzoon runt nog steeds dezelfde boekhandel, al gebeurt het nu vanaf een bescheiden zolderverdieping.

En nu ben ik erachter gekomen dat Arvo Pärt een Estlander is! Ik dacht dus een Scandinaviër. Ofzo. Jan Brokken beschrijft dat hij in de Schouwburg van Riga, dat ook een lange muzikale traditie heeft, Richard Wagner was er drie jaar muzikaal en artistiek directeur van de Opera, opeens rechtop in de stoel ging zitten bij de klanken van Cantuus, van Arvo Pärt, geschreven ter nagedachtenis aan Benjamin Britten.Het duurt 5 minuten, maar in zijn beleving 5 keer zo lang. Het begint met klokgelui em daarna zetten de strijkers in. Van ijl en hoog naar diep, diep, de allerlaagste tonen die mogelijk zijn.

Brokken schrijft: ...alsof ze alle mannen, vrouwen en kinderen betreuren die wegegvoerd zijn naar de strafkampen in Siberië, de slagvelden van de Tweede wereldoorlog of de concentartiekampen van de nazi's (....) met een voortdurend herhaald motief dat het verglijden van het leven verklankt. Voor de laatste noten, de diepste, de allerdiepste, moeten de cellisten zich helemaal over hun instrumenten buigen. Het is dan alsof ze een bloem of een handje aarde in een graf werpen.

Ik had Cantuus toevallig op een cd staan. Ik luisterde voor het eerst met de wetenschap dat dit dus Baltische muziek is en de Baltische staten een pijnlijke geschiedenis kennen waar licht en donker elkaar telkens hebben afgewisseld. Uit die genen, uit dat geslacht komt Arvo Pärt: zijn zoeken naar verstilling, naar plekken die het menselijk gewoel overstijgen, komt ook voort uit een volk van zoekende, verlangende zielen. Ik luisterde en was meteen klaarwakker. Wakker: alert. Hier wordt tijd een levenstroom die aanzwelt en afzwakt, en die tegelijkertijd, als je mee in de beweging gaat, pijn en onmacht overwint en blijft en duurt.