woensdag 31 oktober 2018

Leemkuileffect voor Venetië?

Binnen één week tijd is de immense kuil, waar speeltuin de Leemkuil haar naam aan heeft te danken, het is een kuil geworden omdat de Romeinen daar het leem delfden, dat ze via een ingenieus systeem naar de oevers van de Waal en omstreken brachten, zo heb ik me laten vertellen, die kuil dus, die in de droge zomer helemaal geërodeerd was, alles brokkelde weg, die kuil heeft nu gelaagde terrassen.

Houten rondingen, met daarin aarde die naar mest  geurt, alles aangestampt en daar dan weer een zandlaag op en weer aarde en toen ik wegging stond er een grote vrachtwagen die groene grasmatten uitlaadde. Volgende week is die kuil veranderd in een zee van groen en kun je je alvast voorstellen hoe het volgend seizoen mensen er hun picknickkleden op uitspreiden en in verdiepingen relaxen. De droge kuil, deels al afgezet met hekken op het einde van het seizoen, bang voor instortingsgevaar, is veranderd in een groot groen zit- en lig-kussen.

Ondertussen staat 75% van Venetië onder water. Ik visualiseerde dat eerst de hoogte in, dat drie kwart van Venetië nu onder water is en dus al een gezonken stad is. Maar bedoeld is de oppervlakte waar je nu nog maar voor een kwart droge voeten houdt, men waadt nu door de straten en steegjes, de kades zijn verdwenen. Ik zag nog wel enkele vaporetto’s, maar hoe moeten die aanmeren? Hoog water, aqua alto, kent men in Venetië wel: er worden hogere houten looppaden gebouwd, zodat je de stad toch kunt doorkruisen. Maar zo erg als het nu is, is het nog nooit geweest, de looppaden zijn verwijderd wegens instortingsgevaar. Ik meende op een filmpje te zien dat er wel een brug is gebouwd aan het begin van de Canal Grande, naar de, na de San Marco, meest bekende kerk, dewitte suikertaart koepelbasiliek, de Santa Maria della Salute. Waarom? Toch om de toeristen te blijven bedienen?

Ik vind het heel bevredigend om oude ijzeren onderstellen van picknickktafels van een frisgroen kleurtje te voorzien, lekker in het herfstbos wat schuren en verven, en de werklui lijken ook al wat verguld met het resultaat dat komt: handwerk is leuk, je ziet het verschijnen. Maar in mij is er een terugkerend refrein: alleen maar omdat alles voor handen is, goede aarde, groene graszoden, verf, kwasten, schepwagens...

In Venetië staat het project Moses door corruptie stil. Bedoeld is om in de lagune een soort van grote deuren te bouwen, onderwaterbarrières, zodat het zeewater gereguleerd binnen kan stromen. Als het daar nou niet lukt om alles met elkaar te regelen, kan Venetië dan werkelijk verdwijnen? Omdat ik de binnenstad van Venetië weleens met mijn eigen hersenpan vergelijk,vrees ik een soort van Alzheimer, een vervaging van wat er ooit was. Terwijl ik hoop op het Leemkuil-effect.

dinsdag 30 oktober 2018

This is the first day-vaccinatie

Ik dacht dat ik ze allemaal opnieuw zou moeten krijgen, maar had dus wel al besloten: dan moet het maar: vaccinaties voor als je verder weg dan Europa op reis gaat. Eventjes vond ik het ook van de gekke, tekenend voor mijn zéér geprivilegieerde staat in de wereld: vluchtelingen beuken tegen de grenzen aan van het rijke Westen en ik reis vrij rond en laat me dan ook nog inenten tegen de enge ziektes die elders heersen... ik plak een beschermlaagje over mij heen, om hopelijk ongedeerd weer in het hygiënische westen te arriveren.

Onbeschermd gaan reizen is ook onverantwoord, zowel voor jezelf en anderen, dat er ouders zijn die weigeren om hun kroost te laten inenten, is ook het je terugtrekken in je eigen kleine wereldje en zo  is het niet:  elke griepgolf laat zien dat wij op lichamelijk niveau met elkaar  verbonden zijn. Dit jaar werd me ook voor het eerst de griepprik aangeboden, naar die laat ik dit jaar maar overgaan, ook omdat dit levend organisme dat ik ben, zich juist verplaatst naar andere delen van de wereld.

Vandaag bleek dat alle vaccinaties nog geldig waren,  op de Dtp-prik na, die tien jaar geldig blijft. Maar al die anderen, waar ook 10 jaar bijstond of zelfs 30 jaar, ze zijn levenslang geldig verklaard. Voortschrijdend inzicht van de wetenschap, zei de verpleegkundige. Eerlijk gezegd begrijp ik niet goed hoe, ik krijg het niet logisch beredeneerd, het kan toch niet zo zijn dat een aanzienlijk aantal mensen na 10 jaar of 30 jaar bewust geen herhaalprik heeft gehaald terwijl ze zich willens en wetens toen wél hebben blootgesteld aan ziektes? En dat al die mensen nu dan dood zijn, ‘gewoon’, dus niet bezweken aan een tropische ziekte?

Het geeft een soort van tevreden en voldaan gevoel, dat ik nooit meer van mijn leven vaccinaties hoef te halen, behalve misschien over 10 jaar die dtp-prik. Alsof je lichaam ergens in heeft geïnvesteerd terwijl je daar zelf niks voor hebt hoeven doen. Waarom weet ik niet, maar het  liedje this is the first day of my life van Bright Eyes kwam in mij op. Het is één van de liefste en aanstekelijkste filmpjes die ik ken: je ziet allerlei mensen met koptelefoons op, op dezelfde bank in dezelfde kamer, luisteren naar dit liedje.

O, ik weet het ineens: de woorden ‘voldaan’ en ‘tevreden’ en ‘aanstekelijk’ . En dat je er niks voor hoeft te doen om in zo’n staat te geraken. Een staat waarin alles mogelijk is: This is the first day of your life: leven als een reis die elke keer begint bij de eerste voetstap. 

maandag 29 oktober 2018

Google Earth

En nu is het pas half zes en zo ongeveer donker!  Begin januari, toen ik mijn nieuwe leven in ging van nog geen 10 uur per week in de buitenlucht werken, had ik mij voorgenomen om van de maandag een studiedag te maken. Mij opsluiten in huis achter mijn tafel met de boeken om mij heen. Ik heb meerdere genoeglijke dagen beleefd, rondom poëzie, Noorse mythologie en de woestijnvaders, o.a. Maar toen werd het die onwaarschijnlijk mooie zomer en nazomer en werd het: lezen-in-één-boek-in-stoel-in-zon-of-hangmat.

Vandaag was de eerste dag die zich er weer voor geleend zou hebben: een studie-object. Maar deze dag cirkelde zich rondom Tenerife; hoe kom ik van het vliegveld op camping (34 minuten lopen met alle bagage naar een bushalte of is er toch een halte dichterbij?) Waar is er campinggas te koop? Per mail al begrepen dat dit 5 kilometer verderop is bij een benzinestation, maar nu toch ook gelezen, mijn vraag is allang op een forum ergens gesteld, dat het in alle Ferreteria kan, hardware stores en de dichtstbijzijnde blijkt een half uurtje wandelen van de camping Montana Roja. 

Het is eigenlijk ook een soort van studieobject, maar dan een levende werkelijkheid waarin ik me straks zal droppen en dat via Google Maps en Google Earth en dat snelle internet dichtbij te halen is. Je kunt zelfs een buskortingskaart aanschaffen, een app daarvoor downloaden en er saldo opladen. Dit is het nieuwe reizen: in Londen bracht het ook versnelling: in plaats van te moeten puzzelen hoe je ergens komt, geeft Google Maps je zó de eerste drie opties, met detailkaarten hoe je er exact moet komen.

En ondertussen was ik ook weer een beetje in Londen, door het boek van Aminatta Forna De Paradox van Geluk. Ook hier met Google Earth diverse plekken bekeken. En dat is zo grappig, want je springt zo van Tenerife weg het heelal in en dan zoomt het in, op bijvoorbeeld Waterloo Bridge, waaromheen ik meerdere malen geflaneerd en gezeten heb, omdat er een boekenmarkt onder is. En ik keek nu ook even hoe Monet die geschilderd heeft, zoals in het boek verteld wordt.

En in de schemer heb ik er een vos gezien, weet ik nu. Er schoot iets langs mij, op de trappen naar boven langs het National Theatre en ik dacht toen: Hé? Is dat een grote poes, omdat die zo verend en harig liep, nee kan niet, poezen zijn niet zo groot, maar een hond klopte ook ergens niet met de proporties, veel te lage pootjes. En dan wil het toeval dat dit boek begint op de Waterloo Bridge en een vos en Jean, die stadsbioloog is en onderzoek doet naar stadsvossen in Londen. 

Ik geniet daar wel van: dat je geest op meerdere plekken is, in zeer korte tijd. En op en neer kan switchen, van het ene naar het ander. Naar plekken die echt bestaan, waar ik geweest ben en waar ik nog zal komen. Zo heel anders dan de reis in de binnenwerelden, zoals die in de theologie en de spiritualiteit ondernomen worden. Maar zoals het boek Prediker zegt: Er is voor alles een tijd... En het is nu kwart over zes en buiten is het pikdonker; tijd voor weer wat anders: een afwas en het koken van een maaltijd.

zondag 28 oktober 2018

Jas aan knaapje

De laatste twee dagen ‘schrik’ ik, als ik naar mijn kleine halletje loop. In het donker denk ik dat er dan iemand in de gang staat en bij licht schiet er door mij heen, hé, wie is er op bezoek? Beetje maf. Dat krijg je als je gezusterlijk gaat shoppen. Kom je ineens thuis met een teddyberen winterjas en een grote sjaal, dubbel gedrukt met aan de ene zijde een panterprint en aan de andere kant op zwart, kleurige bloemen. Dit is voor het eerst sinds wellicht 20 jaar dat ik een nieuwe winterjas heb aangeschaft en dan ook nog met het accessoire sjaal’.

Nadere inspectie van de jassen in de hangkast bij de elektriciteitsnet en gas en watermeter leert mij dat alle andere jassen ooit tweedehands zijn aangeschaft, zoals die zware donkerblauwe houtje-touwtje-jas, de lange beige ’sjamanenjas’, zoals iemand die ooit noemde, bekleed met nepbont en nu met uitgescheurde zakken, die deftige ‘begrafenisjas’ Burberry’s wool & camelhair en o, dan ook nog de oude winterjas van Vader, een echte Alpen loden zegt het vignet.

Tegenwoordig is het wel in om tweedehandskleding te kopen, dat heten nou allemaal vintage-boetiekjes, eerder was het alleen maar een teken dat je een armeluismens was. Anoniem snuffelen in eindeloze rekken en bergen kleding vond ik wel leuk, dat was als strandjutten, maar nu heeft de winkel al voorgesorteerd, sjieke merkkleding hangt al in aparte rekken. Dus nu vind ik het weer leuk om in outlet-winkels te snuffelen. Ik leerde ook over dit nieuwe concept: de pop-up winkel, waar ik mijn teddyberenjas kocht.

De eigenaar van deze zaak, zo vertelden de twee dames in de winkel, gaat veel shoppen met zijn vrouw door heel Europa heen. Daar heeft hij adressen, waar werkelijk van alles te vinden is en hij vraagt regelmatig aan hen, wat hij nu mee moet nemen. Horen zij in de winkel bijvoorbeeld dat mensen zoeken naar iets van leer, dan komt hij ermee terug. Hij heeft nu vier zaken, in Breda, Leiden, Arnhem en Den Bosch, hij huurt een pand, zolang de voorraad strekt en doekt het ook zo weer op. Zo blijft hij flexibel met weinig vaste lasten.Mijn sjaal komt dus niet uit China, zoals ik suggereerde, is in ieder geval in Italië of Parijs ingekocht.

In een outletzaak bij mij in het winkelcentrum vond ik al snuffelend een glanssatijnen hemdje met een plooirand onder, het model doet denken aan mijn kleuterballetpakje, met dat motief waarheen ik allang getrokken wordt en wat ik associeer met het merk King Louise, voor kleurige linkserige yuppenvrouwen. Op de Noordermarkt in Amsterdam is daar op de zaterdag een kraam waar, als ik er ooit eens kom, in weer en wind flink gegraaid wordt. Het is een motief met fladderende kolibries tussen de bloemetjes, op een zachtroze-beige ondergrond.

‘Komt al dit spul uit China?’, vroeg ik en weer leverde het een inkijkje op in de wereld van de kleding. Nee, het kwam werkelijk overal vandaan, winkels die failliet waren verklaard, overschotten uit magazijnen en dat van jou is een sample, daarom staat er geen maat en geen merk in.’  Dit zijn dus kledingstukken die naar allerlei vertegenwoordigers van merken worden verzonden en als ze het dan aankopen, pas dan wordt het kledingmerk erin genaaid. En dan blijven er dus ook samples over en die gaan weer naar zo’n outletshop.

Incognito kun je er dus héél dure kleding treffen. Dit is dus voor mij het nieuwe strandjutten naar kleding. Ik vermoed toch dat er dan een tussenbedrijf is van Chinese afkomst, die weer op zoek gaat naar dit soort partijen, de kledinglabels eruit haalt en er een eigen labeltje aanhangt, wat dan zoveel zeggen wil, denk ik, als: gezien en behandeld.

Mijn jas-met-sjaal aan het knaapje is voor mij ook een soort van symbolische jas, ik kom ermee op een ander terrein, dan in mijn ‘kloosterperiode’. Gisteren had ik zin om erin te flaneren, zoals de flaneur vroeger in de toen nieuw verzonnen overdekte winkelpassages in Parijs. Al die andere jassen is meer voor weer en wind buiten als niemand je verder ziet of voor de heel enkele keer als ik netjes moet verschijnen. Deze is meer voor mensenogen bestemd, en allereerst de mijne: ik voel me er een beetje damesachtig in, maar met de kraag hoog opgestoken tot mijn oor, ook een beetje gangsterachtig. Die mengeling bevalt me wel.

donderdag 25 oktober 2018

Maagonderzoek, de heilige Rita

Het is kwart voor  drie in de middag en vandaag doe ik het ‘rustig aan’ Binnen met mijn wansie aan, als zwarte hond. Gisteren heb ik namelijk in de ochtend iets verkeerds gegeten: zelfgemaakte rijstebrij  met melk, suiker, kaneel en een klontje roomboter,van een restje rijst. Ik vond het al een beetje bitter smaken, maar dacht toch dat het verbeelding was. Een uurtje later had ik al een tosti in de wafelmaker gezet, even nog een steviger bodem eten leggen, alvorens in de speeltuin het onderstel van een picknicktafel rood te gaan verven, zo was mijn plan,  en werd ineens heel misselijk.

Juist ja, de rijstebrij kwam er in drie vloedgolven uit. Nog steeds dacht ik stoer, nog wel naar de speeltuin te kunnen, een kwartiertje later dan maar, en toen kwam ook dat ene aardbeitje, dat ik voor de smaak op mijn gehemelte opgezogen had, er uit. Uiteindelijk ben ik niet gaan werken, lag een groot deel van de middag ziek, zwak en misselijk op de bank. Zelfs een slokje water gaf mij maagkrampen. Dus in mijn wansie, vroeg half onder de wol gekropen en ik keek naar Abeltje, een gezellige kinderfilm en las verder in Zielsverduistering, een literaire thriller van Ruth Rendell, waar ik, toen ik mij eenmaal afmeldde op mijn werk in begonnen was.

Één kopje thee ging ook nog naar binnen. Ik dommelde af en toe half hallucinerend, koortsachtig in, maar had desondanks wel honger. Even overwoog ik een soepje te gaan maken, maar nee, het volgend slokje water viel weer verkeerd... Wat een rare bewustzijn toestand. Ik rook plotseling heel scherp allerlei geuren in huis. Je lichaam en daaraan dus ook ook gekoppeld je geest, is ook een chemische fabriek, die je op vreemde paden kan brengen, zwangere vrouwen kunnen dacht ik, ook last hebben van allerlei geurtjes.

Ik had bij Vimeo een leuk filmpje gezien over de drie astronauten die als eerste mensen, de aarde op een afstand in de immense ruimte hebben gezien, en de opkomst als het ware van de aarde, zoals voor ons de zon en de maan opkomen. De aarde als een blauwe marmeren bolletje: daar woon je dan, zo bijna onbereikbaar ver weg. Vannacht droomde ik dat ik tussen dampende schotels met voedsel stond,  ik herinner me vooral de geurige soto van mijn oma, en dat ik daarboven uit getrokken werd, alles een draai maakte en vervormde tot één bal en ik daarboven zweefde en er niet bij kon...

Dus vanochtend op gestaan, wansie aan en slokje voor slokje koffie gedronken en hapje voor hapje de tosti van gisteren gegeten, en een aardbeitje, steeds wachtend of mijn lichaam het zou accepteren. Ja, dus, maar niet te veel tegelijk. Ik maakte een sober venkel-appeltjes-soepje en voelde na een half kommetje de omtrekken van mijn maag en die zeiden: Genoeg! Ondertussen las ik De Heilige Rita van Tommy Wieringa, die zo had ik nog wel bij Pauw, halfversuft, meegekregen, genomineerd is voor de NS Literatuur Prijs. Ik had het al weggelegd omdat ik toch niet zo’n zin had in een grensdorp ergens in de Achterhoek. 

Uiteindelijk sloot het naadloos aan  bij mijn wankele existentie van de dag, de Heilige Rita, patroonheilige van de hopeloze gevallen. Zo’n dorp, klaar om als krimpgemeente van de aardbodem te verdwijnen, bevolkt met Russen, Chinezen, mannen die op seks-vakantie gaan in Thailand en de Filippijnen en hun troost zoeken bij een hoerenbordeel vol buitenlandse meisjes in de buurt, die hun leven lang wonen in de tering en de nering van hun ouders, die hun geld verdienen met curiosa en militaire spullen uit de tweede Wereldoorlog en het voormalige Oostblok, wiens horizon niet verder komt dan het plaatselijk biljart... Dat daalt wel in als je eigen horizon geheel verweven is met het onderzoek of je weer kan eten en drinken.

dinsdag 23 oktober 2018

Werklust

Er is definitief een andere tijd aangebroken in de speeltuin. Ik kwam aangelopen en er zijn al graafmachines bezig om het terrein op te kalefateren, het talud dat helemaal weggesleten is weer op te heffen. Van een bedrijf van buiten, die weer hun intrek hebben genomen aan de ronde riddertafel, met hun grote lunchboxen en broodtrommels. Ze komen net allemaal binnen voor de eerste broodmaaltijd die naar binnen geschoven wordt.

Er is geen collega-beheerder te bekennen. Welk klusje zal ik mij zo meteen toedichten? Ik denk dat ik maar iets ga schilderen. Ik zou niet weten wat anders. Al het blad en eikeltjes, enzovoort, het mag nu allemaal blijven liggen . En dan ergens in januari al dat natte blad weer opscheppen en weg kruien, zo begon ik vorig jaar. De mannen om mij heen zijn zwijgzaam en kauwen op hun boterhammen.

En toen werd het toch nog een verrassend gesprekje. Een collega van hen reist nu de hele wereld rond. Hij heeft een tweede huis in Finland, waar zijn vrouw woont met haar kinderen. De ene keer zie je hem op Facebook gehuld in een berenvel in Alaska en dan weer in een uithoek van Argentinië. Of op een  Chinese bruiloft, een teken dat hij dus echt wel goed met mensen kan opschieten, anders wordt je niet uitgenodigd. Zijn laatste klusje was bij een rijke oliemagnaat. Deze had een jacht waaraan een uitschuifbaar paneel, waarmee hij met zijn jetski’s zo het water op kon. Maar hij vond dat te lang duurde, dat moest sneller kunnen. En toen werd hij ingevlogen. 

Hoe dat zo is gekomen? Nou, hij was altijd al handig met hydraulische dingen, reparaties aan hijskranen en zo. Toen heeft hij een opleiding gedaan om leraar te worden en de directeur van die technische school ging naar het bedrijfsleven en heeft hem meegenomen. Dat soort technische bedrijven hebben contacten over de hele wereld. Er zijn dus bijna geen mensen, die als er iets kapot gaat, het direct kunnen repareren. Met een koffertje met gereedschap en zijn laptop reist hij nu over de wereld.
Hij was altijd al een Einzelgänger, zeggen ze. Je moet het ook maar kunnen, zo’n leven als een vrijgezel, ik zou na twee dagen gek worden, zegt eentje. En die vrouw is ook zo, want wie wil er nou in de bossen van Finland het grootste deel van het jaar helemaal alleen leven?

Ik vind het wel een leuk verhaal en heb ondertussen de rode verf klaargemaakt en ga nu nu maar eens aan de slag.

zondag 21 oktober 2018

Fluister mijn naam

Ik had zonet een merkwaardige ervaring. Ik scrolde wat langs tekstjes en dacht: Hé, dat is wel aardig gezegd. Bleek  mijn eigen naam eronder te staan! Ik realiseer me dat ik dergelijke tekstjes  nooit meer maak, omdat er geen aanleiding meer voor is. M. met wie ik meer dan acht jaar elke maandagochtend mediteerde, heeft in de vastentijd voor Pasen vorig jaar de meditatie, die in haar huis plaatsvond, opgezegd.

Per mail. Na eerst per mail aangekondigd te hebben tot na Pasen in retraite te willen gaan, dus in die periode haar huis niet open te willen stellen. Oké, dacht ik. Uit die retraite kwam vlak voor Pasen het resultaat: ze zegde het op. Ik heb hier dus iets fundamenteels gemist, want ik dacht dat er met haar, ook buiten de meditatie, een groeiende vriendschap gaande was. Gaandeweg heb ik het maar mijn autistische inslag genoemd.

De laatste keer dat ik haar zag, om te gaan  mediteren, zei ze vlak van te voren iets dat aanvoelde als passieve agressie. En dat terwijl ze twee dagen ervoor nog bij me op bezoek was geweest om een dvd op te halen, die ze graag wilde zien. Ik klapte  dicht en ben naar huis gegaan. Na alles enige maanden later per mail opgezegd te hebben en natuurlijk heb ik nog met een mail geprobeerd het tij te keren, wist ik dat ik in mijn haast mijn schriftje met teksten nog bij haar had achtergelaten. Dat schriftje vond ik in mijn brievenbus toen ik terugkeerde uit Oerol, waarvan zij wel weet dat ik daar jaarlijks heen ga...

Enfin. Hoe het mogelijk is om wekelijks rond  hooggestemde woorden bij elkaar te komen en dat dit dan zo eindigt... Zoals zoveel in de kerk en kloosters gebeurt: de buitenkant vol ‘heiligheid’ zegt niks over wat er zich achter de schermen afspeelt. Ik vond mijn tekstje in de seizoenaflevering van deze herfst met inspirerende teksten die M. voor de kerk samenstelt, deze keer met het motto: De weg terug vinden. ‘Dat zou mooi zijn’, denk ik daar dan bij. Dit is het tekstje:

Fluister mijn naam

In de stilte
rimpelen de woorden
als een zachte bries over het water
ze tasten, verwijlen, verdwijnen
het water wordt glad 
als een spiegel
ik zie mezelf aan
fluister mijn naam
liefde en licht mij gegeven
geroepen om te bestaan.