zondag 1 februari 2026

Strandleven in Mumbai

Dit was wel grappig. Ik lag languit op het strand, zit er ineens een jongen gehurkt bij mij met zijn mobiel, of nee, dat heet ‘smartphone’ weet ik sinds kort. ‘Madame, madame, this is my brother, say hello to my brother’. Een lachend gezicht kijkt mij vanaf het schermpje aan, dus ik zwaai en zeg hallo. Ongeveer tien minuten later kwam hij weer aanrennen: ‘this is my friend, say hello to my friend!’ Dus ik weer: Hello! en hij draaft weer weg. Ik zie dat hij helemaal razend enthousiast met zijn telefoon in de weer blijft. 
Hij lijkt op mezelf: ik heb nu ook voor het eerst een smartphone omdat ik erachter kwam dat je zonder deze niet makkelijk een Uber kunt bestellen. Van de tijd dat ik hier ‘vastzat’, zeven jaar geleden alweer, herinner ik mij dat het Internet toen al beter was dan in Nederland. Het is over het hele land in alle uithoeken uitgerold en voor de Indiërs tamelijk goedkoop. Dus een dag voor mijn vertrek heb ik er eentje aangeschaft.

Toen ik aankwam, wat later op de middag, was het nog tamelijk rustig, er hing zo’n Zondagse opgewektheid. Binnen een uur tijd werd het drukker en drukker en bij zonsondergang was het stampvol. Ik  nam zomaar wat foto’s vanuit mijn liggende positie van voorbijgangers. Twee jongens kwamen pink aan pink naar mij toe lopen, ik moest mijn iPad nog openklappen, te laat, ze waren al voorbij, ik maakte toch een foto en ze hadden wel door dat hun presentie mij actief had gemaakt, ze keken om.
Een vrouw zat er alleen in haar boerka.

Véél verkopers: Chai! Chai!, een klein kopje kruidige zoete thee dus, chips, hapjes die voor je neus worden klaargemaakt, ijs, fruit, bellenblazers, enzovoort.
Er hing een gezellige levendige drukte.

Ik ging naar de hoek met de eettentjes, ik had me voorgesteld om daar op de rieten matten van eerder  te gaan eten. Maar die waren weggehaald. 


Ik vond een plekje waar ik met mijn rug tegen een boom leunde, vlak naast de man die mijn Marsala Dosa had klaargemaakt. Op het strand was het ondertussen donker, maar nog steeds druk.


Als toetje nam ik een Falooda, een drankje dat aan het Indonesische Tjendol doet denken, maar ook niet echt. Bovenin blokjes, dat heel compact ijs bleek te zijn, erin sliertjes pudding, ze kunnen ook vol met nootjes, en veel gekleurde blokjes, zitten, er is een variant met rozensmaak, maar ik nam de simpelste variant met alleen pistache.