Ik was mijn iPad vergeten, dus geen enkele foto van deze dag. Het had ook wel wat om met mijn handen achter de rug te slenteren, die IPad in mijn handen is een soort van derde oog geworden en een verlengde van mezelf. Gedachteloos maak ik foto’s, pas later als ik er collages van maak, weet ik waarom en wordt het een verwerking van de dag.
Nu zit alles in mijn hoofd, op deze tjokvolle dag, qua beleving. Ik vertrok hier en er kwam een andere appartement bewoner, uit de andere ingang, naar buiten, 46 per voordeur, en ze zei: It looks like you are gonna have a cool day! Zij moest werken en we wensten elkaar een fijne dag.
De dag eindigde weer in de chaos van metro en bus, nog steeds die herstelwerkzaamheden door de week, en ik reisde samen met een vrouw die twee haltes na mij thuis zou zijn. Ze had een rolwagentje vol boodschappen bij zich, het zijn speciale vierkante karretjes, die je nét ook alleen de trappen op en af kan trekken en duwen. Ze had de hele dag besteed aan het vinden van zo goedkoop mogelijke boodschappen her en der. Ze was van mijn leeftijd en bij aanvang van de busrit weigerde ze de door meerderen aangeboden zitplek. Op het laatste eindje in de metro zei ze nu tóch wel blij te zijn dat ze zat. Ik was als eerste gauw de wagon in gegaan, om de plek naast mij voor haar te reserveren. Aanvankelijk wilde ze ook geen hulp voor het meetillen van haar wagentje, maar later hielp ik haar, de trappen op en af, met name nadat een jongeman kennelijk het wagentje van haar had afgepakt en het zó weer boven op het perron zette, zag ik omdat ik voorop liep. In dat laatste stukje train liet ze zien dat ze een diepe snee in twee vingers had, gemaakt door het snijden van een kip, die ze op 2 July klaar aan het maken was voor de feestdag van 4 July. Achteraf had het eigenlijk gehecht moeten worden, het mes was zó diep gegaan, ze liet mij een foto zien en het bloedde en bloedde en ze was alleen thuis geweest. Ik rilde en gruwelde met haar mee, nee ze was niet flauwgevallen.
Ik had zelf ook eens zoiets meegemaakt; the only thing you can say to yourself is: Calm down! ‘Right you are’, antwoordde ze. Ook had ze vorig jaar oktober een zwelling in haar bovenarm gehad, eerst was er een enorme snee gemaakt en toen werd het er operatief uitgezogen, ze liet me de littekens zien. Ik was bijna bij mijn halte, waarschuwde ze me. I will see you again, zei ze stellig, have a good summer, take care! Take care!, beaamde ik.
Ik was naar twee tentoonstellingen geweest in The Met, de ene ging over het onstaan van de gothische architectuur, net ná de verschrikkelijke 14 e eeuw, waarover ik aan het lezen ben, Frankrijk was oppermachtig geworden met een eigen paus die in Avignon zetelde en uit hun koker kwamen dus die kathedralen. West Europa had dus een donkere tijd, o.a. door de pest en op een tentoonstelling die ging over de schilderkunst zag ik dat in die 14 e eeuw er alleen werk hing van Italiaanse meesters, zoals Giotto. De Nederlandse schilderkunst kwam pas in de eeuwen erna op gang.
De andere, net geopende tentoonstelling, ging over de schilderkunst van Nanjing in de 17e eeuw. Wauw! , die stilte die wordt weergegeven! Opnieuw werd ik mijn eigen verleden ingeslingerd: ik was 15 jaar, voor het eerst in het buitenland met een vriendin, logerend bij haar tante, die net buiten Londen woonde. In het British Museum zag ik soortgelijke kunst, ik werd meegevoerd, totaal lyrisch van de kaart,ik kon mijn ogen er niet vanaf trekken, ik moest nogmaals terug er riskeerde daarmee een ruzie met die vriendin, die de resterende dagen wilde besteden aan winkelen op Oxford Street. Ik bén er terug geweest, alleen.
Na mijn al ontstane liefde voor de Japanse cultuur op de lagere school, begon hier mijn liefde voor de Chinese schilderkunst.
En nu realiseerde ik mij, dat de stilte waarin ik adem in mijn boshuisje allereerst dit is: die ene mens die vaak wordt afgebeeld, temidden van bossen en bergen, bij een riviertje, een bloem of bij bamboe… pas later kwamen daar de gedachten over ‘een kluis’ bij, zoals die in de christelijke traditie vorm werd gegeven.
Daarna lag ik eerst in een kom van gras en oude bomen in het Central Park, veel vogeltjes, het geluidsniveau van het verkeer was ongeveer nul, en daarna bezocht ik mijn geadopteerde boom, die zuidelijker, dichterbij de stad ligt. Voor mijn neus lag een steen met glitters, alsof die er als een
geschenkje van welkom was neergelegd.
En toen naar Bryant Park, voor de eerste filmavond van deze zomer. Omdat ik net twee stukken pizza en een blikje cola had gescoord voor $ 4,99 en al veel gelegen had, zocht ik een tafeltje met stoeltje aan de zijkant van het gras en vond een plekje naast een Chinese vrouw van mijn leeftijd, die mij tipte dat je gratis een zak popcorn kon gaan halen, later een gesprekje begon met de vraag wat mijn favoriete fruit is en meteen al haar mond vol had over ‘God’; dat wij voor hem allemaal even belangrijk zijn, dat al dat heerlijke fruit met al die smaken, door hem verzonnen was. Op haar T-shirt zag ik dat zij hield van Jeruzalem en er waren Hebreeuwse letters op een etuitje en een armband. Ik was eigenlijk wel benieuwd, maar haar Engels was nauwelijks verstaanbaar voor mij, dus ik liet het gaan.
Na de film vroeg ik wat ze ervan vond, I have to think about it…there were some good things in it.
Ik vond het ook een merkwaardige, ook grappige en originele film.
