Burgemeester Mamdani geeft als tip om als eerste, wanneer je in New York aankomt, te gaan naar The Museum of the City of New York, naar de grote maquette van Joe Macken. Ik was er op mijn laatste dag en het is indrukwekkend. Hij heeft er 21 jaar aan gebouwd in de avonduren en zijn vrije tijd, hij is vrachtwagenchauffeur. Uit liefde voor de stad. Zijn dochter die haar hele leven haar vader niet anders dan daarmee bezig zijnde kent, vond dat hij er wat mee moest doen en plaatste een filmpje op TikTok en dat werd heel snel één miljoen keer bekeken.
Pas daarna was het als geheel te zien in het museum: The Man who build New York City, zo heet hij nu. Hij heeft het wel gedaan met de vrijheid om een gebouw waar hij niks mee had, weg te laten en zowel The Twin Towers als de nieuwe Freedom Tower er te laten zijn, want van de eerste twee heeft hij sterke herinneringen dat hij er als kleine jongen omheen liep.
Nu wandelt hij langs zijn eigen maquette en je voelt iets van zijn zorgvuldigheid van kijken, die passie voor de stad. Ondertussen ben ik op véél plekken geweest. Al doende leerde hij bouwen, uit liefde voor New York, alles is van hout. Het Vrijheidsbeeld maakte hij niet, en die heeft hij zelf ook nog nooit bezocht (ik ook niet), dat doen New Yorkers niet, zegt hij daarover. Gewoon in zijn woning de hele stad overzien…vanuit één punt…
Ik ontwaakte, lag dus nog in bed en dacht aan dit gevoel, hoe ik ook kan visualiseren hoever mijn domein vanuit hier reikt; alle bossen eromheen tot en met het Park de Hoge Veluwe. Het komt voor dat ik een week niet wandel, en tóch ben ik er, overal.
De wereld in je dragen, of zelfs letterlijk máken zoals Joe Macken, vanuit één punt. Stiekem hoop ik, dat wanneer ik minder mobiel wordt, deze wijze van beleven bij me zal blijven. Ik luister nu voor het eerst weer naar CD’s, meegenomen uit mijn stadshuis. Net toen ik merkte een aantal ervan te missen, vond ik hier een cd-speler. Nu luister ik naar een cd uit de verzameling van Ouders, die ik willekeurig indertijd heb ingepakt.
Er is muziek, en ik blijf nu hangen bij Thomas Tallis (1505- 1585), die ook vertrekt van én verwijlt bij één punt.




