woensdag 6 mei 2009

Rupsenrace

Wat was het toch mooi om een kind te zijn... dat dacht ik, na weer eens een dagje Nichtje en Neefje meegemaakt te hebben. De hele dag besteden aan het vangen van dikkopjes achter uit de sloot, over het houten klimparcours met een vlot dat je met een touw, zelf bestuurt...

Nóg een keer het boekje ZOOM en het wéér leuk vinden, een boekje dat begint met een rode hanenkam en steeds meer uitvergroot. Hanenkam wordt haan, boerderij, kinderspeelgoed, affiche, op een tijdschrift, op een reclameschildering van een cruiseboot op een bus in New York, naar een tv-toestel van een cowboy in de woestijn, een postzegel op een eilandje in de stille zuidzee, de wereldbol, het heelal, naar niks.

Spelen en spelen, Ligretto, Uno, met een disk gooien, even een vlieger uit uitproberen en je nooit afvragen wat de Zin is van al dat gespeel. Spelen is leven en leven is spelen en ergens weten we als we groot worden dat er iets waarachtig en heel levendwekkend is, in zomaar-het-spel.
Wacht even, in spelletjes wordt ook de competitiedrift en de winnaarslust gekweekt. Monopoly en Risk: leren bezitten en leren oorlogje voeren. Nou ja. Die driften zitten in de menselijk genen, dus sommigen moeten er wel wat mee, kennelijk, en al op heel jonge leeftijd.

Het laatste spelletje dat we deden heette Rupsenrace. Zó simpel: ieder krijgt 7 halve bolletjes die als je ze op tafel legt,tezamen een rupsje vormen. Er is een start en een finish en elke beurt mag je kiezen of je 4, 5, 6, of 7 stapjes vooruit doet. Als twee spelers hetzelfde aantal stapjes kiezen, mogen beide ze niet doen.

Of je kiest voor X en dan mag je naast een aantal stapjes zetten, die anderen nog niet doen, oók de finish veranderen door die aan één kant die te laten draaien. Tot bijna 360 graden om de eigen as. Dit alles vraagt dus een mensenkennis omtrent je medespelers: zijn ze hebberig, voorzichtig of roekeloos? Zetten ze hun tactisch inzicht in, als ze dat al hebben?

Wie goed kan visualiseren, begrijpt nu dus, dat die finish telkens veranderen kan, zodat een rupsje dat al heel dichtbij is, ineens aan de achterzijde van de finish belandt en zich in allerlei bochten moet wringen om weer op het rechte spoor te komen. Totdat jijzelf of een ander de finish wéér verandert.

Nichtje wilde het eerst niet spelen want ze vond het sloom en melig. Dat is wellicht zo. Er zit geen vaart in, met dat bolletjes verzetten en het einddoel dat steeds van richting verandert is ook niet erg efficiënt. Nichtje heeft snelle en efficiente genen in zich en ze heeft een winnaarsmentaliteit.

Rupsenrace is meer iets voor de Meligen onder de mensheid. En de Slomen. Degenen die het wel best vinden om met elkaar een beetje langzaam op te trekken, waarbij de finish een bijzaak is. Héél geschikt voor het menssoort dat ik zelf ben. Maar let op: Snelheid is niet alles. Rupsen worden Vlinders, dat zit weer in hun genen, en ze genieten van hun metamorfosetijd.