Met rolkoffer en overige bagage vanuit de frisse airco-Flixbus in het bloedhete Nijmegen…poeh! Even als rustpauze in het buurtbibliotheekje kijken en vind daar mijn ideale zomerdetective, een al jarenlange traditie, eentje nu van Elisabeth George. Dat is goed toeven in mijn schaduwrijk oerwoudtuintje, op een nieuwe zitplaats, helemaal achterin, naast het Boeddahbeeldje, op een rieten stoeltje nog uit mijn ouderlijk huis. Zéér krakkemikkig maar om sentimentele redenen nooit weg kunnen doen; heel vroeger toen ik nog een kleuter was, zat ik hierin, samen met Broer.
Er is overal altijd ergens … schaduw, is nu het criterium met code oranje, tot nu toe was het criterium dat er overal altijd wel ergens zon is. Nu is er de regelmatig terugkerende advertentie op de TV om een groene tuin te creëren, ik was de tijd dus ver vooruit met mijn stadstuintje. Géén mussenkolonie meer, maar ergens in de laurierkers moet een nest van koolmeesjes zitten, ik hoor af en toe jong getjilp en ik zie ouders met eten in hun snaveltjes.
Ook al is de berkenboom weggesaneerd en de kastanjeboom gemillimeterd, ook de voortuin blijft beschut.
Bij de halteplaats in Dortmund, valt voor het eerst deze beeldenpartij op, waarschijnlijk door het geluid van klaterend water. Merkwaardig beeld, die vrouw, waarom is het geen man?, vrouwelijk naakt lijkt de buitenruimte weer te moeten versieren.
Ik was in Venetië zoveel bloeiende struiken gewend: de Duitse steden bevatten langs de weg en in de plantsoenen alleen maar getrimde groene struiken,; Ordnung muss wesen.
In Nederland is het al gewoon geworden om in de bermen overal wilde bloemen te zaaien en ook de parken hebben een gevarieerde aanplanting.
Bij de grenscontrole, ook een korte blik op het aangeharkte Oostenrijk, vroeg in de ochtend.
Het heeft ook wel wat, 21uur onderweg zijn en de veranderingen in het landschap ondergaan. Je overgeven aan almaar zitten, het vertraagt.
Dit was mijn laatste blik vanaf het Lido, de vaporetto kwam aanvaren.






