zaterdag 28 maart 2020

Drie heimwee-liedjes

Ik kreeg er een traan van in mijn ogen: bij het liedje Turn!Turn!Turn! dat Ilse DeLange zong in de laatste DWDD. Op verzoek van Matthijs van Nieuwkerk zelf en die gaf als reden dat het paste bij het programma, de wereld die draait, draait, draait. Zou hij zelf niet door hebben, hoe erg het past in deze Corona-Tijd? Het zijn de woorden uit het Bijbelse boek Prediker, hoofdstuk 3. Het is op muziek gezet door de folkzanger Pete Seeger, maar een hit geworden door The Birds.



Prediker is een van de weinige Bijbelse boeken die voor iedereen toegankelijk is omdat God er niet zo erg in voorkomt. Het is al in de derde eeuw voor Christus geschreven. Jammer eigenlijk dat de titel van het boek in het Nederlands ‘Prediker’ is, want daar klinkt nog ‘preken’ in door, terwijl in het Hebreeuws het ook verzamelaar, gespreksleider, filosoof, leraar betekent, kortom iemand die vanuit een bepaalde ervaring met anderen daarover in gesprek wil gaan en wil delen... Het leven is lucht en leegte zegt hij, alles gaat voorbij, hang niet teveel aan alles  waarvan je denkt dat je het hebt, alsof het van jou is...

En er is dus een tijd voor alles: voor lachen en huilen, om geboren te worden en te sterven, oorlog  en vrede... de mooiste regel is nu: er is een tijd om te omhelzen en een tijd om daar afstand van te nemen... En ook: een tijd om stenen te verzamelen en een tijd om ze weg te gooien... De hele modus van de mensheid staat nu op stilstand, op thuis en bij jezelf blijven... zó gek dat het de hele mensheid treft die zo lang stond in de modus van vooruitgang, altijd bezig, wat resulteerde in het woord 24-uurs-economie.

En in dit kielzog kwam ik op YouTube nog twee andere liedjes tegen: Catch the Wind van Donovan, een liedje dat vroeger de counterpart was van Blowing in the Wind van Bob Dylan en Donovan was de lieve zoete flower-power en Dylan de maatschappijkritische en profeet, dus de eerste was voor de leuk, en Bob Dylan opende werelden. Maar nu zingt hij het op rijpere leeftijd in een duet met Crystal Gayle en het is precies het gevoelen van deze Corona-tijd: het verlangen om bij anderen nabij te zijn: but I may as well try and catch the wind... Het kan en mag nu niet en het virus is vooralsnog ongrijpbaar als de wind.


Tja, en dan keer ik terug bij mijn old time-favoriet Paul Simon: hij zingt zijn oude liedje Homeward Bound in een Zweedse live-show Skavkan. De titel ervan is nu natuurlijk erg toepasselijk: we zijn gebonden aan huis, maar het gaat over het verlangen om thuis te zijn: bij zijn toenmalig liefje, nog helemaal in het begin, 50-60 geleden, blijkt uit het voorgesprekje. Hij zat op een treinstation in Liverpool, zij was in Londen. Voor mij heeft het iets magisch: het moment dat hij zijn gitaar pakt, te midden van  jongere glamour-gasten met pakken aan met een goede snit en naaldhakken, die in hun beleving misschien vooral zitten bij een oude man, weliswaar beroemd, maar niet horend bij hun muzikale geheugen.



De eerste klanken klinken en hij zuigt mij terug naar een kleine kamer bij een vriendin met wie ik een taak Latijn had: we moesten in de zomervakantie hele lappen tekst vertalen die ging over de Via Appia in Rome, om van de tweede naar de derde klas van het Gym te mogen. Haar broer had twee LP’s van Simon & Garfunkel en die draaiden we ter ontspanning. Ik had meteen drie favoriete liedjes: Bridge over trouble Water, Sound of Silence en Homeward Bound. Het verlangen om thuis te komen,  en thuis te zijn is oud en universeel. Het komt mij voor dat ook de twee dames in de stoelen tegenover hem langzaam maar zeker op drift raken, een beetje weg uit hun vanzelfsprekende comfort-zone, zoals de hele wereld, nu...